De regering moet onderzoeken welke projecten niet meer worden betaald door het afweegkader (de regels om te bepalen welke projecten geld krijgen). Ook moet de regering in kaart brengen welke belangrijke belangen van Nederland hierdoor in gevaar komen. De regering informeert de Kamer daarna over de uitkomsten.
Motie van de leden De Hoop en Grinwis over een lijst van projecten die bij toepassing van het afweegkader niet gedekt zouden kunnen worden
De kamer,
verzoekt de regering om een lijst van projecten op te stellen die bij
toepassing van het afweegkader niet gedekt zouden kunnen worden, in
kaart te brengen welke zwaarwegende nationale belangen hierdoor in het
gedrang komen, deze bevindingen als interdepartementale afweging aan
de ministerraad voor te leggen, en de Kamer over de uitkomst daarvan te
informeren voor de definitieve vaststelling van de prioritering.
Argumenten voor: De partij bekritiseert de huidige systematiek van doorrekeningen (zoals die van het CPB), omdat deze te veel beperkt wordt door bestaande juridische kaders, vergunningen en internationale afspraken [1][2]. Zij pleiten ervoor om niet louter binnen de huidige beleidskaders te blijven, maar te kijken naar een langetermijnvisie en het 'totaalplaatje' [6][2][5]. De motie, die vraagt om de impact van een afweegkader op zwaarwegende nationale belangen in kaart te brengen, sluit hierbij aan bij de wens om beleid fundamenteel te kunnen heroverwegen in plaats van enkel de bestaande begroting te herschikken binnen de huidige beperkingen [4][3].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Met de huidige doorrekeningssystematiek is echter iets grondig mis. Want het Centraal Planbureau wil enkel voorstellen in overweging nemen die binnen de huidige beleidskaders vallen. Voorstellen die daadwerkelijk binnen een regeerperiode gerealiseerd kunnen worden als je uitgaat van de huidige juridische beperkingen, de internationale afspraken en de bestaande vergunningen, licenties, enzovoorts."
"Deze inkadering maakt het onmogelijk om een visie voor de lange termijn aan het CPB voor te leggen. Ons parlementaire systeem wordt immers gekenmerkt door lange lijnen, trage aanpassingsprocedures en eindeloze beroepstermijnen. Verleende vergunningen, vergunde aanbestedingen, gesloten verdragen: je bent er niet zomaar vanaf. Daardoor blijkt een 'doorrekening' met een tijdsbestek van slechts vier jaar vooral een sta-in-de-weg om een heldere toekomstvisie te kunnen presenteren."
"Deze zelfbeperking van het CPB vinden wij problematisch. Want het gaat ons er nu juist om, een aantal hoofdlijnen van het huidige beleid - zoals het klimaatbeleid en het sluiten van het Groninger gasveld - te heroverwegen. Wij vinden dat we ons bij verkiezingen met zijn allen moeten afvragen: was datgene wat we tot nu toe hebben gedaan eigenlijk wel zo verstandig? Of moeten we ons beleid wellicht fundamenteel herzien? Als dat soort vragen buiten de reikwijdte van het CPB vallen - wat héb je dan aan een ' doorrekening'?"
"Wanneer je louter in het bestaande beleidskader voor de komende vier jaar blijft hangen, kun je je nooit oriënteren op de hoofdrichting, de 'megatrend'. En ben je dus slechts bezig de bestaande begroting te herschikken, de punten van de taart anders te verdelen - maar niet met het bakken van een veel grotere taart of een geheel andersoortig gerecht."
"Opnieuw: alle begrip dat zoiets wellicht niet tot op de komma nauwkeurig te becijferen valt. Maar dit grotere plaatje is wat ons betreft wél waarover verkiezingen zouden moeten gaan."
"Wij staan in principe achter dit idee. Politiek hoort te draaien om feiten, om reële toekomstbeelden en de uitwisseling van totaalplaatjes. Zomaar strooien met cadeautjes die op geen enkele wijze haalbaar of betaalbaar zijn - daar schieten we niets mee op."