De Kamer moet geen specifiek verbod instellen op verzoeken om een vergadering te onderbreken vanwege de ramadan of andere religieuze tradities. Het Reglement van Orde (de regels van de Kamer) biedt hiervoor al voldoende bescherming.
Motie van het lid Ergin over uitspreken dat er geen specifiek verbod dient te komen op schorsingsverzoeken in verband met de ramadan of andere (religieuze) tradities
De kamer,
constaterende dat ordevoorstellen, waaronder schorsingsverzoeken, al
door de Kamer en commissie kunnen worden beoordeeld;
overwegende dat het Reglement van Orde daarvoor voldoende
waarborgen biedt;
spreekt uit dat er geen specifiek verbod dient te komen op schorsingsverzoeken in verband met de ramadan of andere (religieuze) tradities.
Argumenten tegen: De partij verwacht een neutrale opstelling bij publieke uniformberoepen waarbij geen ruimte is voor religieuze uitingen [1].
Bronnen:
"Neutrale uniformdragers. In de uitstraling van de politie en andere publieke uniformberoepen verwachten we een neutrale opstelling. Dat betekent dat er geen ruimte is voor zichtbare uitingen van politieke of religieuze overtuiging."