De regering moet zich blijven verzetten tegen het langer exporteren van WW-uitkeringen (geld voor werklozen) naar andere EU-landen. Een langere periode maakt het moeilijker om mensen naar werk te begeleiden en de uitkeringen te controleren. Daarnaast zorgt dit voor hogere kosten voor de sociale zekerheid.
Motie van het lid Schenk over zich verzetten tegen een verruiming van de exportduur van WW-uitkeringen
De kamer,
constaterende dat in Europees verband wordt voorgesteld de maximale
duur van de export van Nederlandse WW-uitkeringen naar andere
EU-lidstaten te verlengen van drie naar zes maanden;
overwegende dat een langere exportduur van WW-uitkeringen toezicht,
handhaving en begeleiding naar werk bemoeilijkt;
overwegende dat een verruiming van de exportduur tevens leidt tot
hogere uitgaven binnen de sociale zekerheid;
verzoekt de regering zich te blijven verzetten tegen verruiming van de
exportduur van WW-uitkeringen, en de Kamer voorafgaand aan belangrijke besluitvormingsmomenten te informeren over de Nederlandse inzet
en de stand van zaken van de onderhandelingen.
Argumenten voor: De partij wil stoppen met de export van uitkeringen en toeslagen, zodat dit geld in Nederland blijft [1]. Daarnaast vindt de partij dat belastingcenten niet verspild mogen worden, maar besteed moeten worden in Nederland aan de Nederlanders [2]. Tevens wordt gesteld dat de verzorgingsstaat onder druk staat door mensen die profiteren van uitkeringen [3].
Argumenten tegen: Er zijn in het programma geen argumenten te vinden om de export van uitkeringen te verruimen of te steunen.
Bronnen:
"Verder stoppen we met de NPO, met de oneerlijke expatregeling en met de export van uitkeringen en toeslagen. Dat geld blijft in Nederland. En voortaan berekenen we 21% btw over kunst en cultuur."
"Kortom: de PVV zet Nederlanders weer op 1. Stop met de verspilling van onze zuurverdiende belastingcenten. Stop met de export van onze miljarden. Besteed het geld in Nederland, aan de Nederlanders. Het is tenslotte úw geld!"
"Ondertussen bezwijkt onze verzorgingsstaat onder niet-westerse allochtonen die profiteren van onze uitkeringen en woningen. Een derde van de statushouders zit na negen jaar nog steeds in de bijstand; meer dan de helft van de bijstandsontvangers in ons land zijn niet-westerse allochtonen."