De regering moet onderzoeken of mensen die door roekeloos rijgedrag doden of zwaar letsel veroorzaken, hun rijbewijs langer of voor altijd kwijt kunnen raken. Dit gedrag veroorzaakt onherstelbaar leed bij slachtoffers en hun familie. Rijden is geen recht, maar een verantwoordelijkheid. Bij ernstig misbruik moet die verantwoordelijkheid langdurig of blijvend worden beperkt.
Motie van de leden Goudzwaard en Flach over bezien of de wettelijke mogelijkheden voor ontzegging van de rijbevoegdheid bij roekeloos rijgedrag met dodelijke afloop of zwaar blijvend letsel als gevolg kunnen worden verruimd
De kamer,
constaterende dat extreem roekeloos rijgedrag met dodelijke afloop of
zwaar blijvend letsel als gevolg onherstelbaar leed veroorzaakt voor de
slachtoffers en nabestaanden;
constaterende dat de maximale duur van een rijontzegging in dergelijke
gevallen in de praktijk beperkt kan zijn, waardoor veroordeelden na
verloop van tijd weer bevoegd kunnen zijn een motorrijtuig te besturen;
overwegende dat deelname aan het gemotoriseerde verkeer geen
vanzelfsprekend recht is, maar een verantwoordelijkheid die bij ernstig
misbruik langdurig of blijvend kan worden beperkt;
verzoekt de regering in overleg met de Minister van Justitie en Veiligheid
te bezien of de wettelijke mogelijkheden voor langdurige of permanente
ontzegging van de rijbevoegdheid bij roekeloos rijgedrag met dodelijke
afloop of zwaar blijvend letsel als gevolg kunnen worden verruimd, en de
Kamer hierover te informeren.
Argumenten voor: De partij pleit voor een strenger strafrechtelijk regime, waarbij daders van misdrijven geen automatische voorwaardelijke invrijheidstelling meer krijgen [2]. Ook moeten voorwaardelijke straffen en taakstraffen strenger worden, waarbij de straffen beter moeten aansluiten bij de ernst van het delict en de impact op de samenleving [3]. Daarnaast is sneller werken door het OM gewenst ten behoeve van slachtoffers, zeker bij zware zaken [1].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten tegen het verstrekken van zwaardere sancties of het verruimen van de wettelijke mogelijkheden voor straffen.
Bronnen:
"De doorlooptijden van het OM zijn een doorn in het oog. Er moet extra budget komen om deze te verkorten. Sneller werken is nodig voor slachtoffers en verdachten, zeker bij zware (zeden)zaken."
"Daders van misdrijven, ook onder de zes jaar gevangenisstraf, krijgen geen automatische voorwaardelijke invrijheidstelling meer."
"Te vaak krijgen daders voorwaardelijke straffen of taakstraffen. Dit moet strenger, zeker bij herhaling. Strafvorderingsrichtlijnen van het OM moeten beter aansluiten bij de ernst van het delict en de impact op de samenleving."