De regering moet vaste opvanglocaties voor asielzoekers realiseren. Noodopvang is namelijk veel duurder dan gewone opvang. Door over te stappen op vaste locaties kan de overheid bijna 1 miljard euro per jaar besparen. Daarnaast is vaste opvang beter voor de gezondheid en de integratie van asielzoekers in de samenleving.
Motie van het lid Struijs over streven naar het realiseren van vaste reguliere opvanglocaties
De kamer,
constaterende dat een reguliere opvangplek circa € 31.900 per jaar kost en
een noodopvangplek circa € 64.300, een verschil van € 32.400 per plek
per jaar;
constaterende dat in 2024 41% van de opvanggerechtigden in
noodopvang verbleef;
constaterende dat het vervangen van nood- en crisissituatienoodopvang
door vaste opvanglocaties naar schatting bijna 1 miljard euro per jaar kan
besparen;
overwegende dat vaste opvanglocaties goedkoper en stabieler zijn dan
tijdelijke noodopvang;
overwegende dat vaste opvanglocaties bijdragen aan meer veiligheid,
betere fysieke en mentale gezondheid van asielzoekers en betere
mogelijkheden voor participatie en integratie in de lokale gemeenschap;
verzoekt de regering in de toekomst maximaal te streven naar het
realiseren van vaste reguliere opvanglocaties;
verzoekt de regering de Kamer hierover periodiek te informeren.
Argumenten voor: De partij wil specifiek meer investeren in langdurige opvangvoorzieningen [1]. Daarnaast zet de partij in op kleinschalige en mensgerichte trajecten voor inburgering [2], wat aansluit bij het streven naar stabiele opvangomstandigheden.
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen het realiseren van vaste opvanglocaties te stemmen.
Bronnen:
"Eerlijke verdeling van de opvang van vluchtelingen in Nederland. DENK wil meer investeren in langdurige, kleinschalige opvangvoorzieningen door heel het land. De Spreidingswet moet behouden blijven. We hebben ook oog voor de draagkracht van de omgeving bij opvang. Dit doen wij door opvang zo kleinschalig mogelijk te organiseren en door het samen met de omgeving op te zetten."
"Meer geld voor inburgering. Gemeenten krijgen structureel meer middelen om kleinschalige, taalrijke en mensgerichte trajecten in te kopen. Wij zetten ons in om de werkdruk van taalcoaches en klantmanagers te verlagen om zo ruimte te maken voor echte begeleiding."