De regering moet in de Europese Unie strijden voor een eerlijkere verdeling van het Sociaal Klimaatfonds. Nederland krijgt nu veel te weinig geld uit dit fonds vergeleken met de EU-begroting. Ook moet Nederland niet minder ontvangen dan het zelf bijdraagt via ETS2 (een systeem voor de prijs van CO2-uitstoot).
Motie van de leden Ceulemans en Van den Berg over aanpassing van de verdeelsleutel zodat Nederland niet minder uit het Sociaal Klimaatfonds ontvangt dan dat het bijdraagt
De kamer,
constaterende dat het Sociaal Klimaatfonds een maximale omvang heeft
van 65 miljard euro voor de periode van 2026 tot en met 2032;
constaterende dat Nederland volgens de huidige verdeelsleutel slechts
1,11% uit dit fonds ontvangt, zijnde maximaal 720 miljoen euro;
constaterende dat Nederland, uitgaande van een aandeel van 6,27% in de
EU-begroting, bij een evenredige verdeling aanspraak zou maken op zo’n
4 miljard euro;
constaterende dat het kabinet aangeeft dat nog niet vaststaat welk bedrag
Nederland via ETS2 aan het Sociaal Klimaatfonds zal bijdragen;
verzoekt de regering zich in EU-verband in te zetten voor aanpassing van
de verdeelsleutel, zodat Nederland niet minder uit het Sociaal Klimaatfonds ontvangt dan het via ETS2 en overige bijdragen aan dit fonds
bijdraagt.
Argumenten voor: De partij stelt dat de kosten en baten van klimaatactie eerlijk verdeeld moeten worden, zowel op nationaal als op internationaal niveau [3]. Daarnaast beschouwt de partij klimaatbeleid als sociaal beleid en vindt zij dat de principes van rechtvaardigheid bij de transitie essentieel zijn [2][3].
Argumenten tegen: De partij stelt dat Nederland als grootvervuiler en voormalige koloniale mogendheid een historische verantwoordelijkheid heeft om bij te dragen aan klimaatoplossingen [1]. Een motie die gericht is op het maximaliseren van de eigen opbrengsten uit Europese fondsen zou in strijd kunnen zijn met het principe van internationale solidariteit en de plicht om de meest kwetsbare landen te ondersteunen [1][2].
Bronnen:
"Klimaatrechtvaardigheid. De landen in het mondiale Zuiden dragen het minst bij aan de klimaatcrisis maar lijden er het meest onder. Nederland heeft als voormalige koloniale mogendheid en als grootvervuiler een historische verantwoordelijkheid. Wij dragen méér bij dan de internationale afspraken van ons verwachten en erkennen dit als een kwestie van herstel wegens onze historische verplichtingen, niet van liefdadigheid. Daarom investeert Nederland structureel in het Klimaatschadefonds én zet zich in voor herstelbetalingen voor regio's en mensen die getroffen zijn door de klimaatcrisis. Een belangrijk deel hiervan is het drastisch verminderen van het grondstoffenverbruik in het mondiale noorden."
"Klimaatrechtvaardigheid. We staan voor een grote verbouwing van Nederland. De aanpak van de klimaat- en natuurcrises zal effect hebben op hoe we wonen, werken, reizen en eten. Daarmee is klimaatbeleid ook sociaal beleid, en daarom stellen wij klimaatrechtvaardigheid centraal. De rekening hoort bij de grote vervuilers te liggen, niet bij mensen die het minste bijdragen aan klimaatverandering. Dit principe passen we zowel nationaal als internationaal toe. Zo grijpen we de klimaattransitie aan om de brede welvaart te vergroten - met gezondere lucht, een betaalbare energierekening, goed en lokaal voedsel, een comfortabele woning, en eerlijke, duurzame ontwikkelingskansen."
"Solidariteit als uitgangspunt. Klimaatbeleid werkt alleen als het eerlijk is. Nu profiteren vooral mensen met geld die gebruik kunnen maken van subsidies voor een auto of warmtepomp. Maar voor veel mensen zijn die opties onbereikbaar. We helpen hen af te dwingen dat vervuilers, verhuurders en werkgevers hun verantwoordelijkheid nemen. Solidariteit geldt ook internationaal. De winning van grondstoffen die nodig zijn voor onze energietransitie moet daarom duurzaam, eerlijk en rechtvaardig plaatsvinden. Zo verdelen we de kosten en baten van klimaatactie eerlijk, nationaal en internationaal."