De regering moet de rekenkundige ondergrens in het AERIUS-model verhogen naar 1 mol tijdens de update in oktober. Dit voorkomt rechtsongelijkheid tussen Schiphol en boeren die vastlopen in de stikstofregels. Een hogere grens helpt deze boeren en maakt ook belangrijke woningbouw en infrastructuur weer mogelijk.
Motie van het lid Van der Plas over bij de actualisering van het AERIUS-model de rekenkundige ondergrens verhogen naar 1 mol
De kamer,
constaterende dat Schiphol geen geldige natuurvergunning heeft, maar
een tijdelijke gedoogbeschikking;
constaterende dat Schiphol stikstofruimte heeft gekocht door tien boeren
uit te kopen, terwijl ammoniak (NH3) en NOx twee verschillende soorten
emissies zijn;
constaterende dat er sinds 2019 nog duizenden PAS-melders buiten hun
schuld in de knel zitten door het handelen van de overheid destijds;
constaterende dat PAS-melders nooit een gedoogbeschikking, zoals
Schiphol, hebben ontvangen en dit rechtsongelijkheid betekent;
constaterende dat vele PAS-melders in één klap weer verder kunnen én
daarnaast vele woningbouw- en infrastructurele projecten doorgang
kunnen vinden als de rekenkundige ondergrens wordt verhoogd naar 1
mol;
constaterende dat dit heel snel kan door bij de actualisatie van het
AERIUS-model in oktober de rekenkundige ondergrens te verhogen;
verzoekt de regering om bij de actualisering van het AERIUS-model de
rekenkundige ondergrens te verhogen naar 1 mol.
Argumenten voor: De partij wil voorkomen dat vitale sectoren zoals woningbouw, infrastructuur en de energietransitie vastlopen door de stikstofproblematiek [3][6]. Ook streeft de partij naar een rechtvaardige behandeling van boeren [4], wat aansluit bij het wegnemen van de rechtsongelijkheid waar PAS-melders momenteel mee kampen.
Argumenten tegen: De partij wil dat de stikstofuitstoot structureel omlaag gaat [5] en dat Nederland zich strikt houdt aan bestaande Europese natuurrichtlijnen [1]. Een verhoging van de rekenkundige ondergrens zou kunnen leiden tot een minder nauwkeurige monitoring van de verschillende stikstofverbindingen zoals NOx en NH3 [2], wat botst met de wens voor een effectieve aanpak [3].
Bronnen:
"Nederland moet zich zo snel mogelijk gaat houden aan bestaande Europese richtlijnen wat betreft stikstof- en nitraatemissies, de Vogel- en de Habitatrichtlijn, de Kaderrichtlijn Water (KRW) en de Natuurherstelwet. We willen boeren helpen te innoveren, te diversificeren, te extensiveren, of desnoods te stoppen. We willen tevens door regionale samenwerking over grenzen, voorkomen dat bedrijven zich aan de andere kant van de grens naast dezelfde natuurgebieden vestigen."
"Stikstofverbindingen onderscheiden zich in NOx (stikstofoxiden) en NH3 (ammoniak). Volt wil dat in de maatregelen voor stikstofreductie rekening wordt gehouden met dit onderscheid. Dit omdat beide soorten stoffen zich anders gedragen en een eigen aanpak nodig hebben. NOx- en NH3-uitstoot worden afzonderlijk gemeten en bewaakt. Nieuwe ontwikkelingen die aantoonbaar bijdragen aan het in kaart brengen van de uitstoot van stikstofverbindingen en het meten van het effect van maatregelen zullen gestimuleerd worden."
"Stikstofuitstoot vormt een groot probleem in Nederland. Het teveel aan stikstof is schadelijk voor de water- en luchtkwaliteit. Het verhoogt de kans op hart- en vaatziekten, longaandoeningen en vroegtijdige sterfte. De biodiversiteit neemt af, kwetsbare planten verdwijnen en natuurgebieden raken onherstelbaar beschadigd. Nederland zit op slot: woningbouw, infrastructuur en duurzame energieprojecten lopen vast door te hoge stikstofuitstoot. De maatschappelijke kosten lopen in de miljarden door schade aan natuur, gezondheid en economie. Het probleem speelt al jaren en nog steeds is er geen effectieve aanpak. De overheid heeft tegenstrijdig gehandeld."
"Volt gaat gericht en rechtvaardig toewerken naar toekomstbestendige landbouw binnen de wettelijke stikstofnormen, met een duidelijke en eerlijke behandeling voor alle boeren."
"Volt pleit voor structurele oplossingen. De stikstofuitstoot moet omlaag. De Adviescommissie Stifstofproblematiek heeft concrete instrumenten aangedragen, zoals maatwerk door op gebiedsniveau normen vast te stellen en een de Afrekenbare StoffenBalans in te voeren. Dit geeft duidelijkheid aan boeren over de te behalen doelen op bedrijfsniveau en geeft hen de mogelijkheid om zelf te beslissen op welke manier zij deze doelen kunnen behalen."
"Belangrijke projecten voor het versnellen van de energietransitie lopen in Nederland een groot risico op vertraging door de stikstofproblematiek, terwijl deze projecten uitstoot van schadelijke stoffen op de lange termijn voorkomen. Daarom moeten deze projecten een juridisch haalbaar alternatief krijgen voor de bouwvrijstelling."