De regering moet eerder onderzoeken wat de gevolgen van de nieuwe warmtewet zijn voor plattelandsgemeenten en hun inwoners. Deze gemeenten hebben vaak minder geld en personeel dan steden. De regering moet de vinger aan de pols houden en indien nodig extra structurele ondersteuning bieden, zodat ook kleine gemeenten de overstap naar duurzame warmte goed kunnen uitvoeren. ››
De regering moet de regels voor het aardgasvrij maken van wijken aanpassen. De eis voor het rendement van apparaten moet naar 0,8. In dorpen en buitengebieden zijn warmtenetten vaak niet mogelijk. Door de grens te veranderen kunnen mensen ook kiezen voor andere duurzame en betaalbare technieken, zoals bioketels. ››
De regering moet geld vrijmaken voor de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen. Voor het jaar 2026 is er nu geen budget. Zonder dit geld kunnen projecten voor warmtenetten niet doorgaan. Hierdoor lopen duizenden huishoudens een betaalbaar alternatief voor koken en stoken op gas mis. ››
De regering moet het verbod op fossiele brandstoffen in de Bgiw behouden. Dit is een wet die regels stelt voor de bouw en het gebruik van infrastructuur. Nederland moet namelijk uiterlijk in 2050 klimaatneutraal zijn. Duidelijke afspraken zijn hard nodig voor bedrijven die willen investeren en voor alle andere betrokken partijen. ››
De regering moet de regels voor energieverbruik aanpassen zodat biomassaketels toegestaan blijven in gebieden die van het aardgas afgaan. Gemeenten kunnen de regels dan zelf strenger maken als dat lokaal nodig is. Biomassa kan de overstap naar duurzame warmte beter betaalbaar maken. Nu worden deze ketels door te strenge landelijke eisen uitgesloten. ››
De regering moet de regels voor de warmteovergang aanpassen voor kwetsbare huishoudens. Deze mensen mogen bij de overstap op nieuwe warmtebronnen niet meer gaan betalen dan nu het geval is. Dit geldt zowel voor de maandelijkse rekening als voor de eenmalige kosten van de installatie. De huidige regels beschermen deze kwetsbare groepen nog niet goed genoeg tegen hogere woonlasten. ››
13 januari, Tweeminutendebat Actuele ontwikkelingen in Venezuela en de veiligheid van het Caribisch deel van het Koninkrijk (CD 8/1)
Het kabinet moet zich blijven inzetten voor de onmiddellijke vrijlating van alle politieke gevangenen in Venezuela. Naast de honderden mensen die om politieke redenen vastzitten, moeten ook de lopende rechtszaken stoppen. Gevangenen hebben nu vaak geen toegang tot medische zorg, hun familie of een advocaat. Dit is in strijd met de mensenrechten. ››
De regering moet onderzoeken of er een nieuw samenwerkingsverband kan komen als vervanging voor de NAVO. De Verenigde Staten zijn geen betrouwbare bondgenoot meer omdat zij het internationaal recht schenden. Een nieuwe groep landen moet zich gaan richten op vrede, veiligheid en het verminderen van wapens wereldwijd. ››
De regering moet een plan maken om stap voor stap te stoppen met de import van gas en olie uit de Verenigde Staten. Nederland moet voor deze grondstoffen niet meer afhankelijk zijn van andere landen. Door de huidige situatie in de wereld is deze onafhankelijkheid extra belangrijk geworden. ››
12 januari, SGP, BBB, VVD, CDA, ChristenUnie, Volt
De regering moet zich binnen de NAVO inzetten voor een grotere militaire rol van Europese landen in het Noordpoolgebied. Ook moet Defensie bij nieuwe investeringen rekening houden met deze regio. De strategische waarde van het Noordpoolgebied stijgt door spanningen tussen landen en klimaatverandering. Om het NAVO-gebied goed te verdedigen, is meer Europese aanwezigheid nodig. ››
De regering moet de Amerikaanse inval in Venezuela duidelijk afleuren. Dit moet gebeuren via een publieke verklaring en door de ambassadeur van de VS op het matje te roepen. Nederland moet consequent zijn in het veroordelen van schendingen van het internationaal recht. ››
De regering moet aan de president van de Europese Raad vragen om met spoed een extra vergadering te organiseren. De militaire interventie van de Verenigde Staten in Venezuela en de plannen voor Groenland vragen om een gezamenlijke reactie van de Europese Unie. ››
De regering moet meer gaan samenwerken met andere landen in het Caribisch gebied. Veranderingen in de politiek van de Verenigde Staten kunnen de stabiliteit van de eilanden aantasten. Door de banden te versterken, blijven de eilanden in onze regio veilig op de korte en lange termijn. ››
De regering moet de militaire en economische samenwerking met Australië, Canada en het Verenigd Koninkrijk versterken. Dit is nodig om de internationale regels wereldwijd te kunnen blijven beschermen. Door nauwer samen te werken, vergroten Nederland en zijn bondgenoten hun gezamenlijke macht. ››
Het kabinet moet Denemarken politiek en diplomatiek steunen bij de positie van Groenland. Groenland hoort bij het Koninkrijk Denemarken. Om de veiligheid in de regio rond de Noordpool te bewaken, moeten bondgenoten het internationaal recht en elkaars grondgebied respecteren. ››
Aangenomen op 20 januari: 143 - 7
VVD
Volt
D66
SP
50PLUS
BBB
JA21
DENK
SGP
PVV
CDA
G-Markus
CU
PvdD
GL-PVDA
FVD
18 december, Tweeminutendebat Netcongestie en energie-infrastructuur (CD 27/11)
De regering mag geen definitieve besluiten nemen over het opheffen van het dorp Moerdijk. Dit mag pas als het echt nodig is voor de industrie en als alle inwoners hiermee instemmen. Nu zijn de plannen voor de circulaire economie en de energietransitie nog niet afgerond. De inwoners van Moerdijk moeten zekerheid krijgen over hun woonplaats. ››
De regering moet uitzoeken welke belangrijke bedrijven geen aansluiting krijgen op het stroomnet. Ruim 14.000 bedrijven wachten nu op een aansluiting. Er is te weinig zicht op welke onmisbare sectoren hierdoor vastlopen, terwijl zij hard nodig zijn voor onze economie en samenleving. ››
De regering moet de regio’s Flevoland, Gelderland en Utrecht aanwijzen als officieel innovatiegebied. Netcongestie, waarbij het stroomnet vol zit, is hier erg dringend. Door meer ruimte te geven in de wet voor experimenten, kunnen overheden en bedrijven samen slimme oplossingen bedenken. Deze regio's hebben al veel ervaring en die kennis moet gedeeld worden met de rest van Nederland. ››
De regering moet samen met gemeenten en netbeheerders afspraken maken over het verdelen van de schaarse ruimte op het stroomnet. Lokale overheden moeten meer invloed krijgen op waar de stroom naartoe gaat. Nu dreigen belangrijke ontwikkelingen in gebieden vast te lopen, omdat de huidige regels voor voorrang de politieke en maatschappelijke keuzes van gemeenten onvoldoende meewegen. ››
De regering moet Europese plannen (het EU Grids Package) zo snel mogelijk in Nederlandse wetten opnemen. Het stroomnet zit vol en nieuwe projecten duren nu te lang door strenge regels voor vergunningen en stikstof. Door deze nieuwe regels kunnen vergunningen voor het elektriciteitsnet en duurzame energie sneller worden afgegeven. ››