De regering moet de kritische depositiewaarde niet meer leidend laten zijn bij het verlenen van vergunningen. Deze waarde bepaalt hoeveel stikstof de natuur mag ontvangen. De huidige regels rond deze waarde zorgen namelijk voor knelpunten bij het uitgeven van vergunningen.
Motie van het lid Van der Plas over de kritische depositiewaarde niet langer leidend laten zijn bij vergunningverlening
De kamer,
overwegende dat de kritische depositiewaarde niet alleen als wettelijke
resultaatsverplichting, maar ook in de vergunningverlening tot knelpunten
leidt;
verzoekt de regering om de kritische depositiewaarde niet langer leidend
te laten zijn bij de vergunningverlening.
Argumenten voor: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om de kritische depositiewaarde niet langer leidend te laten zijn bij de vergunningverlening.
Argumenten tegen: De partij streeft ernaar dat in 2030 75% van de stikstofgevoelige gebieden onder de kritische depositiewaarde is gebracht, met prioriteit voor de meest gevoelige gebieden [1].
Bronnen:
"In 2030 zijn 75% van de stikstofgevoelige gebieden onder de kritische depositiewaarde gebracht, met prioriteit voor de meest gevoelige gebieden."