13 januari, Tweeminutendebat Ontwerpbesluit Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (36387-50)
Extra hulp voor platteland bij warmtetransitie
12 januari, BBB
De regering moet eerder onderzoeken wat de gevolgen van de nieuwe warmtewet zijn voor plattelandsgemeenten en hun inwoners. Deze gemeenten hebben vaak minder geld en personeel dan steden. De regering moet de vinger aan de pols houden en indien nodig extra structurele ondersteuning bieden, zodat ook kleine gemeenten de overstap naar duurzame warmte goed kunnen uitvoeren. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 150 - 0
SGP
CDA
FVD
CU
BBB
50PLUS
DENK
PVV
VVD
D66
JA21
PvdD
Volt
GL-PVDA
G-Markus
SP
Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
De kamer, constaterende dat de regering aangeeft dat bij de evaluatie van de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) aandacht zal zijn voor de uitvoerbaarheid voor landelijk gelegen gemeenten, maar deze evaluatie pas vijf jaar na inwerkingtreding plaatsvindt; constaterende dat de tussentijdse monitoring niet expliciet borgt dat de specifieke knelpunten van plattelandsgemeenten structureel en afzonderlijk in beeld komen; overwegende dat plattelandsgemeenten te maken hebben met andere technische, financiële en personele omstandigheden dan stedelijke gemeenten; verzoekt de regering om vooruitlopend op de wettelijke evaluatie expliciet inzichtelijk te maken wat de gevolgen van de aanwijsbevoegdheid zijn voor plattelandsgemeenten en hun inwoners, de monitoring hierop aan te scherpen en indien nodig met voorstellen te komen voor aanvullende structurele ondersteuning; verzoekt de regering om, voordat gemeenten op grote schaal gebruikmaken van de aanwijsbevoegdheid, aanvullend en expliciet inzichtelijk te maken wat deze gevolgen zijn voor plattelandsgemeenten en hun inwoners, en de Kamer hierover te informeren.
Ruimte voor bioketels in kleine dorpen
12 januari, BBB
De regering moet de regels voor het aardgasvrij maken van wijken aanpassen. De eis voor het rendement van apparaten moet naar 0,8. In dorpen en buitengebieden zijn warmtenetten vaak niet mogelijk. Door de grens te veranderen kunnen mensen ook kiezen voor andere duurzame en betaalbare technieken, zoals bioketels. ›› 
Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
De kamer, constaterende dat het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Bgiw) een rendementseis (de zogenaamde 0,7-norm) bevat voor alternatieven voor aardgas bij het aardgasvrij maken van wijken en buurten; overwegende dat in het buitengebied en in dorpen warmtenetten vaak geen realistisch alternatief zijn, waardoor bewoners en bedrijven afhankelijk worden van één techniek door die 0,7-norm, terwijl andere duurzame technieken, zoals bioketels, daar net buiten vallen; verzoekt de regering om in het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie de rendementseis voor alternatieven voor aardgas te verruimen van 0,7 naar 0,8, zodat ook duurzame en betaalbare technieken, zoals bioketels, kunnen worden ingezet in het buitengebied en in dorpen.
Budget voor gasvrije huurwoningen
12 januari, GroenLinks-PvdA
De regering moet geld vrijmaken voor de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen. Voor het jaar 2026 is er nu geen budget. Zonder dit geld kunnen projecten voor warmtenetten niet doorgaan. Hierdoor lopen duizenden huishoudens een betaalbaar alternatief voor koken en stoken op gas mis. ›› 
Verworpen op 20 januari: 35 - 115
CU
DENK
PvdD
GL-PVDA
Volt
50PLUS
SP
SGP
FVD
D66
PVV
G-Markus
VVD
BBB
CDA
JA21
Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
De kamer, constaterende dat voor 2026 geen budget beschikbaar is voor de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen; constaterende dat hierdoor warmteprojecten niet door dreigen te gaan; overwegende dat hierdoor duizenden huishoudens zonder alternatief in de warmtetransitie een betaalbaar alternatief voor gas dreigen mis te lopen; verzoekt de regering om bij de Voorjaarsnota middelen vrij te maken om nieuwe warmtenetten mogelijk te maken.
Verbod op fossiele brandstof bij nieuwbouw
12 januari, GroenLinks-PvdA
De regering moet het verbod op fossiele brandstoffen in de Bgiw behouden. Dit is een wet die regels stelt voor de bouw en het gebruik van infrastructuur. Nederland moet namelijk uiterlijk in 2050 klimaatneutraal zijn. Duidelijke afspraken zijn hard nodig voor bedrijven die willen investeren en voor alle andere betrokken partijen. ›› 
Verworpen op 20 januari: 59 - 91
Volt
SP
DENK
D66
PvdD
GL-PVDA
CU
PVV
VVD
FVD
G-Markus
BBB
SGP
50PLUS
JA21
CDA
Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
De kamer, overwegende dat Nederland ten minste in 2050 klimaatneutraal moet zijn; overwegende dat duidelijke en bindende langetermijndoelen essentieel zijn voor investeringszekerheid, en duidelijkheid bieden aan betrokken partijen; verzoekt de regering om het schrappen van het verbod op fossiel uit de Bgiw terug te draaien.
Ruimte voor biomassa bij verwarming van huizen
12 januari, SGP
De regering moet de regels voor energieverbruik aanpassen zodat biomassaketels toegestaan blijven in gebieden die van het aardgas afgaan. Gemeenten kunnen de regels dan zelf strenger maken als dat lokaal nodig is. Biomassa kan de overstap naar duurzame warmte beter betaalbaar maken. Nu worden deze ketels door te strenge landelijke eisen uitgesloten. ›› 
Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
De kamer, constaterende dat de regering in het voorliggende ontwerpbesluit een aanscherping van de energieprestatie-eis voor technische bouwsystemen voor ruimteverwarming in warmtetransitiegebieden heeft opgenomen; overwegende dat de regering op deze wijze onder meer op biomassa gestookte ketels uitsluit met het oog op de netbelasting en fijnstofproblematiek, terwijl deze problematiek niet in elke regio hetzelfde is en op biomassa gestookte ketels bij kunnen dragen aan een beter betaalbare warmtetransitie; overwegende dat in het onderliggende onderzoek een grenswaarde van 0,7 geadviseerd wordt met het oog op het uitsluiten van gasgestookte cv-ketels en hybride systemen met weinig warmtepompcapaciteit, terwijl in warmtetransitiegebieden geen sprake meer zal zijn van gasaansluitingen; verzoekt de regering te kiezen voor een energieprestatie-eis in warmtetransitiegebieden die op biomassa gestookte ketels mogelijk maakt en gemeenten zo nodig ruimte te geven om deze aan te scherpen als lokale omstandigheden daar om vragen.
Extra bescherming energiekosten kwetsbare groepen
12 januari, SGP
De regering moet de regels voor de warmteovergang aanpassen voor kwetsbare huishoudens. Deze mensen mogen bij de overstap op nieuwe warmtebronnen niet meer gaan betalen dan nu het geval is. Dit geldt zowel voor de maandelijkse rekening als voor de eenmalige kosten van de installatie. De huidige regels beschermen deze kwetsbare groepen nog niet goed genoeg tegen hogere woonlasten. ›› 
Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
De kamer, overwegende dat in het Ontwerpbesluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie als instructieregel wordt aangegeven dat bij de beoordeling van de gevolgen voor de woonlasten rekening gehouden moet worden met kwetsbare afnemers, maar dat deze instructieregel niet verder uitgewerkt is; overwegende dat de Kamer in het amendement-Erkens c.s. (36 387, nr. 20) heeft gevraagd om vergaande instructieregels ten aanzien van onder meer de betaalbaarheid, in het bijzonder voor kwetsbare afnemers, en dat deze instructieregels uitvoerbaar, transparant, rechtvaardig en uitlegbaar dienen te zijn; van mening dat aanscherping van de genoemde instructieregel nodig is om kwetsbare afnemers beter te beschermen; verzoekt de regering de genoemde instructieregel zo aan te passen dat ten minste voor kwetsbare afnemers het «niet meer dan anders»-principe van toepassing is, zowel wat betreft investeringskosten als de maandelijkse woonlasten.
13 januari, Tweeminutendebat Actuele ontwikkelingen in Venezuela en de veiligheid van het Caribisch deel van het Koninkrijk (CD 8/1)
Vrijlating politieke gevangenen in Venezuela
12 januari, D66, CDA, GroenLinks-PvdA, Volt, VVD
Het kabinet moet zich blijven inzetten voor de onmiddellijke vrijlating van alle politieke gevangenen in Venezuela. Naast de honderden mensen die om politieke redenen vastzitten, moeten ook de lopende rechtszaken stoppen. Gevangenen hebben nu vaak geen toegang tot medische zorg, hun familie of een advocaat. Dit is in strijd met de mensenrechten. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 143 - 7
50PLUS
PVV
G-Markus
D66
PvdD
CDA
SP
CU
SGP
DENK
BBB
Volt
JA21
VVD
GL-PVDA
FVD
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat in Venezuela, ondanks enkele vrijlatingen, nog steeds honderden mensen om politieke redenen vastzitten, waaronder mensenrechtenverdedigers en oppositiepolitici; constaterende dat veel van hen geen toegang hebben tot toereikende medische zorg, geen toegang hebben tot een advocaat en doorgaans geen contact mogen hebben met hun familie, wat in strijd is met fundamentele mensenrechten; overwegende dat Nederland zich verplicht het internationaal recht te bevorderen; van mening dat Nederland zich moet blijven inzetten voor het herstel van een vrije oppositie en een sterk maatschappelijk middenveld in Venezuela; verzoekt het kabinet zich actief te blijven inzetten voor de onmiddellijke vrijlating van alle in Venezuela vastgezette politieke gevangenen, aan te dringen op het opschorten van alle rechtszaken tegen hen, en te blijven aandringen op de bescherming van hun rechten, waaronder toegang tot medische zorg, familie en een advocaat.
Onderzoek naar alternatief voor de NAVO
12 januari, PvdD
De regering moet onderzoeken of er een nieuw samenwerkingsverband kan komen als vervanging voor de NAVO. De Verenigde Staten zijn geen betrouwbare bondgenoot meer omdat zij het internationaal recht schenden. Een nieuwe groep landen moet zich gaan richten op vrede, veiligheid en het verminderen van wapens wereldwijd. ›› 
Verworpen op 20 januari: 9 - 141
DENK
SP
PvdD
PVV
SGP
JA21
D66
VVD
CU
50PLUS
G-Markus
GL-PVDA
FVD
BBB
Volt
CDA
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat de VS met de inval in Venezuela het internationaal recht hebben geschonden; overwegende dat de VS ook met hun dreiging naar Groenland geen betrouwbare bondgenoot blijken; verzoekt de regering om een verkenning te doen naar een alternatief samenwerkingsverband voor de NAVO gebaseerd op het internationaal recht, gelijkwaardigheid en solidariteit, gericht op verdediging, vrede, veiligheid en wederzijdse ontwapening, en de Kamer hierover te informeren.
Minder import van gas en olie uit de VS
12 januari, PvdD, Volt
De regering moet een plan maken om stap voor stap te stoppen met de import van gas en olie uit de Verenigde Staten. Nederland moet voor deze grondstoffen niet meer afhankelijk zijn van andere landen. Door de huidige situatie in de wereld is deze onafhankelijkheid extra belangrijk geworden. ›› 
Verworpen op 20 januari: 33 - 117
SP
GL-PVDA
PvdD
DENK
Volt
CU
SGP
VVD
JA21
CDA
G-Markus
D66
50PLUS
PVV
BBB
FVD
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat Nederland grote hoeveelheden gas en olie uit de VS importeert; overwegende dat in de huidige geopolitieke context de noodzaak om voor onze grondstoffen onafhankelijk te worden van de VS alleen nog maar groter is geworden; verzoekt de regering om met een afbouwplan van Amerikaans gas en olie te komen, en de Kamer hierover te informeren.
Versterking militaire rol in het Noordpoolgebied
12 januari, SGP, BBB, VVD, CDA, ChristenUnie, Volt
De regering moet zich binnen de NAVO inzetten voor een grotere militaire rol van Europese landen in het Noordpoolgebied. Ook moet Defensie bij nieuwe investeringen rekening houden met deze regio. De strategische waarde van het Noordpoolgebied stijgt door spanningen tussen landen en klimaatverandering. Om het NAVO-gebied goed te verdedigen, is meer Europese aanwezigheid nodig. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 137 - 13
Volt
PVV
GL-PVDA
BBB
CDA
VVD
JA21
SGP
CU
50PLUS
PvdD
D66
G-Markus
SP
DENK
FVD
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat: – de strategische betekenis van het Arctische gebied toeneemt door geopolitieke spanningen, klimaatverandering en militaire activiteit; – het Witte Huis voor het verkrijgen van Groenland zelfs een militaire optie niet uitsluit; overwegende dat geloofwaardige afschrikking en verdediging van het NAVO-grondgebied ook een versterkte aanwezigheid van Europese bondgenoten vereist, waaronder maritieme capaciteiten en lucht- en landcapaciteiten; verzoekt de regering: – zich binnen de NAVO actief in te zetten voor een versterkte Europese bijdrage aan de militaire aanwezigheid in het Arctische gebied; – bij toekomstige defensie-investeringen expliciet rekening te houden met de Arctische dimensie.
Veroordeling van inval VS in Venezuela
12 januari, SP, Volt, GroenLinks-PvdA, PvdD, DENK
De regering moet de Amerikaanse inval in Venezuela duidelijk afleuren. Dit moet gebeuren via een publieke verklaring en door de ambassadeur van de VS op het matje te roepen. Nederland moet consequent zijn in het veroordelen van schendingen van het internationaal recht. ›› 
Verworpen op 20 januari: 30 - 120
GL-PVDA
Volt
SP
PvdD
DENK
FVD
PVV
VVD
G-Markus
CU
SGP
CDA
D66
50PLUS
BBB
JA21
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat de VS een illegale inval in Venezuela hebben gedaan; overwegende dat de Nederlandse regering consequent moet zijn in het veroordelen van schendingen van het internationaal recht; verzoekt de regering de inval van de VS in Venezuela ondubbelzinnig te veroordelen, zowel publiekelijk als door het ontbieden van de Amerikaanse ambassadeur.
Spoedberaad EU over acties Verenigde Staten
12 januari, Volt
De regering moet aan de president van de Europese Raad vragen om met spoed een extra vergadering te organiseren. De militaire interventie van de Verenigde Staten in Venezuela en de plannen voor Groenland vragen om een gezamenlijke reactie van de Europese Unie. ›› 
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat volgens artikel 15 van het Verdrag van de Europese Unie ieder lid van de Europese Raad een verzoek tot een buitengewone bijeenkomst mag indienen bij de president van de Raad; overwegende dat de militaire interventie van de Verenigde Staten in Venezuela en de beoogde overname van Groenland door de Verenigde Staten, waarbij die militaire inzet niet uitsluiten, een weloverwogen reactie en actie vanuit de EU vereisen; verzoekt de regering om een verzoek in te dienen bij de president van de Europese Raad voor het met spoed bijeenroepen van de Europese Raad voor een buitengewone bijeenkomst.
Veiligheid en stabiliteit in de Cariben
12 januari, ChristenUnie, BBB
De regering moet meer gaan samenwerken met andere landen in het Caribisch gebied. Veranderingen in de politiek van de Verenigde Staten kunnen de stabiliteit van de eilanden aantasten. Door de banden te versterken, blijven de eilanden in onze regio veilig op de korte en lange termijn. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 124 - 26
VVD
CDA
D66
Volt
DENK
50PLUS
GL-PVDA
BBB
SGP
JA21
CU
SP
PvdD
FVD
PVV
G-Markus
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, constaterende dat er naast het Caribisch deel van het Koninkrijk ook diverse andere landen en gebieden zijn die verbonden zijn met Europese landen en alle volgens de Verenigde Staten onder Amerikaanse invloedssfeer vallen; overwegende dat veranderend Amerikaans beleid gevolgen kan hebben voor de stabiliteit van deze eilanden en dat samenwerking voor alle betrokken landen, koninkrijken en gemenebesten noodzakelijk is; verzoekt de regering om de samenwerking met landen die in het Caribisch gebied aanwezig zijn te versterken en om gezien politieke ontwikkelingen de veiligheid en stabiliteit op korte termijn en lange termijn te blijven waarborgen.
Nauwere samenwerking met westerse bondgenoten
12 januari, ChristenUnie, SGP, VVD
De regering moet de militaire en economische samenwerking met Australië, Canada en het Verenigd Koninkrijk versterken. Dit is nodig om de internationale regels wereldwijd te kunnen blijven beschermen. Door nauwer samen te werken, vergroten Nederland en zijn bondgenoten hun gezamenlijke macht. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 140 - 10
G-Markus
DENK
VVD
Volt
CU
50PLUS
JA21
CDA
PvdD
BBB
PVV
GL-PVDA
SGP
D66
FVD
SP
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, overwegende dat om de principes van het internationaal recht te kunnen blijven handhaven versterking van de economische en militaire macht en samenwerking van Nederland en bondgenoten van belang zijn; verzoekt de regering om zowel bilateraal als in Europees verband de samenwerking met Australië, het Verenigd Koninkrijk en Canada verder te bestendigen, zowel op militair als op (geo-)economisch gebied.
Steun voor Deense soevereiniteit over Groenland
12 januari, CDA, Volt, GroenLinks-PvdA, D66, JA21, VVD, PvdD, SGP, ChristenUnie, 50PLUS, DENK, SP
Het kabinet moet Denemarken politiek en diplomatiek steunen bij de positie van Groenland. Groenland hoort bij het Koninkrijk Denemarken. Om de veiligheid in de regio rond de Noordpool te bewaken, moeten bondgenoten het internationaal recht en elkaars grondgebied respecteren. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 143 - 7
VVD
Volt
D66
SP
50PLUS
BBB
JA21
DENK
SGP
PVV
CDA
G-Markus
CU
PvdD
GL-PVDA
FVD
Het Nederlands buitenlands beleid ten aanzien van Latijns-Amerika en de Cariben
De kamer, overwegende dat Groenland een zelfbesturend onderdeel is van het Koninkrijk Denemarken en dat internationale rechtsprincipes, waaronder soevereiniteit en territoriale integriteit, leidend zijn; overwegende dat stabiliteit en veiligheid in het Arctisch gebied vraagt om respect voor het internationaal recht en nauwe samenwerking tussen bondgenoten; spreekt uit dat Nederland hecht aan soevereiniteit en internationaal recht als fundament van de internationale orde; verzoekt het kabinet om in afstemming met de Europese partners en bondgenoten Denemarken politiek en diplomatiek te steunen waar het de status en positie van Groenland betreft.
18 december, Tweeminutendebat Netcongestie en energie-infrastructuur (CD 27/11)
Toekomst van het dorp Moerdijk
17 december, BBB
De regering mag geen definitieve besluiten nemen over het opheffen van het dorp Moerdijk. Dit mag pas als het echt nodig is voor de industrie en als alle inwoners hiermee instemmen. Nu zijn de plannen voor de circulaire economie en de energietransitie nog niet afgerond. De inwoners van Moerdijk moeten zekerheid krijgen over hun woonplaats. ›› 
Verworpen op 18 december: 52 - 98
PVV
SP
FVD
JA21
PvdD
BBB
DENK
Volt
SGP
VVD
CDA
50PLUS
CU
GL-PVDA
D66
Voorzienings- en leveringszekerheid energie
De kamer, constaterende dat de gemeente Moerdijk heeft uitgesproken geen andere uitkomst te zien dan het dorp Moerdijk op te heffen om plaats te maken voor de circulaire economie en de energietransitie; constaterende dat dit besluit gebaseerd is op nog onvoldragen plannen; verzoekt de regering geen onomkeerbare stappen te zetten die consequenties hebben voor het voortbestaan van Moerdijk dan nadat vaststaat dat dit absoluut noodzakelijk is en alle inwoners van Moerdijk hier ook mee hebben ingestemd.
Onderzoek naar stroomtekort bij vitale bedrijven
17 december, VVD, CDA
De regering moet uitzoeken welke belangrijke bedrijven geen aansluiting krijgen op het stroomnet. Ruim 14.000 bedrijven wachten nu op een aansluiting. Er is te weinig zicht op welke onmisbare sectoren hierdoor vastlopen, terwijl zij hard nodig zijn voor onze economie en samenleving. ›› 
Aangenomen op 18 december: 147 - 3
CDA
VVD
Volt
50PLUS
BBB
SGP
FVD
D66
SP
JA21
CU
GL-PVDA
PVV
DENK
PvdD
Voorzienings- en leveringszekerheid energie
De kamer, constaterende dat ruim 14.000 bedrijven momenteel wachten op een aansluiting op het elektriciteitsnet; overwegende dat er onvoldoende zicht is op welke kritieke sectoren en bedrijven op dit moment geen aansluiting kunnen krijgen, terwijl het vanuit maatschappelijk of economisch oogpunt wel wenselijk is; verzoekt de regering in kaart te brengen welke kritieke sectoren of bedrijven momenteel geen toegang hebben tot het elektriciteitsnet, terwijl aansluiting vanuit economisch of maatschappelijk oogpunt wenselijk is; verzoekt de regering dit overzicht uiterlijk in het tweede kwartaal van 2026 met de Kamer te delen.
Innovatie tegen een vol stroomnet in drie regio's
17 december, VVD
De regering moet de regio’s Flevoland, Gelderland en Utrecht aanwijzen als officieel innovatiegebied. Netcongestie, waarbij het stroomnet vol zit, is hier erg dringend. Door meer ruimte te geven in de wet voor experimenten, kunnen overheden en bedrijven samen slimme oplossingen bedenken. Deze regio's hebben al veel ervaring en die kennis moet gedeeld worden met de rest van Nederland. ›› 
Aangenomen op 18 december: 144 - 6
GL-PVDA
CDA
D66
SGP
DENK
CU
JA21
Volt
PVV
FVD
50PLUS
VVD
BBB
SP
PvdD
Voorzienings- en leveringszekerheid energie
De kamer, constaterende dat netcongestie in de regio Flevoland, Gelderland en Utrecht (de FGU-regio) momenteel het meest urgent is; overwegende dat meer experimenteerruimte voor innovatieve oplossingen in de FGU-regio kan bijdragen aan het versneld tegengaan van netcongestie; overwegende dat de FGU-regio reeds ruime ervaring heeft opgedaan met het ontwikkelen van oplossingen die ook op nationaal niveau kunnen worden benut; verzoekt de regering om de FGU-regio aan te merken als innovatiegebied en daarbij meer experimenteerruimte te creëren door te kijken naar meer ruimte in de huidige wettelijke en beleidsmatige kaders, zodat overheden in samenwerking met marktpartijen aan de slag kunnen om netcongestie op innovatieve, onorthodoxe manieren aan te pakken; verzoekt de regering om ervoor te zorgen dat de expertise van de FGU-regio zo goed mogelijk wordt benut door goede samenwerking te bevorderen tussen de regionale expertisecentra in de FGU-regio en andere regio’s.
Betere sturing op stroomcapaciteit
17 december, SGP
De regering moet samen met gemeenten en netbeheerders afspraken maken over het verdelen van de schaarse ruimte op het stroomnet. Lokale overheden moeten meer invloed krijgen op waar de stroom naartoe gaat. Nu dreigen belangrijke ontwikkelingen in gebieden vast te lopen, omdat de huidige regels voor voorrang de politieke en maatschappelijke keuzes van gemeenten onvoldoende meewegen. ›› 
Aangenomen op 18 december: 144 - 6
PVV
D66
Volt
JA21
CU
DENK
CDA
FVD
50PLUS
BBB
SGP
GL-PVDA
VVD
SP
PvdD
Voorzienings- en leveringszekerheid energie
De kamer, constaterende dat de Autoriteit Consument & Markt (ACM) onlangs het codebesluit prioriteringsruimte transportverzoeken 2025 heeft vastgesteld, waarbij de ACM heeft aangegeven het kader periodiek te evalueren om rekening te houden met gewijzigde maatschappelijke omstandigheden; overwegende dat gemeenten zich zorgen maken over onder meer het schrappen van de werkwijze waarbij netbeheerders transportcapaciteit reserveren voor toekomstige kleinverbruikers; overwegende dat het voorliggende kader grote invloed heeft op de verdeling van schaarse ruimte en de economische en maatschappelijke ontwikkeling van gebieden, bij uitstek zaken die normaal gesproken politieke keuzes en democratische besluitvorming vragen; verzoekt de regering in overleg met gemeenten en netbeheerders op korte termijn een gestructureerd overleg te organiseren over de toepassing van het prioriteringskader, waaronder de relatie tussen netcapaciteit en omgevingsrechtelijke sturingsinstrumenten; verzoekt de regering te verduidelijken hoe keuzes van decentrale overheden en netbeheerders een expliciete plaats kunnen krijgen in de afwegingen rond netcongestie en prioritering, met behoud van een duidelijke rolverdeling; verzoekt de regering eventuele knelpunten bij toepassing van het prioriteringskader te adresseren bij de periodieke evaluatie door de ACM.
Snellere uitbreiding van het stroomnet
17 december, D66
De regering moet Europese plannen (het EU Grids Package) zo snel mogelijk in Nederlandse wetten opnemen. Het stroomnet zit vol en nieuwe projecten duren nu te lang door strenge regels voor vergunningen en stikstof. Door deze nieuwe regels kunnen vergunningen voor het elektriciteitsnet en duurzame energie sneller worden afgegeven. ›› 
Aangenomen op 18 december: 114 - 36
SGP
50PLUS
SP
Volt
GL-PVDA
JA21
DENK
VVD
BBB
CDA
CU
D66
PVV
PvdD
FVD
Voorzienings- en leveringszekerheid energie
De kamer, constaterende dat de Europese Commissie het EU Grids Package heeft gepresenteerd om de uitbreiding en versterking van het elektriciteitsnet te versnellen; constaterende dat het EU Grids Package voorziet in de versnelling van vergunningprocedures voor netprojecten en duurzame energieprojecten door aanpassingen in de toepassing van milieuregels; overwegende dat Nederland voor een grote opgave staat op het gebied van netuitbreiding en dat projecten momenteel vertraging oplopen door knelpunten in de vergunningverlening, waaronder de stikstofimpasse; overwegende dat een tijdige en effectieve omzetting van Europese regelgeving naar nationale wetgeving noodzakelijk is om netcongestie te verminderen en investeringen te versnellen; verzoekt de regering te onderzoeken op welke wijze de voorstellen uit het EU Grids Package zo snel mogelijk kunnen worden omgezet in Nederlandse wet- en regelgeving, daarbij in kaart te brengen welke nationale beleids- en wetswijzigingen nodig zijn en welke ruimte bestaat voor nationale keuzes en versnelling, en de Kamer twee keer per jaar te informeren over de voortgang van dit onderzoek en de opvolging daarvan.