Stopzetting subsidies bij discriminatie

De regering moet regels maken om subsidies in te trekken als organisaties bewust Joodse artiesten weren. Discriminatie op basis van afkomst mag niet worden beloond met belastinggeld.

Motie van de leden Ellian en Bikker over mogelijke consequenties voor gesubsidieerde organisaties die bewust Joodse artiesten geen podium bieden

De kamer, constaterende dat in Duitsland subsidies met organisaties die zich schuldig maken aan antisemitisme kunnen worden beëindigd; verzoekt de regering om uit te werken op welke wijze consequenties kunnen worden verbonden aan verstrekte subsidies indien gesubsidieerde organisaties bewust Joodse artiesten geen podium bieden.
21 april | VVD, CU | Aangenomen: 87–63 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat discriminatie en racisme bestraft moeten worden [4] en dat er actieve verplichtingen gelden voor organisaties om discriminatie te voorkomen [1]. Omdat de motie zich richt op het koppelen van consequenties aan organisaties die discrimineren (het weigeren van Joodse artiesten), sluit dit aan bij het beleid dat er streng opgetreden wordt tegen discriminatie [4]. Tevens benadrukt de partij het belang van de veiligheid van Joodse gemeenschappen, onder meer door de steun aan het Joods Politienetwerk [5].

Argumenten tegen: De partij wil de creatieve sector actief betrekken bij maatschappelijke opgaven en investeren in de samenwerking tussen overheid en deze sector [2]. Bovendien wijst de partij op de kwetsbare positie van kunstenaars en pleit voor betere bescherming en ondersteuning [6]. Het direct intrekken van subsidies zou de samenwerking en het artistieke klimaat kunnen schaden, wat haaks staat op het streven naar een diverse culturele sector met meer ruimte voor kunstenaars [3].

Bronnen:

  1. "Deze Antidiscriminatiewet bevat ook actieve verplichtingen om discriminatie te voorkomen. Deze gelden zowel voor publieke als private organisaties - denk aan scholen, werkgevers, verhuurders en gemeentes. Voor alle overheidsorganen en bestuurslagen bevat de wet een gelijkebehandelingsplicht in beleid en voor de uitvoering daarvan."
  2. "De creatieve sector wordt actief betrokken bij maatschappelijke opgaven. Kunstenaars en ontwerpers brengen nieuwe perspectieven en kunnen vastgelopen processen doorbreken. We zetten deze aanpak voort en investeren in de samenwerking tussen overheid en creatieve sector."
  3. "We willen een diverse culturele sector, met meer ruimte voor individuele kunstenaars, kleine collectieven en nieuwe kunstvormen. Cultuur moet overal in Nederland te vinden zijn, ook buiten de grote steden."
  4. "Discriminatie en racisme op de werkvloer komen nog steeds voor. D66 wil dat bedrijven die discrimineren bestraft worden. Dit geldt voor zowel discriminatie tijdens werving- en selectieprocedures, als ongelijke kansen op de werkvloer zelf. De overheid geeft zelf het goede voorbeeld o.a. met 'blinde' sollicitaties en het creëren van meer (fysiek) toegankelijke werkplekken."
  5. "Haat en geweld tegen mensen vanwege hun geloof, afkomst, seksuele oriëntatie of genderidentiteit neemt toe. Dat moet stoppen. We investeren in gespecialiseerde rechercheurs, betere training bij de politie en diversiteitsnetwerken, zoals Roze in Blauw, het Joods Politienetwerk en het Landelijk Caribisch Netwerk. We nemen extra beveiligingsmaatregelen waar dat nodig is, zoals bij moskeeën en synagogen."
  6. "Kunstenaars kunnen zich in een kwetsbare positie bevinden, met ongezonde machtsverhoudingen. D66 wil een betere beloning en meer toezicht op werkomstandigheden en betere bescherming van auteursrechten."