De regering moet een voorstel doen om de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte voor het kleinbedrijf te verkorten van twee jaar naar één jaar. Dit moet tegelijkertijd gebeuren met de invoering van de Wet meer zekerheid flexwerkers. Zo wordt het voor kleine werkgevers minder risicovol om mensen een vast contract te geven.
Motie van de leden Wiersma en Van Houwelingen over de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte voor het kleinbedrijf verkorten naar één jaar
De kamer,
constaterende dat de Raad van State adviseert dat een fundamentele
hervorming van de arbeidsmarkt ook aanpassingen aan het vaste contract
vereist om het aantrekkelijker te maken voor werkgevers;
overwegende dat de nieuwe administratieve vervaltermijn van vijf jaar en
de strengere regels voor externe inhuur het risico vergroten dat
werknemers na drie jaar definitief hun baan verliezen omdat werkgevers
de drempel naar een vast contract te hoog vinden;
van mening dat meer zekerheid voor werknemers onlosmakelijk
verbonden moet zijn met het verminderen van risico’s voor de (kleine)
werkgever;
verzoekt de regering om, gelijktijdig met de invoering van de Wet meer
zekerheid flexwerkers, met een concreet voorstel te komen om de
loondoorbetalingsverplichting bij ziekte voor het kleinbedrijf te verkorten
van twee jaar naar één jaar.
Waarom voor? Er is in het verkiezingsprogramma geen informatie te vinden die direct pleit voor het verkorten van de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte voor werkgevers.
Waarom tegen? De partij streeft naar meer zekerheid voor werknemers en wil juist dat mensen meer zicht hebben op een vaste aanstelling [2]. Daarnaast willen zij dat zorgaanbieders worden aangemoedigd om te werken met vaste contracten [3] en willen zij het uitzendbeding, waarbij een contract bij ziekte stopt, verbieden [1]. Het verkorten van de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte zou de zekerheid voor de werknemer bij ziekte kunnen verminderen, wat haaks staat op de wens om uitzendkrachten dezelfde arbeidsvoorwaarden te geven als vaste werknemers [1].
Bronnen:
"We beperken arbeidscontracten tot vaste en tijdelijke contracten voor regulier werk, uitzendcontracten voor piekperiodes, en zelfstandigencontracten voor zzp'ers. Uitzendkrachten krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als vaste werknemers en het uitzendbeding voor uitzendkrachten, waardoor bij ziekte het contract stopt, wordt verboden." (0.695)
"We willen af van flexcontracten en tijdelijke aanstellingen op scholen. Onderwijspersoneel dient zicht te hebben op een vaste aanstelling." (0.695)
"Zorg wordt het liefst op wijk- of dorpsniveau georganiseerd en wanneer nodig opgeschaald naar regionaal of landelijk niveau. Het aantal zorgaanbieders in wijk of dorp wordt beperkt en zorghulpverleners worden voor inwoners vaste en bekende gezichten. Zorgaanbieders worden zoveel mogelijk aangemoedigd om te werken met vaste contracten voor hun medewerkers." (0.672)