Betere aanpak voor natuurgebieden

De regering moet de aanpak voor randzones bij Natura 2000-gebieden (beschermde natuurgebieden) verfijnen. De huidige zonering is op sommige plekken niet effectief. Een betere aanpak helpt bij het herstel van de natuur en de waterkwaliteit. Dit maakt ook het verlenen van vergunningen makkelijker.

Motie van de leden Grinwis en Goudzwaard over uitspreken dat het wenselijk is om zones van 1.000 meter te voorkomen

De kamer, overwegende dat een gebiedsbenadering zoals bij de Veluweaanpak grote meerwaarde heeft, waar een aanvankelijk beoogde 1.000 meterzone is omgewisseld naar een gebiedsaanpak inclusief een 500 meterzone; spreekt uit dat het wenselijk is dat wordt ingezet op het voorkomen van zones van 1.000 meter en wordt afgezien van zonering die niet effectief en proportioneel is zoals op de Waddeneilanden en langs de Hollandse en Zeeuwse kust; verzoekt de regering op weg naar de definitieve selectie van randzones bij Natura 2000-gebieden later dit jaar de aanpak te verfijnen, zodat de zoneringsaanpak daadwerkelijk effectief en doelmatig wordt ten behoeve van of waterkwaliteit of natuurherstel en -beheer van stikstofgevoelige habitats en daarmee voor vergunningverlening.
1 juli | CU, JA21 | Verworpen: 51–99 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil dat de natuur wordt hersteld en dat er structurele maatregelen worden genomen om de biodiversiteit te versterken [1]. Daarnaast moet de stikstofuitstoot bij de bron worden aangepakt, waarbij prioriteit ligt bij de meest gevoelige gebieden [2][4]. De motie vraagt om een zonering die daadwerkelijk effectief en doelmatig is voor natuurherstel en waterkwaliteit, wat aansluit bij de wens van de partij om natuurgebieden te verbinden en te herstellen [1][3]. Ook het doel om vervuilende activiteiten in en rond natuurgebieden te beperken [5] wordt ondersteund door een zonering die effectief is voor natuurbeheer.

Argumenten tegen: De partij streeft naar sterke bescherming van natuurgebieden en een drastische vermindering van stikstofuitstoot [4]. Indien het afzien van bepaalde zones, zoals de genoemde 1.000 meterzone, de bescherming van de meest gevoelige gebieden ondermijnt, kan dit in strijd zijn met hun doelstelling om juist die gebieden prioriteit te geven [2].

Bronnen:

  1. "Ondanks de verslechterende natuurtoestand en rechterlijke uitspraken die tot actie dwingen, kozen de vorige kabinetten voor bezuinigingen en uitstel, in plaats van structurele maatregelen. Alleen met een echte koerswijziging, gericht op het verbinden en herstellen van natuur en het aanpakken van de stikstofuitstoot bij de bron, kunnen we onze biodiversiteit behouden en versterken."
  2. "In 2030 zijn 75% van de stikstofgevoelige gebieden onder de kritische depositiewaarde gebracht, met prioriteit voor de meest gevoelige gebieden."
  3. "Natuurgebieden die bijna onomkeerbaar zijn aangetast, worden met voorrang hersteld en zo veel mogelijk verbonden met andere natuurgebieden."
  4. "De natuur moet worden hersteld. Het vertrouwen dat de overheid rechtvaardig beleid maakt ook. Daarom is het noodzakelijk dat alle sectoren die stikstof uitstoten hun uitstoot verplicht verminderen, niet alleen de veehouderij. De maximumsnelheid moet naar beneden, de luchtvaart moet krimpen, biomassacentrales moeten dicht en de uitstoot van de industrie moet drastisch worden teruggedrongen."
  5. "In en rondom natuurgebieden vinden geen vervuilende activiteiten meer plaats, zoals mijnbouw (waaronder gaswinning en zoutwinning) en gangbare sierteelt (vanwege het hoge landbouwgif- en kunstmestgebruik)."