De regering moet wetenschappelijke inzichten gebruiken om referentiewaarden voor de natuur op zee vast te stellen. De huidige waarden zijn gebaseerd op het verleden. Door klimaatverandering en nieuwe soorten is de natuur op zee echter blijvend veranderd. Bij de BISI-methode (een manier om de natuur op zee te beoordelen) moet de regering daarom rekening houden met deze verandering.
Motie van het lid Grinwis c.s. over bij het vaststellen van referentiewaarden voor natuur op zee uitgaan van wetenschappelijk onderbouwde inzichten
De kamer,
constaterende dat er discussie is ontstaan over de wetenschappelijke
onderbouwing van referentiewaarden in de BISI-methode om de toestand
van de natuur op zee te beoordelen;
overwegende dat deze referentiewaarden vaak zijn gebaseerd op
historische (maximum)waarden, terwijl ecologische omstandigheden
door onder meer klimaatverandering en invasieve soorten blijvend zijn
veranderd;
verzoekt de regering bij het vaststellen van referentiewaarden voor natuur
op zee uit te gaan van wetenschappelijk onderbouwde inzichten, en
daarbij expliciet rekening te houden met veranderende ecologische
omstandigheden.
Argumenten voor: De partij wil biodiversiteit behouden en ecosystemen veerkrachtiger maken [3]. Er wordt erkend dat natuur in beweging is en dat klimaatverandering de kwetsbaarheid van flora en fauna vergroot [1]. Bovendien pleit de partij voor een integrale aanpak waarbij natuurherstel samenhangt met klimaat- en milieubeleid [4] en wil de partij het onderzoek naar de effecten van menselijke activiteiten op het zeeleven en het bodemleven versterken [2].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"De ChristenUnie ziet het als onze opdracht om goed te zorgen voor Gods schepping. De huidige staat van de natuur in Nederland baart ons grote zorgen: soorten verdwijnen in rap tempo, natuurgronden verzuren door stikstofuitstoot, flora sterft af door aanhoudende droogte en vervuiling tast kwetsbare gebieden aan. Natuur is altijd in beweging, maar wordt door klimaatverandering extra kwetsbaar. Droogte, overstromingen en temperatuurveranderingen hebben steeds meer invloed op flora en fauna. Sommige dieren trekken naar andere gebieden toe. In het natuurbeleid moet hier rekening mee gehouden worden, door niet alleen te focussen op behoud en herstel, maar ook op natuurontwikkeling. Daarbij is een gezonde bodem en een veerkrachtig watersysteem van levensbelang: voor huidige en toekomstige generaties, dieren en planten. Daarom komt er een integrale aanpak voor natuurherstel, gericht op het tegengaan van versnippering, vermesting en verdroging."
"Vissers staan voor forse uitdagingen. De eeuwenoude visserijtraditie verdient een eerlijke doorstart, met een goed verdienmodel, rechtszekerheid en in goede samenhang met de natuur. Nederland staat in Europa en tegenover het Verenigd Koninkrijk op voor de belangen van deze sector. Daarom geven we niet op als het gaat over pulskorvisserij, waarbij vis veel duurzamer wordt gevangen dan met de boomkor. De aanlandplicht moet flexibeler worden om daadwerkelijk bij te dragen aan een gezonde zee. Vissers worden actief betrokken bij de ontplooiing van activiteiten op zee, zoals windmolenparken. Medegebruik van deze ruimte door vissers wordt mogelijk gemaakt. Bestaande visserijgebieden worden niet gesloten. Via gerichte nieuwbouwen ombouwsubsidies wordt geïnvesteerd in een toekomstbestendige CO2-neutrale vloot. We staan voor goed rentmeesterschap ter zee, daarom verscherpen we en handhaven we internationale afspraken over overbevissing, omgang met bijvangst en 'spookvistuig' (het verliezen van netten en lijnen). Onderzoek naar het werkelijke effect van moderne visserij op vissoorten en zeeen bodemleven wordt versterkt."
"We willen biodiversiteit behouden en versterken, en onze ecosystemen veerkrachtiger maken. Boeren en natuurorganisaties worden beloond voor het onderhoud van landschapselementen en het beheer van soorten en leefgebieden. Nationale Parken en overige natuur met unieke internationale waarde worden juridisch beter beschermd. Ook buiten natuurgebieden versterken we de kwaliteit en biodiversiteit van de omgeving. Gaswinning onder de Waddenzee wordt stopgezet. Invasieve exoten, zoals de Amerikaanse rivierkreeft en Japanse duizendknoop, worden gericht aangepakt omdat ze een bedreiging vormen voor onze biodiversiteit. Om soorten in stand te houden, maken we natuurgebieden robuuster en stiller. Het Natuurnetwerk Nederland wordt voltooid met speciale aandacht voor bosaanplant, kruidenrijk grasland, houtwallen en moerassen. Boeren krijgen hierbij een duidelijke rol, ondersteund met passende vergoedingen voor het beheer. We maken meer werk van het beschermen van trek- en weidevogels, in het bijzonder onze nationale vogel: de grutto. De aanleg en beheer van infrastructuur wordt zoveel mogelijk natuurinclusief. Dit wordt een criterium in aanbestedingen."
"Soms lijkt het alsof stikstof het enige probleem is voor de natuur. Dat is niet zo. Beleid om Nederland van het slot te krijgen, moet zich daarom niet eenzijdig richten op stikstofreductie maar integraal op natuurherstel en -ontwikkeling in samenhang met klimaat-, water- en milieubeleid. Zoals een nieuwe rentmeester zorgt voor hetgeen hem is toevertrouwd. Zie hierover verder paragraaf 6.2 'Gezonde natuur'."