De regering moet onderzoeken hoe universiteiten onderzoekers beter kunnen helpen bij hun maatschappelijke impact. Nu worden onderzoekers nog te weinig gestimuleerd om hun werk waardevol te maken voor de samenleving. Deze steun is nodig om Nederlands toptalent te behouden en de wetenschap vooruit te helpen.
Motie van het lid Rooderkerk c.s. over onderzoekers stimuleren en ondersteunen bij activiteiten gericht op valorisatie en maatschappelijke impact
De kamer,
constaterende dat het erkennen en waarderen van onderzoekers steeds
belangrijker wordt binnen het wetenschappelijke systeem;
overwegende dat valorisatie en maatschappelijke impact een belangrijk
onderdeel vormen van wetenschappelijk onderzoek;
overwegende dat het voor Nederland van groot belang is om aantrekkelijk
te blijven voor (internationaal) onderzoekstalent;
overwegende dat onderzoekers nog niet altijd voldoende worden
gestimuleerd en ondersteund bij activiteiten op het terrein van valorisatie
en maatschappelijke impact;
verzoekt de regering om te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn voor
universiteiten om hun onderzoekers beter te stimuleren en ondersteunen
bij activiteiten gericht op valorisatie en maatschappelijke impact.
Argumenten voor: De partij zet in op investeringen in wetenschap en onderzoek om de economie te ontwikkelen en de kansen voor innovatie te vergroten [1][2]. Het bevorderen van een beter samenspel tussen wetenschap, kennisinstituten en bedrijven is essentieel voor de toekomstige welvaart [2]. Dit sluit aan bij de motie, die vraagt om onderzoekers beter te ondersteunen bij valorisatie en maatschappelijke impact, wat bijdraagt aan dit samenspel en valorisatie.
Argumenten tegen: De partij is terughoudend ten aanzien van internationalisering en het aantrekken van (internationaal) talent, omdat zij zich wil richten op het opleiden van Nederlandse studenten en de druk op voorzieningen wil verminderen [3][4]. De motie spreekt over het aantrekkelijk blijven voor internationaal talent, wat mogelijk op gespannen voet staat met het streven van de partij om het aantal studiemigranten juist te verminderen.
Bronnen:
"Investeringen in wetenschap en onderzoek zijn nodig als we ons als land willen blijven ontwikkelen, in lijn met de Lissabondoelstelling van 3%. Innovaties zijn nodig om de omslag naar een ecologisch verantwoorde en competitieve economie te maken waarin we op een duurzame manier samenleven, consumeren en produceren. We investeren blijvend in praktijkgericht onderzoek op hogescholen en bevorderen de samenwerking binnen het hoger onderwijs door geschikte fondsen en subsidies. Bovendien investeren we in sectorplannen en in ongebonden onderzoek op de universiteiten."
"Om onze toekomstige welvaart zeker te stellen is het van belang om nu te investeren in innovatie en productiviteit. Dat vraagt om een beter samenspel van wetenschap, kennisinstituten, opleidingen en bedrijven. Er komt een nationale investeringsbank, als voortzetting van InvestNL. Op macroniveau bedragen op termijn de publieke en private uitgaven aan innovatie en onderzoek 3% van het nationaal inkomen. We verbeteren de toegang van het mkb, start-ups en scale-ups tot groeikapitaal, ook via nonbancaire financiers als Qredits. We versterken de regionale industrieclusters, bijvoorbeeld via een investeringsdeal waar huisvesting onderdeel van is. Hierbij valt te denken aan de herbestemming van ongebruikte kantoorpanden."
"Het opleiden van Nederlandse studenten vormt de kerntaak van Nederlandse universiteiten; we zetten daarom in op vermindering van het aantal studiemigranten. Nederland verwelkomt talent uit het buitenland, maar is geen (bekostigde) opleidingsplaats voor iedere student die zich meldt. Dit legt in sommige steden een te grote druk op beschikbare voorzieningen. Het aanbieden van Nederlandstalig bacheloronderwijs is het uitgangspunt. Om (top)sectoren van internationaal talent te kunnen voorzien, maken we in lijn met de inzet van Universiteiten van Nederland (UNL) een landelijke afweging welke studies en bijpassende studiemigratie daarvoor verantwoord en nodig zijn. Hierover maken we in internationaal verband nieuwe afspraken. We passen het financieringsmodel aan om te voorkomen dat internationale studenten nodig zijn voor het voortbestaan van studies of instellingen. Zie ook het punt 'Studiemigratie' in paragraaf 10.3."
"Studiemigratie draagt door uitwisseling van kennis en culturen bij aan de (economische) groei van Nederland en wederzijds begrip tussen culturen. Het aantal internationale studenten is echter enorm toegenomen en legt in sommige steden een te grote druk op beschikbare voorzieningen. Het opleiden van Nederlandse studenten vormt de kerntaak van Nederlandse universiteiten; we zetten daarom in op vermindering van het aantal studiemigranten. We stimuleren integratie van studenten via verplichte taallessen en meer studentenkamers in traditionele studentenhuizen, georganiseerd door de ontvangende onderwijsinstellingen. Zie ook 'Internationalisering van het hoger onderwijs' in paragraaf 3.3."