Uniforme aanpak van stadionverboden

De regering moet met de KNVB en voetbalclubs praten over een vaste aanpak voor stadionverboden. In plaats van alleen een verbod, kunnen supporters ook maatschappelijke taken uitvoeren. Dit helpt om het gedrag van supporters te verbeteren, zodat zij in de toekomst geen problemen meer veroorzaken.

Motie van de leden Straatman en Mathlouti over met de KNVB, clubs en andere betrokken partijen in gesprek gaan over een uniforme aanpak van stadionverboden en eventuele alternatieve trajecten

De kamer, constaterende dat voetbalclubs civielrechtelijke stadionverboden kunnen opleggen aan supporters die zich schuldig maken aan wangedrag; constaterende dat sommige clubs alternatieve trajecten aanbieden waarbij een stadionverbod kan worden verkort in ruil voor maatschappelijke inzet voor de voetbalclub of andere gedragsinterventies, mede gericht op sociale preventie; overwegende dat deze trajecten kunnen bijdragen aan gedragsverandering en het voorkomen van herhaling; verzoekt de regering om met de KNVB, clubs en andere betrokken partijen in gesprek te gaan over een meer uniforme aanpak van stadionverboden en eventuele alternatieve trajecten, en de Kamer hierover te informeren.
2 juli | CDA, D66 | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij steunt het opleggen van verboden aan daders van geweld in de publieke ruimte [1]. Daarnaast legt de partij de nadruk op het bijbrengen van normen, waarden en discipline [2] en het gebruik van resocialisatieplannen als middel voor gedragsverandering [3].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de uniformering van stadionverboden of het aanbieden van alternatieve trajecten voor gedragsverandering te stemmen.

Bronnen:

  1. "Een landelijk dekkend ov-verbod voor geweldplegers in het openbaar vervoer."
  2. "Samenwerking stimuleren tussen jeugdgevange -nissen en defensie door het bijbrengen van normen, waarden en discipline."
  3. "Gedetineerden verplichten tijdens hun detentie een resocialisatieplan te maken. Dit is een harde voorwaarde voor eventuele voorwaardelijke invrijheidstelling."