Meer ontwikkelingsgeld naar de armste landen

De regering moet bij de Europese begrotingsonderhandelingen eisen dat 50% van het ontwikkelingsgeld (ODA) naar de armste landen gaat. Private bedrijven investeren daar te weinig vanwege de hoge risico's. Juist deze landen worden het hardst geraakt door klimaatverandering en conflicten.

Motie van de leden Dobbe en Van Baarle over pleiten voor een minimumbestedingspercentage van 50% van ODA-bestedingen aan de least developed countries

De kamer, constaterende dat een groeiend deel van de middelen voor ontwikkelingssamenwerking wordt ingezet via investeringsinstrumenten zoals de Global Gateway; overwegende dat private investeringen vaak onvoldoende van de grond komen in de armste en meest fragiele landen vanwege hoge risico’s; overwegende dat juist deze landen onevenredig zwaar worden getroffen door bijvoorbeeld conflict en klimaatverandering; verzoekt de regering tijdens de lopende onderhandelingen voor het Meerjarig Financieel Kader van de EU te pleiten voor een minimumbestedingspercentage van 50% van ODA-bestedingen aan de least developed countries.
1 oktober | SP, DENK |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma DENK

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking terugdraaien en meer budget vrijmaken voor humanitaire hulp en noodhulp [1][5]. Zij willen extra investeringen in armoedebestrijding [4] en vinden dat ODA-middelen beschikbaar moeten blijven voor internationale armoedebestrijding en mondiale stabiliteit [2]. Daarnaast steunen zij de hulp aan het Mondiale Zuiden in het kader van klimaatrechtvaardigheid [3].

Argumenten tegen: De partij levert geen argumenten tegen een verhoogde toewijzing van middelen aan de armste landen.

Bronnen:

  1. "De bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking worden teruggedraaid. Wij willen dat er meer budget komt voor humanitaire hulp en noodhulp."
  2. "DENK is tegen financiering van de asielopvang met het ontwikkelingshulpbudget (ODA). Deze middelen moeten beschikbaar blijven voor internationale armoedebestrijding en om de mondiale stabiliteit te beschermen."
  3. "Staan voor internationale klimaatrechtvaardigheid. Wij erkennen dat het Westen (historisch) verantwoordelijk is voor een groot deel van de wereldwijde CO2-uitstoot, terwijl de zwaarste gevolgen vandaag de dag vooral landen in het Mondiale Zuiden treffen. Ons land moet, samen met andere Westerse landen, het Mondiale Zuiden actief ondersteunen in het klimaatbeleid."
  4. "Wij staan voor extra investeringen in armoedebestrijding en in toegankelijkere armoederegelingen. Er komt een fulltime Minister voor Armoedebestrijding. De nieuwe regering legt zichzelf ambitieuze doelen op het gebied van het terugdringen van de armoede op."
  5. "Meer investeringen in samenwerking, humanitaire hulp en wederopbouw. Wij willen dat Nederland de verantwoordelijkheid neemt om samen te werken met de Syriërs om de hulpbehoevende mensen te helpen en in te zetten op herstel van het land."