Onderzoek naar gevolgen Omnibus Food and Feed

De regering moet bij de stemming over de Omnibus Food and Feed weigeren te stemmen. Er is onafhankelijk onderzoek naar de gevolgen van deze regeling nodig. 573 Europese wetenschappers hebben hiervoor gevraagd.

Motie van het lid Bromet over zich bij het COREPER-overleg vocaal onthouden van stemming over de Omnibus Food & Feed

De kamer, constaterende dat 573 Europese wetenschappers een oproep hebben gedaan voor een onafhankelijk onderzoek naar de gevolgen van de Omnibus Food and Feed; overwegende dat zowel het kabinet als de Kamer heeft aangegeven inzicht te willen in de gevolgen van de Omnibus Food and Feed, en er voor een andere Omnibus wel een impactassessment is uitgevoerd; verzoekt de regering om zich bij het Coreper-overleg vocaal te onthouden van stemming over de Omnibus Food and Feed, en in de verklaring te stellen dat het uitvoeren van een onafhankelijk onderzoek naar de gevolgen van het voorstel een randvoorwaarde is voor Nederland.
22 september | PRO | Verworpen: 30–118 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een klimaatbeleid dat gebaseerd is op feiten en ondersteunt internationale wetenschappers [3]. Daarnaast zet de partij zich in voor het beschermen van de biodiversiteit [2] en het tegengaan van natuurverwoesting [1], waarbij zij wijst op de negatieve effecten van industriële landbouw op de natuur en de gezondheid [4].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen het uitvoeren van onafhankelijk onderzoek pleiten.

Bronnen:

  1. "Strijd tegen ontbossing. Nederland maakt strikte afspraken over het stoppen van overmatige houtkap, de bescherming van oude bomen in een natuurlijker bos en het stoppen van bodemverstoring. We investeren internationaal in formalisering van landrechten van inheemse en lokale bevolking en bevorderen bosbeheer door deze gemeenschappen als invulling van klimaat- en biodiversiteitsdoelen. We zetten ons in voor een uitbreiding van de Europese ontbossingsverordening naar financiële instellingen, en naar producten die leiden tot ernstige natuurverwoesting en daarmee gepaard gaande schending van mensenrechten."
  2. "Vergroening van het buitenlands beleid. Nederland zet zich in voor bindende internationale afspraken over behoud van biodiversiteit, het tegengaan van ontbossing en verwoestijning en de duurzame winning van grondstoffen. Als we afspraken maken dan wordt de lokale bevolking en hun belangen betrokken."
  3. "Klimaatbeleid op basis van feiten. Klimaatwetenschappers staan internationaal onder druk, terwijl klimaatsceptici desinformatie verspreiden. Wij ondersteunen buitenlandse klimaatwetenschappers die bijvoorbeeld in de VS hun werk niet meer kunnen doen."
  4. "Van industriële naar duurzame landbouw. De jarenlange focus op schaalvergroting en intensivering heeft de natuur en boeren uitgeput. Het aantal boeren neemt af terwijl het aantal megastallen stijgt. Industriële landbouw is slecht voor ons klimaat, onze natuur, ons landschap, dierenwelzijn en onze gezondheid. Een groot deel van het geproduceerde eten exporteren we naar het buitenland, terwijl wij met de vervuiling blijven zitten. We passen daarom onze productiecapaciteit aan naar wat onze natuur aankan. Daarbij kiezen wij voor een grondgebonden en natuurinclusieve landbouw, waarbij het aantal landbouwdieren wordt aangepast aan de hoeveelheid veevoer die in de directe omgeving kan worden geproduceerd, en de hoeveelheid mest die daar kan worden uitgereden. Dat leidt onvermijdelijk tot een krimp van de veestapel en een einde aan de bio-industrie. Sectoren die voor het overgrote deel produceren voor de export, moeten als eerste krimpen. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest wordt tot een minimum beperkt."