Toekomstige bekostiging van huisartsenzorg

De regering moet bij de nieuwe betaling voor huisartsenzorg het basisaanbod centraal stellen. De NZa (Nederlandse Zorgautoriteit) moet hierbij rekening houden met de randvoorwaarden voor goede zorg. Dit is nodig voor de samenwerking en afstemming binnen het zorgnetwerk.

Motie van het lid Bushoff over het basisaanbod huisartsgeneeskundige zorg als inhoudelijk uitgangspunt nemen bij de toekomstige bekostiging van de huisartsenzorg

De kamer, constaterende dat de huisartsenzorg een essentiële rol vervult in een toegankelijke, continue en persoonsgerichte eerstelijnszorg; overwegende dat de bekostiging van huisartsen voldoende ruimte moet bieden voor de capaciteit en randvoorwaarden die noodzakelijk zijn voor zowel de directe patiëntenzorg als de samenwerking, afstemming en coördinatie in het regionale en lokale zorgnetwerk; overwegende dat bij een toekomstbestendig bekostigingsmodel niet alleen historische kosten en productie, maar ook de inhoud en randvoorwaarden van het te leveren basisaanbod en relevante toekomstige ontwikkelingen het uitgangspunt moeten vormen; verzoekt de regering om bij de uitwerking van de toekomstige bekostiging van de huisartsenzorg het basisaanbod huisartsgeneeskundige zorg als inhoudelijk uitgangspunt te nemen en de NZa te verzoeken daarbij rekening te houden met de randvoorwaarden die huisartsen nodig hebben om hun rol adequaat te vervullen, waaronder samenwerking, afstemming en coördinatie met andere partijen in zorg en sociaal domein.
23 september | PRO | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de eerstelijnszorg versterken [3]. De huisarts speelt een cruciale rol en de positie van de huisarts moet daarom versterkt worden [1]. Daarnaast streeft de partij naar zorg waarbij de patiënt centraal staat [2][4] en wordt er ingezet op nauwere samenwerking tussen bijvoorbeeld specialisten en huisartsen om de zorg toegankelijker te maken [1].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om de versterking van de eerstelijnszorg of de positie van de huisarts tegen te werken.

Bronnen:

  1. "Om de patiënt centraal te kunnen stellen moet zorg toegankelijk zijn. Dat betekent: dichtbij wat dichtbij kan, verder weg als het moet. De huisarts speelt hierin een cruciale rol en zijn positie moet dus versterkt worden. Hij of zij is immers de persoonlijke dokter met wie je een vertrouwensband hebt. Door specialisten uit het ziekenhuis in wijkposten te laten samenwerken met huisart -sen kan veel relatief eenvoudige zorg snel en buiten het ziekenhuis geleverd worden. Zo voorkomen we onnodige wachttijden en wordt zorg toegankelijker. Bovendien scheelt het kosten."
  2. "JA21 pleit ervoor de burger en diens wensen en behoef -ten centraal te stellen in de zorgverlening. Burgers moeten meer mogelijkheden krijgen om de regie te voeren over hun eigen gezondheid en zorg. Zinnige zorg moet immers aangepast worden aan de individuele situatie van de patient. Vrije artsenkeuze moet dus behouden blijven."
  3. "De eerstelijnszorg versterken."
  4. "JA21 wil de menselijke maat terugbrengen in de zorg, waardoor patiënt en zorgverlener centraal komen te staan. Hoewel Nederland nog nu nog behoort tot de landen met de beste gezondheidszorg ter wereld, is deze goede kwaliteit niet vanzelfsprekend. Er liggen veel uitdagingen in maatschappelijke en demografische trends, zoals bevolkingsgroei en vergrijzing. Daarnaast bestaan er structurele problemen zoals personeelstekorten en almaar stijgende zorgkosten. Deze uitdagingen in de Nederlandse zorg vragen om een daadkrachtige aanpak; de tijd van pleisters plakken is voorbij."