Betere samenwerking voor drone-onderzoek

De regering moet een regiegroep opzetten met bedrijven en onderzoekers om het testen met drones te verbeteren. De huidige regels zijn te complex en er is niet genoeg ruimte om te oefenen. Samenwerking is nodig om problemen sneller op te lossen en de sector vooruit te helpen.

Motie van het lid Jagtenberg c.s. over een regiegroep instellen om de publiek-private samenwerking rondom testgebieden voor drones verder vorm te geven

De kamer, constaterende dat commerciële partijen in Nederland worden belemmerd bij het testen en experimenteren met drones door complexe wet- en regelgeving en onvoldoende fysieke experimenteerruimte; overwegende dat er op dit moment geen gremium is waarbinnen de gehele Nederlandse dronesector op reguliere basis samenwerkt met Defensie en de Nederlandse overheid; overwegende dat nauwe samenwerking met commerciële partijen en kennisinstellingen essentieel is om knelpunten nu en in de toekomst te identificeren en op te lossen; verzoekt de regering om de publiek-private samenwerking rondom testen experimenteergebieden voor drones verder vorm te geven middels een regiegroep met een zo breed mogelijke vertegenwoordiging van de dronesector en kennisinstellingen, en de Kamer jaarlijks te informeren over de voortgang.
13 april | D66, CDA, CU, SGP, VVD | Aangenomen: 144–6 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt dat zij ruimte creëert voor het veilig en gecontroleerd testen van nieuwe technologieën [1], wat direct aansluit bij het doel van de motie. Daarnaast wil de partij obstakels in publiek-private samenwerking wegnemen [2] en pleit zij voor een gezamenlijk innovatieprogramma van Defensie, Economische Zaken en het bedrijfsleven [3]. Ook wil de partij investeren in nieuwe technologieën [5] en ruimte geven aan innovatiekracht en ondernemerszin [4].

Argumenten tegen: Er is geen directe aanleiding in het verkiezingsprogramma om tegen deze motie te stemmen. De enige mogelijke kanttekening is dat de partij terughoudend wil zijn met nieuw beleid [6] en regeldruk wil verminderen [6], maar de motie beoogt juist het wegnemen van barrières en het stroomlijnen van samenwerking, wat niet strijdig lijkt met dit streven.

Bronnen:

  1. "Wij creëren ruimte om nieuwe technologieën veilig en gecontroleerd te testen, zodat innovaties sneller de samenleving ten goede komen."
  2. "We herzien de Wet Markt en Overheid, ontdoen die van Nederlandse koppen op Europese regels waar dat kan en nemen belemmeringen in publiek-private samenwerking weg. Bijvoorbeeld bij grondtransacties ten behoeve van snelle woningbouw of maatschappelijke initiatieven op de grote opgaven van het land, zoals klimaat en energie."
  3. "Defensie en Economische Zaken maken een gezamenlijk innovatieprogramma met het bedrijfsleven en onderzoeksinstellingen. We sluiten aan bij nationale technologiestrategie en sectoragenda's voor vernieuwing van het industriebeleid."
  4. "Vooruitgang vraagt ook dat we investeren in een toekomstgerichte economie. Ondernemen moet weer leuk zijn en worden beloond vanuit de politiek. We willen ruimte geven aan innovatiekracht en ondernemerszin. Daarom investeren we in onderzoek, stimuleren we innovatie en versterken we onze regio's. We investeren in mensen via leven lang ontwikkelen. Want een eerlijke en sterke economie is de basis voor een welvarend Nederland, nu en in de toekomst."
  5. "We geven het Groeifonds een nieuwe impuls en investeren daarmee in nieuwe technologieën die nodig zijn voor de toekomst. Nederlandse toponderzoeksinstellingen brengen we actief in stelling en sluiten aan bij Europese technologieprogramma's, zoals het Digital Europe Program."
  6. "We zetten de aanpak door om regeldruk voor het mkb te verminderen en breiden die uit naar de zorg, het onderwijs en de sociale zekerheid, in samenwerking metbrancheorganisaties, verzekeraars en medeoverheden. Dat vraagt ook om een overheid die terughoudend is met nieuw beleid. Subsidies en de regelgeving die daarmee samenhangt moeten in balans zijn met het beoogde doel en de omvang van de middelen van een regeling."