Zorgplicht voor casemanagers bij dementie

De regering moet met zorgverzekeraars en de NZa (Nederlandse Zorgautoriteit) overleggen over de plicht om genoeg casemanagers voor dementie in te zetten. Nu worden deze hulpverleners vaak te laat ingeschakeld. Dit zorgt voor zwaardere zorgvragen en te veel druk op mantelzorgers.

Motie van het lid Van Brenk over overleg over de zorgplicht voor voldoende casemanagers dementie

De kamer, constaterende dat er signalen komen dat casemanagers dementie onvoldoende worden ingezet of zelfs ontslagen worden, omdat zij niet passen in de integrale bekostiging wijkverpleging; constaterende dat ook uit de Dementiemonitor blijkt dat casemanagers vaak pas te laat worden ingezet, terwijl dit al zou moeten vanaf de «niet pluis»-fase; overwegende dat casemanagers wel een heel belangrijke functie hebben voor zowel mensen met dementie en mantelzorgers als voor andere zorgverleners en dat te late inzet leidt tot zwaardere zorgvragen en extra druk op mantelzorgers; verzoekt de regering in overleg te gaan met de zorgverzekeraars en de NZa over de zorgplicht voor voldoende casemanagers dementie.
24 juni | 50PLUS | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een veilige en passende woonomgeving voor mensen met dementie, inclusief de nodige zorg en toezicht [1][2][3]. Ook wil de partij de druk op mantelzorgers en huisartsen verlichten [1][2][3]. Daarnaast pleit de partij voor integrale zorgverlening en wil zij voorkomen dat keuzes in de zorg worden beïnvloed door de verschillende financieringsstromen van de wijkverpleking en de Wlz [4]. Ook wil de partij wijkverpleging meer naar de Wlz overhevelen om de toegang tot zorg te verbeteren [5].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om tegen het waarborgen van voldoende casemanagers voor mensen met dementie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Herstel toegang Wet langdurige zorg (Wlz) voor ouderen met lichte zorgzwaarte. Sinds 2015 zijn ouderen met een lichte zorgzwaarte-indicatie (VV2 en VV3) uitgesloten van de Wlz. Daardoor komen zij vaak in de knel: te veel zorg voor zelfstandig wonen, te weinig voor intramurale opname. BBB wil deze toegang herstellen. Mensen met lichte vormen van dementie of andere ouderdomsproblematieken verdienen een veilige en passende woonomgeving, met zorg en toezicht in de nabijheid. Door VV2 en VV3 weer onder de Wlz te brengen, zorgen we voor rust, duidelijkheid en een waardige ouderenzorg. Deze maatregel brengt weliswaar additionele kosten met zich mee, maar levert veel (meer) op in menselijke waardigheid en ontlasting van mantelzorgers en huisartsen."
  2. "Herstel toegang Wet langdurige zorg (Wlz) voor ouderen met lichte zorgzwaarte. Sinds 2015 zijn ouderen met een lichte zorgzwaarte-indicatie (VV2 en VV3) uitgesloten van de Wlz. Daardoor komen zij vaak in de knel: te veel zorg voor zelfstandig wonen, te weinig voor intramurale opname. BBB wil deze toegang herstellen. Mensen met lichte vormen van dementie of andere ouderdomsproblematieken verdienen een veilige en passende woonomgeving, met zorg en toezicht in de nabijheid. Door VV2 en VV3 weer onder de Wlz te brengen, zorgen we voor rust, duidelijkheid en een waardige ouderenzorg. Deze maatregel brengt weliswaar additionele kosten met zich mee, maar levert veel (meer) op in menselijke waardigheid en ontlasting van mantelzorgers en huisartsen."
  3. "Herintroductie van verzorgingshuizen (in nieuwe stijl). Sinds 2015 hebben ouderen met een lichte zorgzwaarte geen toegang meer tot zorg in een instelling, zoals voorheen geregeld was met de verzorgingshuizen (ook wel bejaardenhuizen genoemd). Daardoor komen zij vaak in de knel: te veel zorg voor zelfstandig wonen, te weinig voor opname in een verpleeghuis. BBB wil de verzorgingshuizen terug laten keren, in een vernieuwde vorm die past bij de ouderen van nu. Mensen met lichte vormen van dementie of andere ouderdomsproblematieken verdienen een veilige en passende woonomgeving, met zorg en toezicht in de nabijheid. We creëren 60.000 zorggeschikte woningen met gemeenschappelijke ruimtes, en trekken geld uit voor een 'naober' die een paar dagen in de week activiteiten organiseert en de sociale spil in de gemeenschap vormt. Daarnaast trekken we geld uit voor het realiseren van een zorgvorm die in deze woningen geleverd kan worden zoals dat in verzorgingshuizen gebeurde, passend bij de meer zelfstandige oudere van nu. Deze maatregelen brengen weliswaar hoge kosten met zich mee, maar levert veel (meer) op in menselijke waardigheid en ontlasting van mantelzorgers en huisartsen."
  4. "Soepele overgang van zorg thuis naar zorg in verpleeghuis. De verschillende financiering van niet Wlz-geïndiceerde wijkverpleging (zorgverzekering) en verpleeghuis (Wlz) kan leiden tot keuzes rond zorg die niet in het belang zijn van degene die zorg ontvangt. Daarom moet worden bezien hoe oneigenlijke keuzes vanwege de financiering worden voorkomen en zodoende een integrale zorgverlening plaatsvindt die niet het stelsel dient maar de mensen om wie het gaat."
  5. "Zorg meer centraal organiseren: wijkverpleging naar de Wlz. De afgelopen jaren is gebleken dat de wijkverpleging onder de Zorgverzekeringswet steeds moeilijker beheersbaar wordt qua uitgaven en toegang. BBB wil daarom een deel van de wijkverpleging overhevelen naar de Wlz."