De regering moet duidelijke regels en eisen maken voor de toegankelijkheid van gebouwen, diensten en digitale informatie. Veel zaken zijn nu niet toegankelijk en organisaties weten niet hoe ze dit moeten verbeteren. Dit is nodig voor volledige deelname aan de samenleving en om te voldoen aan het VN-verdrag Handicap (een internationale afspraak voor mensen met een beperking).
Motie van het lid Vliegenthart c.s. over een kader van normen, minimumeisen en stappen om aan het VN-verdrag Handicap te voldoen
De kamer,
constaterende dat gebouwen, (digitale) dienstverlening, voorzieningen,
informatie en werkplekken te vaak niet toegankelijk zijn;
constaterende dat veel personen, bedrijven en organisaties niet weten
hoe zij hun informatie, dienstverlening en voorzieningen toegankelijk
kunnen maken;
overwegende dat toegankelijkheid een randvoorwaarde is voor
volwaardige deelname aan de samenleving en een verplichting vanuit het
VN-verdrag Handicap;
verzoekt de regering om te komen tot een breed toegankelijk en praktisch
toepasbaar kader waarin per sector, waaronder de overheid, het
onderwijs, het bedrijfsleven en aanbieders van digitale diensten, helder
wordt aangegeven welke normen en minimumeisen gelden en welke
stappen verwacht worden om aan het VN-verdrag Handicap te voldoen;
verzoekt de regering om de Kamer over de voortgang te informeren voor
het einde van 2026.
Argumenten voor: De partij wil betere toegankelijkheid voor mensen met een beperking, bijvoorbeeld in gebouwen [1]. De partij ziet de overheid als verantwoordelijk voor de implementatie van het VN-verdrag Handicap [1] en wil dat het Rijk actief drempels wegneemt en uitsluiting voorkomt [2]. Daarnaast streeft de partij naar het wegnemen van fysieke en sociale drempels om deelname aan de samenleving mogelijk te maken [3][4].
Argumenten tegen: Er zijn in de verstrekte tekst geen argumenten te vinden die tegen de motie indruisen.
Bronnen:
"We willen betere toegankelijkheid voor mensen met een beperking zoals in het openbaar vervoer, op de arbeidsmarkt en in gebouwen. Zowel de gemeente, de provincie als het Rijk zijn verantwoordelijk voor de implementatie van het VN-verdrag en dienen hier maatregelen voor op te nemen in hun eigen beleid."
"Het Rijk heeft een voorbeeldfunctie en toetst actief het eigen beleid op uitsluiting, vooroordelen en het wegnemen van drempels. De overheid draagt bij aan bewustwording en transparantie."
"We nemen fysieke, sociale en financiële drempels weg die mensen met een beperking belemmeren deel te nemen aan sport."
"In een fatsoenlijk land staat niemand werkloos langs de kant. We zorgen dat iedereen kan meedoen in onze samenleving."