De regering moet onderzoeken waarom verschillende instanties de Wet handhaving sociale zekerheid op verschillende manieren toepassen. Als er onverklaarbare verschillen zijn, moet de regering maatregelen nemen om de wet overal gelijk toe te passen. Dit is nodig omdat ongelijkheid het vertrouwen in het systeem schaadt.
Motie van het lid Schenk over monitoren of er sprake is van onverklaarbare verschillen tussen bestuursorganen bij de toepassing van de Wet handhaving sociale zekerheid
De kamer,
constaterende dat de Wet handhaving sociale zekerheid bestuursorganen
meer ruimte biedt om, gelet op de aard en ernst van de overtreding, de
mate van verwijtbaarheid en de persoonlijke omstandigheden van de
belanghebbende, maatwerk toe te passen bij de inzet van handhavingsinstrumenten;
overwegende dat vergelijkbare gevallen zo veel mogelijk gelijk behoren te
worden behandeld;
overwegende dat onverklaarbare verschillen in de toepassing van de wet
tussen bestuursorganen het vertrouwen in het stelsel kunnen schaden en
onder druk zetten;
verzoekt de regering, indien uit monitoring blijkt dat sprake is van
onverklaarbare verschillen tussen bestuursorganen in de toepassing van
de Wet handhaving sociale zekerheid, de oorzaken daarvan te onderzoeken, de Kamer hierover te informeren en waar nodig maatregelen te
treffen ter bevordering van een consistente en rechtsgelijke toepassing
van de wet.
Argumenten voor: De partij streeft naar een betrouwbare overheid die publieke gerechtigheid waarborgt en waarbij zonder aanzien des persoons recht wordt gedaan [2]. Het huidige sociale zekerheidsstelsel wordt als complex en bureaucratisch ervaren, terwijl de koers moet verschuiven naar een systeem dat gebaseerd is op vertrouwen in plaats van wantrouwen [1]. Daarnaast spreekt de partij zich expliciet uit tegen grote verschillen tussen instanties en gemeenten; zo moeten de verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten kleiner worden [4], moeten de kwaliteitsverschillen in de schuldhulpverlening tussen gemeenten worden aangepakt door middel van minimumeisen [5], en is er behoefte aan harmonisering van de ondersteuning bij het kinderopvangtoeslagschandaal [3]. Het onderzoek naar onverklaarbare verschillen in de handhaving om consistentie en rechtsgelijkheid te bevorderen, sluit hiermee direct aan bij de standpunten van de partij.
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten tegen het onderzoeken van verschillen in wetstoepassing of tegen het streven naar een consistente uitvoering van de sociale zekerheid.
Bronnen:
"Ons sociale zekerheidsstelsel is bedoeld als vangnet voor momenten waarop het leven tegenzit: bij werkloosheid, ziekte, arbeidsongeschiktheid of ouderdom. In theorie is dat vangnet stevig, met voor elke situatie een passende regeling. Maar in de praktijk blijkt het systeem vaak complex en bureaucratisch. Het veronderstelt dat mensen in kwetsbare situaties de regels volledig kunnen overzien en doorgronden. De koerswijziging die is ingezet om het systeem menselijker en eenvoudiger te maken, moet worden doorgezet. Naar een sociale zekerheid gebaseerd op een realistisch mensbeeld, waarin niet wantrouwen, maar vertrouwen centraal staat."
"De ChristenUnie wil een overheid die dienstbaar is aan de samenleving en een hoeder van publieke gerechtigheid. De overheid draagt een hoog gezag. We geloven dat ze door God is gegeven tot welzijn van mensen en de opdracht heeft zich in te zetten voor recht, zowel in het Europees als in het Caribisch deel van ons Koninkrijk. Dit vraagt een betrouwbare overheid die kwalitatief degelijke wetgeving maakt en daarbij rekenschap geeft van de kaders van grondrechten, mensenrechten en andere fundamentele waarborgen. Het vraagt ook om een gedragen en stabiele rechtshandhaving en rechtspraak waarin zonder aanzien des persoons recht gedaan wordt. De ChristenUnie verdedigt een rechtsstaat die zijn kracht juist bewijst op de kwetsbaarste plekken."
"Gedupeerde ouders van het kinderopvangtoeslagschandaal snakken naar een einde van hun hersteltraject, dat al vele jaren voortduurt. De ChristenUnie wil daadkrachtige uitvoering van een uniform schadekader, snellere schikkingen op basis van onafhankelijke schade-expertise en harmonisering van de brede ondersteuning voor ouders bij de gemeenten."
"Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiële middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."
"De kwaliteitsverschillen van de schuldhulpverlening tussen gemeenten zijn groot, in sommige gevallen te groot. Er komt daarom een uitbreiding van het kwaliteitskader waarin minimumeisen worden vastgelegd. Dit wordt verankerd in de Wet Gemeentelijke schuldhulpverlening. Mensen met schulden moeten sneller (en in een eerder stadium) geholpen worden met een duidelijk plan met perspectief op een schuldenvrije toekomst. Het sociaal minimum wordt de absolute ondergrens voor beslagleggingen. Samen met de schuldhulpverlener wordt het beste instrument (bijvoorbeeld een saneringskrediet) gezocht dat mensen met schulden zo snel mogelijk rust en perspectief biedt."