14 januari, Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer) (36711)
De regering moet ervoor zorgen dat pinautomaten in landelijke gebieden beter bereikbaar blijven. De huidige grens van 5 kilometer wordt nu hemelsbreed gemeten. Dit houdt te weinig rekening met de werkelijke reisafstand voor mensen in dorpen en op het platteland. ››
De regering moet een noodplan maken voor als geldtransporteur Brink’s uitvalt. Ook moet de regering onderzoeken of de sector beschermd kan worden tegen ongewenste buitenlandse overnames via de Wet vifo. Brink’s heeft bijna de hele markt in handen. Als dit bedrijf stopt of in verkeerde handen valt, kunnen mensen geen contant geld meer pinnen en ontstaan er veiligheidsrisico’s. ››
De regering moet ervoor zorgen dat contant geld goed bereikbaar en beschikbaar blijft. In de nieuwe Wet chartaal betalingsverkeer moeten strenge en bindende regels komen voor banken en geldautomaten. Dit is nodig omdat contant geld voor veel mensen en ondernemers onmisbaar is om hun dagelijkse zaken te regelen. ››
De regering moet de tarieven voor het storten van contant geld door ondernemers zo laag mogelijk houden. Het liefst blijven deze kosten gelijk. Als de tarieven toch stijgen, mag dit niet meer zijn dan de inflatie. Hiermee worden ondernemers beschermd tegen hoge kosten bij het gebruik van de basisinfrastructuur voor contant geld. ››
De regering moet bij elke evaluatie van overheidsgeld laten zien hoe er 20% minder kan worden uitgegeven. Op dit moment worden deze verplichte plannen vaak niet goed uitgewerkt. Door deze bezuinigingsopties voortaan wel duidelijk te presenteren, kan de Kamer betere financiële keuzes maken voor de landelijke begroting. ››
De regering moet een plan maken om de externe controle op het geld van de overheid te verbeteren. In dit plan worden de financiële controles van de Algemene Rekenkamer en de Auditdienst Rijk samengevoegd. Dit is nodig voor een onafhankelijke controle die voldoet aan internationale standaarden. Zo krijgt de Kamer een betrouwbaarder beeld of ons belastinggeld doelmatig wordt uitgegeven. ››
De regering moet via internationale organisaties zoals het Rode Kruis en UNICEF blijven meehelpen om de nood in Haïti te verlichten. Ook moet de regering aandringen op extra hulpmaatregelen. Dit is nodig omdat gewapende bendes het land terroriseren en meer dan de helft van de bevolking te weinig te eten heeft. ››
De regering moet zich in Europa inzetten voor sancties tegen Israëlische ministers en hoge functionarissen. Zij belemmeren het werk van hulpverleners en mensenrechtenorganisaties in de Palestijnse gebieden. Eerder kreeg Rusland ook al zulke straffen voor het vervolgen van maatschappelijke organisaties. ››
De regering moet zich uitspreken tegen lastercampagnes die Nederlandse hulporganisaties zwartmaken of als crimineel neerzetten. Deze campagnes tasten de onafhankelijkheid en de goede naam van de organisaties aan. Hierdoor kunnen zij hun werk in de wereld minder goed doen. ››
De regering moet extra geld voor humanitaire crises zoveel mogelijk uitgeven via lokale organisaties en het Rode Kruis. Deze organisaties kennen de lokale situatie het beste en kunnen daardoor snel en efficiënt hulp bieden. Tot nu toe zijn de doelen om hulp meer lokaal te organiseren nog onvoldoende gehaald. ››
De regering moet sterke diplomatieke druk uitoefenen op Israël om Nederlandse hulporganisaties weer toegang te geven tot de Palestijnse gebieden. Israël heeft de registratie van veel organisaties ingetrokken. Hierdoor stopt de levering van belangrijk voedsel en medicijnen aan de bevolking in Gaza en de Westelijke Jordaanoever. ››
De regering moet de vergunningen voor wapenverkoop aan de Indonesische overheid opnieuw controleren. De marine van Indonesië schendt mogelijk de mensenrechten in West-Papoea. Volgens Europese regels moet Nederland de wapenexport daarom opnieuw beoordelen. ››
De regering moet stoppen met het kopen van Israëlische wapens en spionagetechniek. Nederland kocht de afgelopen jaren voor 2 miljard euro aan materieel bij de Israëlische wapenindustrie. Het is onwenselijk om afhankelijk te zijn van bedrijven die betrokken zijn bij oorlogsmisdaden. Europa moet strategisch onafhankelijk worden van landen die militair geweld en agressie gebruiken. ››
De regering moet zich binnen de Europese Unie inzetten voor een verbod op wapenverkoop aan landen die mensenrechten schenden. Nu exporteren EU-landen nog wapens naar landen als Saudi-Arabië, die betrokken zijn bij oorlogsmisdaden. Dit moet stoppen om te voorkomen dat Europese wapens worden gebruikt bij het schenden van het internationaal recht. ››
De regering moet maatregelen nemen om de stroom van wapens naar strijdende groepen in Sudan te stoppen. Ook moet de regering het eigen Nederlandse exportbeleid strenger controleren. Dit voorkomt dat wapens via Nederland per ongeluk toch in handen komen van partijen die in Sudan vechten. ››
De regering mag niet toetreden tot het Verdrag van Aken. Dit verdrag over wapenexport mag alleen getekend worden als de regels voor de uitvoer van wapens net zo streng blijven als nu. In dit verdrag bepaalt het land waar het eindproduct vandaan komt de regels. Dat mag er niet toe leiden dat Nederlandse wapens of onderdelen worden gebruikt voor het schenden van mensenrechten. ››
De regering moet extra nationale exportbeperkingen instellen voor dual-usegoederen naar Israël. Dit zijn goederen die zowel voor gewone als militaire doelen gebruikt kunnen worden. Er is een risico dat deze goederen worden ingezet tegen burgers bij militaire operaties of onderdrukking. ››
De regering moet de handel in wapens met Israël volledig en blijvend stoppen. Dit geldt voor de verkoop, aankoop en de doorvoer van wapentuig. Volgens het Internationaal Gerechtshof is er een echt risico op genocide in Gaza. Nederland is op basis van het Genocideverdrag verplicht om alles te doen om dit te voorkomen. ››
De regering moet de export van militaire goederen en technologie naar Sudan beter controleren. In Sudan worden de mensenrechten ernstig geschonden. Op dit moment kan export via andere landen nog steeds in Sudan terechtkomen. Met extra inspanningen moet het risico op deze verboden doorlevering zo klein mogelijk worden gemaakt. ››
Aangenomen op 20 januari: 117 - 33
BBB
CDA
GL-PVDA
SGP
PvdD
SP
50PLUS
JA21
VVD
CU
D66
DENK
Volt
PVV
G-Markus
FVD
13 januari, Tweeminutendebat Voortgang Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (30995-106)
De regering moet voor de begroting van 2027 een plan maken voor de langdurige betaling van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid. Dit programma verbetert achterstandswijken. Om de veiligheid en leefbaarheid in deze twintig gebieden echt te veranderen, is voor een lange periode vast geld nodig. Dat ontbreekt nu nog. ››