De regering moet de kritische depositiewaarde niet meer leidend laten zijn bij het verlenen van vergunningen. Deze waarde bepaalt hoeveel stikstof de natuur mag ontvangen. De huidige regels rond deze waarde zorgen namelijk voor knelpunten bij het uitgeven van vergunningen.
Motie van het lid Van der Plas over de kritische depositiewaarde niet langer leidend laten zijn bij vergunningverlening
De kamer,
overwegende dat de kritische depositiewaarde niet alleen als wettelijke
resultaatsverplichting, maar ook in de vergunningverlening tot knelpunten
leidt;
verzoekt de regering om de kritische depositiewaarde niet langer leidend
te laten zijn bij de vergunningverlening.
Argumenten voor: De partij wil het stikstofbeleid volledig schrappen en de Kritische Depositiewaarden (KDW) uit de wet en uit de vergunningverlening halen [1]. Daarnaast wordt gesteld dat de KDW door politici en bureaucraten wordt gebruikt om te beweren dat er een stikstofcrisis bestaat, terwijl er in de praktijk geen stikstofprobleem is [2].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Volledig schrappen van stikstofbeleid
We vegen het hele stikstofbeleid van tafel en halen de Kritische Depositiewaarden (KDW) uit de wet en uit de vergunningverlening, omdat er geen stikstofcrisis is en boeren gewoon kunnen blijven boeren."
"Het huidige stikstofbeleid is gebaseerd op computermodellen en aannames die geen verband houden met de werkelijkheid. Politici en bureaucraten gebruiken zogenaamde Kritische Depositiewaarden (KDW) om te beweren dat er een stikstofcrisis zou bestaan. In de praktijk is er echter geen stikstofprobleem: onze natuur is niet aantoonbaar in gevaar, integendeel. Boeren worden ten onrechte aangewezen als veroorzakers van een crisis die er niet is. De gevolgen zijn desastreus: het beleid zet druk op de voedselproductie, bedreigt het bestaansrecht van boerengezinnen en leidt tot kaalslag in het Nederlandse platteland."