De regering moet samen met gemeenten in kaart brengen welke hulp voor kwetsbare jongeren mogelijk is binnen de Participatiewet. Nu is er nog te veel onduidelijkheid over wat mag. Hierdoor krijgen jongeren soms geen goede hulp bij schulden of werk. De regering moet laten weten welke regels verbeterd kunnen worden om die hulp makkelijker te maken.
Motie van het lid Hamstra c.s. over in kaart brengen welke ruimte de Participatiewet reeds biedt voor tijdelijke, ontwikkelingsgerichte interventies voor kwetsbare jongeren
De kamer,
constaterende dat de Kamer met het gewijzigde amendement-Ergin c.s.
middelen heeft vrijgemaakt voor tijdelijke, ontwikkelingsgerichte
interventies voor kwetsbare jongeren, onder meer gericht op schuldaanpak, terugkeer naar onderwijs en geleidelijke toeleiding naar werk;
overwegende dat in de praktijk behoefte bestaat aan duidelijkheid over
welke tijdelijke, ontwikkelingsgerichte interventies voor kwetsbare
jongeren binnen de kaders van de Participatiewet mogelijk zijn;
overwegende dat onduidelijkheid hierover ertoe kan leiden dat effectieve
ondersteuning voor kwetsbare jongeren onnodig wordt belemmerd;
verzoekt de regering om samen met gemeenten en betrokken uitvoerders
in kaart te brengen welke ruimte de Participatiewet reeds biedt voor
tijdelijke, ontwikkelingsgerichte interventies voor kwetsbare jongeren,
welke belemmeringen in wet- en regelgeving of uitvoering worden
ervaren, en de Kamer voor de begrotingsbehandeling van SZW voor 2027
te informeren over hoe die belemmeringen zo mogelijk kunnen worden
weggenomen.
Argumenten voor: De partij streeft naar vereenvoudiging van regelgeving [1] en wil voor gemeenten duidelijker maken wat mogelijk is binnen het stelsel. Daarnaast ondersteunt de partij maatwerk en het wegnemen van onduidelijkheden in gemeentelijke regelingen [5]. Door de ruimte voor interventies te verduidelijken, wordt het doel ondersteund om jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt naar zelfstandigheid te begeleiden [2] en wordt er gehoor gegeven aan de wens om zorgprofessionals meer ruimte en vertrouwen te geven [3].
Argumenten tegen: De partij zou kunnen aanvoeren dat er al afspraken liggen in de 'Hervormingsagenda Jeugd' en dat het Rijk daarop moet sturen en ingrijpen [4]. Een extra onderzoek naar belemmeringen in de Participatiewet zou in theorie als dubbel werk of vertraging gezien kunnen worden als het niet aansluit bij bestaande monitoringsafspraken.
Bronnen:
"We verduidelijken regelgeving zodat voor gemeenten, jongeren, ouders en aanbieders duidelijk is wat er wel en wat niet onder jeugdzorg valt."
"Passende nazorg en loopbaanbegeleiding voor jongeren vanuit het PRO en het VSO is nodig om jongeren met (een risico op) afstand tot de arbeidsmarkt te begeleiden en op deze manier de kansengelijkheid van deze jongeren te bevorderen op hun weg naar duurzame economische zelfstandigheid."
"Op dit moment maakt één op de zeven jongeren gebruik van jeugdzorg en de mentale gezondheid van onze jongeren en jongvolwassenen staat breed onder druk. Het CDA wil een integrale aanpak bij hulp voor gezinnen, waarbij aandacht is voor een stabiele basis, zoals huisvesting, goed onderwijs, de impact van social media en het gezin. In het vangnet om kinderen heen zijn ouders, gemeenschappen en verenigingen cruciaal. Jeugdzorg moet aanvullend zijn, niet het startpunt. We zetten het kind centraal, niet de zorgaanbieder. Jongeren moeten zoveel als mogelijk mee kunnen praten over wat zij denken dat nodig is en wie hun daarbij kan steunen. De zorgprofessionals geven we meer ruimte en vertrouwen."
"Het Rijk en de gemeenten houden zich aan de (financiële) afspraken van de Hervormingsagenda Jeugd. We monitoren en sturen op adviezen van de Commissie Van Ark, en grijpen in wanneer de afspraken niet worden gehaald."
"Armoede is in Nederland nog steeds aanwezig. Veel gemeenten hebben aanvullende regelingen voor mensen in de bijstand of met een laag inkomen. Deze regelingen verschillen enorm en het is niet wenselijk dat de gemeente waar je woont bepalend is in hoeverre je kunt rondkomen en werken kan lonen. We willen daarom in overleg met gemeenten komen tot vereenvoudiging en een basisniveau van gemeentelijke regelingen, met mogelijkheden voor maatwerk. Ook het stimuleren van samenwerking met particulier initiatief hoort daarbij."