Stopzetting subsidies bij discriminatie

De regering moet regels maken om subsidies in te trekken als organisaties bewust Joodse artiesten weren. Discriminatie op basis van afkomst mag niet worden beloond met belastinggeld.

Motie van de leden Ellian en Bikker over mogelijke consequenties voor gesubsidieerde organisaties die bewust Joodse artiesten geen podium bieden

De kamer, constaterende dat in Duitsland subsidies met organisaties die zich schuldig maken aan antisemitisme kunnen worden beëindigd; verzoekt de regering om uit te werken op welke wijze consequenties kunnen worden verbonden aan verstrekte subsidies indien gesubsidieerde organisaties bewust Joodse artiesten geen podium bieden.
21 april | VVD, CU | Aangenomen: 87–63 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt dat zij 'overheidssubsidies van organisaties in binnen- en buitenland die zich schuldig maken aan discriminatie of haatzaaien' wil stoppen [1]. Daarnaast zegt de partij dat de 'Joodse gemeenschap een veilige plek in Nederland' verdient en dat zij de aanpak tegen antisemitisme wil versterken [2]. Het uitsluiten van Joodse artiesten kan worden gezien als discriminatie en antisemitisme, wat direct in lijn ligt met de wens van de partij om subsidiëring van dergelijke organisaties te beëindigen.

Argumenten tegen: Er is geen directe argumentatie in de fragmenten te vinden om tegen de motie te stemmen. De enige nuance in het programma is dat de partij in algemene zin kijkt naar het hervormen van de culturele basisinfrastructuur waarbij wordt ingezet op 'zo veel mogelijk eigen inkomsten in plaats van subsidies' [3], maar dit spreekt het voorwaardelijk stoppen van subsidies bij antisemitisch gedrag niet tegen.

Bronnen:

  1. "Stoppen subsidies haatzaaiers: We stoppen overheidssubsidies van organisaties in binnenen buitenland die zich schuldig maken aan discriminatie of haatzaaien."
  2. "Harder optreden tegen antisemitisme: De Joodse gemeenschap verdient een veilige plek in Nederland. We versterken de nationale aanpak tegen antisemitisme en geven de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding meer bevoegdheden en middelen. Holocaustontkenning en -bagatellisering zijn een vorm van hedendaags antisemitisme en worden stevig aangepakt. We maken de Holocaust bespreekbaar in elk klaslokaal."
  3. "Hervormen culturele basisinfrastructuur: We kijken kritisch naar het systeem van cultuursubsidies en de cultuurbasisinfrastructuur. We verlengen de subsidietermijn van vier naar acht jaar en verminderen zowel de regeldruk als een deel van de aanvraagkosten. We stimuleren zo veel mogelijk eigen inkomsten in plaats van subsidies. Daarmee maken we de culturele sector minder afhankelijk van overheidssubsidies."