Risico's van industriële bouwstoffen onderzoeken

De regering moet onderzoeken welke risico's andere secundaire bouwstoffen (industrieel restafval dat opnieuw wordt gebruikt) hebben en hoe deze voorkomen kunnen worden. Staalslakken hebben, zelfs bij strikte regels, al voor ernstige schade aan de natuur en de gezondheid gezorgd.

Motie van het lid Zalinyan c.s. over de potentiële risico's onderzoeken van secundaire bouwstoffen uit industriële restproducten

De kamer, constaterende dat staalslakken als secundaire bouwstof ook bij strikte toepassing volgens de geldende regels tot ernstige natuur- en gezondheidsschade hebben geleid; overwegende dat de gezondheidseffecten van staalslakken inmiddels beter worden onderzocht en dat toepassingsregels worden aangescherpt; verzoekt de regering om ook voor andere secundaire bouwstoffen uit industriële restproducten te onderzoeken wat de potentiële risico’s zijn en hoe deze zijn uit te sluiten.
12 mei | GL-PvdA, D66, PvdD | Aangenomen: 102–48 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 100%)

Argumenten voor: De partij erkent dat staalslakken hebben geleid tot gezondheids- en milieuschade [1][3]. Zij willen dat de gezondheid van omwonenden centraal komt te staan [2] en dat de leefomgeving schoner wordt [6]. Daarnaast pleit de partij voor een strikte hantering van het voorzorgsprincipe bij nieuwe stoffen en wil zij een inventarisatie uitvoeren naar stoffen waarvan onbekend is of ze schadelijk zijn voor mens en natuur, om situaties zoals bij PFAS te voorkomen [5]. Ook het verbeteren van onderzoeken naar gezondheidseffecten wordt genoemd [4].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Vanwege gezondheids- en milieuschade wordt het gebruik van staalslakken in de openbare ruimte verboden."
  2. "De leefomgeving van omwonenden wordt beter beschermd door de laatste inzichten over gezondheidsrisico's leidend te laten zijn in de vergunningverlening en handhaving. Gezondheid van omwonenden komt centraal te staan bij het afgeven van nieuwe vergunningen. We sturen vanuit de bescherming van de gezondheid van omwonenden, niet vanuit de maximaal toegestane emissies van bedrijven. De overheid treedt actief op als hoeder van de belangen van slachtoffers van milieuovertredingen - zoals mensen met (long)ziekten, vervuilde grond, of schade aan hun woning. Bij faillissementen worden slachtoffers als eerste vergoed; nu staan zij als schuldeisers nog achteraan in de rij."
  3. "De laatste jaren zijn er te veel incidenten met bedrijven geweest waarbij uitstoot van stoffen werd geconstateerd die schadelijk zijn voor het milieu, zoals PFAS, (ultra)fijnstof of staalslakken. De overheid moet de sociale grondrechten op het gebied van leefmilieu en volksgezondheid garanderen door zelf normen te stellen en deze te handhaven. Omgevingsdiensten en de GGD zijn onvoldoende in staat gebleken snel en adequaat te handelen. Zij moeten beter toegerust worden om schadelijke uitstoot te voorkomen, handhavend op te treden en vergunningen in te kunnen trekken. Bedrijven houden zich helaas niet vanzelf aan de regels, we gaan minder uit van zelfregulering. Leefomgeving en ruimte gaan hand in hand. Daarom voegen we milieu weer toe aan het ministerie van VRO en herstellen we het succesvolle model van het voormalige ministerie van VROM."
  4. "de onderzoeken naar gezondheidseffecten. We verbeteren de waterkwaliteit om kans te maken op herinvoering van graslandderogatie."
  5. "Aanstichters van milieuvervuiling, zoals Chemours en TATA Steel, worden aangesproken op en verantwoordelijk gehouden voor de gevolgen van de vervuiling: kosten voor reiniging en eventuele gezondheidseffecten worden op hen verhaald. Bij nieuwe stoffen wordt het voorzorgsprincipe strikt gehanteerd. Er wordt een inventarisatie uitgevoerd naar stoffen waarvan onbekend is of ze schadelijk zijn voor mens en natuur. Daarmee voorkomen we situaties zoals bij PFAS, waarbij na decennia de gevolgen bijna niet meer te overzien zijn. Bermen en struiken liggen vol met plastic verpakkingsmateriaal. Al dit plastic afval draagt bij aan de wereldwijde plasticsoep. Er wordt daarom toegewerkt naar een verbod op het gebruik van niet-afbreekbaar plastic ten behoeve van eenmalige verpakkingen."
  6. "De leefomgeving van Nederland is niet schoon genoeg. Vervuiling door de industrie, vervoer en de consument beïnvloedt dagelijks de gezondheid en het wooncomfort van duizenden Nederlanders. Bij milieukwesties hebben burgers vaak het idee dat de overheid als vergunningverlener tegenover hen staat, in plaats van hen te steunen in de strijd om een veilige en gezonde leefomgeving."