De regering moet onderzoeken of het studentenreisproduct (de reisvergoeding voor studenten) een brede mobiliteitskaart kan worden. Goed bereikbaar onderwijs is erg belangrijk. Extra vervoersmiddelen, zoals deelfietsen en deelscooters, helpen studenten om makkelijker bij hun school te komen.
Motie van de leden Van der Plas en Tseggai over onderzoeken hoe het studentenreisproduct kan worden doorontwikkeld tot een bredere mobiliteitskaart
De kamer,
overwegende dat goed bereikbaar onderwijs essentieel is voor studenten,
in het bijzonder in de regio;
overwegende dat aanvullende vervoersmogelijkheden, zoals ov-fietsen,
deelfietsen, deelscooters en andere vormen van gedeelde mobiliteit,
kunnen bijdragen aan de bereikbaarheid van onderwijsinstellingen;
verzoekt de regering te onderzoeken hoe het studentenreisproduct kan
worden doorontwikkeld tot een bredere mobiliteitskaart, waarbij ook
aanvullende vervoersvormen worden betrokken.
Argumenten voor: De partij wil de bereikbaarheid van voorzieningen, zoals in dorpen en buitenwijken, verbeteren via het openbaar vervoer [2]. Zij willen bezuinigingen op het OV terugdraaien en inzetten op goedkopere kaartjes [2]. Daarnaast pleiten zij voor investeringen in schoon en slim vervoer [1] en willen zij dat deelfietsen op elk station beschikbaar zijn [3]. Ook het streven om ervoor te zorgen dat elke regio voldoende openbaar vervoer en onderwijsvoorzieningen heeft, ondersteunt de motie [4].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen het verbeteren van de bereikbaarheid of het uitbreiden van mobiliteitsopties voor studenten pleiten.
Bronnen:
"Samenleven betekent verbonden zijn. Mobiliteit brengt mensen bij elkaar. Op bezoek bij familie, naar het werk of de vereniging. Maar Nederland dreigt vast te lopen. Bussen worden wegbezuinigd, de treinen puilen uit en de snelwegen staan vol. Om heel Nederland bereikbaar te houden, zijn investeringen in infrastructuur voor schoon en slim vervoer noodzakelijk. Duurzaam vervoer moet gestimuleerd worden en onnodig verkeer voorkomen."
"Er dreigt een kaalslag in het OV: buslijnen verdwijnen, ritten worden steeds duurder. We willen dorpen, buitenwijken en voorzieningen beter bereikbaar maken met het openbaar vervoer. We draaien de bezuiniging op het openbaar vervoer terug en stellen in navolging van de Bikker-gelden 300 miljoen euro per jaar beschikbaar voor versterking van het aanbod van busvervoer en goedkopere kaartjes. Er komt een landelijk netwerk van frequente snelle busverbindingen tussen middelgrote steden. We zetten ons in voor een structurele verbetering van het doelgroepenvervoer, inclusief het leerlingenvervoer."
"De fiets moet een aantrekkelijker alternatief blijven voor de auto. Een fijnmazig netwerk van wandel- en fietspaden is daarvoor noodzakelijk. Daarom investeren we jaarlijks 200 miljoen euro in verkeersveiligheid en fietsinfrastructuur. Er komen meer fietsenstallingen bij OV-knooppunten en in binnensteden. Op elk station zijn deelfietsen beschikbaar."
"Investeringen van het Rijk moeten meer bijdragen aan sterke regio's. Het Rijk stelt met regiodeals geld beschikbaar om de kwaliteit van leven, wonen en werken in de regio te verhogen. Uitvoeringsorganisaties van het Rijk worden door heel het land gevestigd. Elke regio heeft genoeg OV, zorg- en onderwijsvoorzieningen en krijgt hiervoor geld van het Rijk. Zo houden we gebieden leefbaar. We behouden de toeslag voor kleine scholen. Hogescholen krijgen geld om kleine en kwetsbare opleidingen in de regio overeind te houden. We houden posten voor spoedeisende hulp en andere vormen van acute zorg open door het hele land."