Het kabinet moet voorkomen dat Chemours een nieuwe vergunning krijgt voor het lozen van PFAS in de Merwede. De rivier is nu al ernstig vervuild en de belastingbetaler betaalt vaak voor de schade. Er komt binnenkort een verbod op het lozen van PFAS.
Motie van het lid Kostić over voorkomen dat Chemours een nieuwe vergunning krijgt voor het lozen van pfas op de Merwede
De kamer,
constaterende dat omgevingsdienst DCMR van zins is om een vergunning
te gaan verlenen voor het lozen van pfas-stoffen die Chemours nu nog
illegaal loost in de rivier de Merwede;
constaterende dat het oppervlaktewater van de rivier de Merwede nu al
ernstig vervuild is met pfas en de Nederlandse belastingbetaler vaak
opdraait voor de schade;
overwegende dat het kabinet werkt aan een lozingsverbod voor pfas en
een voorstel hiervoor nog dit jaar naar de Kamer stuurt;
verzoekt het kabinet om, ook in het belang van de Nederlandse belastingbetaler, alles op alles te zetten om te voorkomen dat voorafgaand aan een
komend lozingsverbod Chemours toch nog een nieuwe vergunning krijgt
voor het lozen van pfas op de Merwede.
Argumenten voor: De partij wil dat vervuilers verantwoordelijk worden gehouden voor de gevolgen van hun uitstoot, zoals de kosten voor reiniging [1]. De partij wil het probleem van PFAS bij de bron aanpakken en streeft naar een verbod op PFAS [2]. Daarnaast vindt de partij dat de overheid normen moet handhaven om schadelijke uitstoot te voorkomen en dat omgevingsdiensten beter in staat moeten zijn om schadelijke emissies te voorkomen en vergunningen in te trekken [3]. Ook wordt gesteld dat bij nieuwe vergunningen het waterbelang dwingender moet doorwerken in besluiten die invloed hebben op het watersysteem [4].
Argumenten tegen: Geen fragmenten in het programma geven een reden om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Aanstichters van milieuvervuiling, zoals Chemours en TATA Steel, worden aangesproken op en verantwoordelijk gehouden voor de gevolgen van de vervuiling: kosten voor reiniging en eventuele gezondheidseffecten worden op hen verhaald. Bij nieuwe stoffen wordt het voorzorgsprincipe strikt gehanteerd. Er wordt een inventarisatie uitgevoerd naar stoffen waarvan onbekend is of ze schadelijk zijn voor mens en natuur. Daarmee voorkomen we situaties zoals bij PFAS, waarbij na decennia de gevolgen bijna niet meer te overzien zijn. Bermen en struiken liggen vol met plastic verpakkingsmateriaal. Al dit plastic afval draagt bij aan de wereldwijde plasticsoep. Er wordt daarom toegewerkt naar een verbod op het gebruik van niet-afbreekbaar plastic ten behoeve van eenmalige verpakkingen."
"PFAS-vervuiling is een ongekend probleem. De gezondheidsrisico's zijn enorm, terwijl deze stoffen al overal in onze leefomgeving en zelfs in ons lichaam zitten. We pakken het probleem bij de bron aan en zorgen voor een Europees verbod op PFAS. Zodra er van een product een PFAS-vrij alternatief is, verbieden we het PFAS-houdende product."
"De laatste jaren zijn er te veel incidenten met bedrijven geweest waarbij uitstoot van stoffen werd geconstateerd die schadelijk zijn voor het milieu, zoals PFAS, (ultra)fijnstof of staalslakken. De overheid moet de sociale grondrechten op het gebied van leefmilieu en volksgezondheid garanderen door zelf normen te stellen en deze te handhaven. Omgevingsdiensten en de GGD zijn onvoldoende in staat gebleken snel en adequaat te handelen. Zij moeten beter toegerust worden om schadelijke uitstoot te voorkomen, handhavend op te treden en vergunningen in te kunnen trekken. Bedrijven houden zich helaas niet vanzelf aan de regels, we gaan minder uit van zelfregulering. Leefomgeving en ruimte gaan hand in hand. Daarom voegen we milieu weer toe aan het ministerie van VRO en herstellen we het succesvolle model van het voormalige ministerie van VROM."
"Het Deltaprogramma wordt voorzien van voldoende middelen om het veilig voortbestaan van ons land te garanderen. We realiseren de Hollandkering om dijkverhogingen in het achterland te beperken. Dijkversterkingen gaan gepaard met nieuwe natuuraanleg, bijvoorbeeld via groene dijken. Water en bodem worden sturend in het ruimtelijk beleid (en landgebruik) van Nederland: de structurerende keuzes uit de beleidsbrief Water en Bodem Sturend worden uitgevoerd. Bij nieuwe vergunningen moet het waterbelang dwingender doorwerken op ruimtelijke plannen en besluiten die invloed (kunnen) hebben op het watersysteem."