De regering moet Zorginstituut Nederland opdracht geven om in het Generiek kompas (een informatiebron over zorg) objectieve en vergelijkbare informatie over zorgkwaliteit te brengen. Nu is de kwaliteit van thuiszorg vaak onvoldoende. Ouderen hebben volgens de wet recht op goede informatie, zodat zij zelf een goede keuze kunnen maken tussen verschillende zorgaanbieders.
Motie van het lid Van Brenk over in het Generiek kompas uitkomstinformatie opnemen over de geleverde kwaliteit van zorg
De kamer,
overwegende dat er jaarlijks 20 miljard aan ouderenzorg wordt
uitgegeven;
overwegende dat de IGJ concludeert dat de kwaliteit van de extramurale
ouderenzorg vaak onvoldoende is;
overwegende dat cliënten vanuit de Wet kwaliteit, klachten en geschillen
zorg recht hebben op vergelijkbare informatie over geleverde kwaliteit van
zorg, zodat de cliënt een weloverwogen keuze kan maken tussen
verschillende zorgaanbieders;
overwegende dat de kwaliteitsbeelden vanuit het Generiek kompas dit
niet bieden;
verzoekt de regering Zorginstituut Nederland opdracht te geven in
gesprek te gaan met kompaspartijen, de Patiëntenfederatie en het
Senioren Netwerk Nederland om binnen het Generiek kompas te komen
tot objectieve, vergelijkbare uitkomstinformatie over geleverde kwaliteit
van zorg.
Argumenten voor: De partij streeft naar een zorgstelsel waarin kwaliteit en de behoeften van de mensen centraal staan [1][2]. Het verkrijgen van objectieve informatie over de geleverde kwaliteit helpt om die kwaliteit te waarborgen [2]. Bovendien wil de partij de zeggenschap terugleggen bij de mensen die de zorg nodig hebben [1], wat aansluit bij het verzoek om patiënten- en seniorenorganisaties te betrekken bij het verbeteren van de informatievoorziening.
Argumenten tegen: De partij wil de markt uit de zorg halen en de zorg weer publiek maken [1][2]. Een motie die zich richt op het vergelijken van verschillende zorgaanbieders om cliënten een keuze te laten maken, kan worden gezien als een versterking van marktwerking, wat in strijd is met het uitgangspunt dat de zorg geen markt mag zijn [1].
Bronnen:
"De zorg is geen markt. Dat wat van ons allemaal is, horen we niet over te laten aan commerciële cowboys. Door de markt uit de zorg te halen kunnen we de behoeften van mensen weer centraal zetten. In plaats van te bezuinigen gaan we weer investeren in een zorgstelsel dwat van ons allemaal is en waar we samen zeggenschap over hebben. We breken de macht van bedrijven en leggen de zeggenschap weer waar hij hoort: bij de zorgverleners en de mensen die zorg nodig hebben. Niet winstcijfers en bureaucratie, maar kwaliteit en toegankelijkheid komen centraal te staan. We verhogen de lonen en verlagen de werkdruk. Zo geven we zorgverleners het respect dat zij verdienen, een passende beloning en maken we dit onmisbare vak weer aantrekkelijk. Door te investeren maken we zorg beschikbaar in elke regio, zonder wachtlijsten, dichtgetimmerde loketten of verdwenen voorzieningen. Door collectief te organiseren en bekostigen, zorgen we dat zieke mensen zich kunnen richten op beter worden in plaats van rekeningen betalen. Zorg is van ons allemaal en moet weer dichtbij, betaalbaar en publiek worden."
"De zorg wordt weer publiek. We organiseren de zorg samen, zonder markt. Zo garanderen we goede kwaliteit en wordt het goedkoper. We stoppen met aanbestedingen, verbieden budgetplafonds, verbieden winstuitkering in de zorg, ziekenhuizen worden niet gefinancierd op basis van verrichtingen en we halen financiële belangen van bestuurders uit zorginstellingen. Zorgbestuurders en verleners verdienen nooit meer dan de ministerpresident. Geld voor zorg gaat naar mensen en niet naar winsten, consultants of vastgoedtrucs. Dat betekent meer zorg en minder verspilling, omdat gezondheid altijd voor winstbejag moet gaan."