Beslismoment over regels voor voedsel en veevoer

De regering moet de Tweede Kamer een definitief beslismoment geven over de Omnibus Food and Feed (Europese regels voor voedsel en veevoer). De regering mag geen definitieve afspraken maken zonder toestemming van de Kamer. Zo kan de Kamer de kosten, voordelen en risico's van deze regels goed afwegen.

Motie van het lid Bromet c.s. over voorafgaand aan de stemmingen over de Omnibus Food and Feed de Kamer een definitief beslismoment voorleggen

De kamer, constaterende dat de Kamer via de motie-Podt/Bromet (21501–32, nr. 1744), de motie-Den Hollander/Bromet (215011–32, nr. 1771) en de motie-Kostić (21501–08, nr. 1020) voorwaarden heeft gesteld aan de Nederlandse inzet met betrekking tot de Omnibus Food and Feed; van mening dat de Kamer te allen tijde in de positie moet zijn om de kosten, baten, en risico’s die voortvloeien uit de Omnibus Food and Feed integraal af te wegen op basis van alle beschikbare informatie; verzoekt de regering om voorafgaand aan belangrijke stemmingen over de Omnibus Food and Feed de Kamer een definitief beslismoment voor te leggen, zodat zij de voor- en nadelen integraal kan afwegen; verzoekt de regering om geen onomkeerbare stappen te zetten of toezeggingen te doen in het kader van de Omnibus Food and Feed zonder dat de Kamer de kans heeft gehad zich hierover uit te spreken.
12 mei | GL-PvdA, CDA, D66, PvdD, SP, VVD | Aangenomen: 149–1 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil dat er bij ingrijpende wijzigingen meer tijd is om de gevolgen te wegen [1]. Daarnaast streeft de partij naar ruimte voor boeren om te kunnen ondernemen [2] en naar een fatsoenlijke bedrijfsvoering voor gezonde bedrijven [3], wat aansluit bij de wens van de motie om kosten, baten en risico's integraal af te wegen voordat er toezeggingen worden gedaan.

Argumenten tegen: De partij wil een motie-quotum invoeren om de 'stortvloed aan moties' te beteugelen [1], zodat het politieke debat zich kan concentreren op zaken die 'echt belangrijk' zijn [4].

Bronnen:

  1. "Om de profileringsdrang die blijkt uit de stortvloed aan moties te beteugelen, willen we een motie-quotum invoeren: een maximumaantal moties dat een fractie jaarlijks kan indienen. Ook willen we dat er meer tijd zit tussen het indienen van en stemmen over amendementen, zodat er bij ingrijpende wijzigingen meer tijd is om de gevolgen te wegen."
  2. "We moeten de komende periode een groot aantal grote vraagstukken tegelijk aanpakken. Voor boeren en vissers een eerlijke prijs voor het voedsel dat ze produceren, ruimte om te kunnen ondernemen, grond die betaalbaar is. Voor toekomstperspectief voor jonge boeren, zodat ze de transitie kunnen meemaken. De natuur moet worden versterkt, door investeringen in waterbeschikbaarheid en reductie van stikstofdepositie. In de wereldwijd erkende wetenschappelijke positie rondom landbouw en natuur blijven we investeren met overheid, kennisinstellingen en bedrijven."
  3. "Het Rijk geeft langjarig commitment om fatsoenlijke bedrijfsvoering en gezonde bedrijven mogelijk te maken. Ook milieugebruiksruimte wordt vastgesteld voor de lange termijn."
  4. "Democratisch ethos - Wij stellen orde op zaken door politiek verantwoordelijkheid te nemen en op een fatsoenlijke manier met elkaar om te gaan. In de Tweede Kamer komt een motiequotum, zodat het debat weer gaat over wat echt belangrijk is. Alle politieke partijen moeten intern democratisch georganiseerd zijn. De Eerste Kamer wordt om de drie jaar voor 38 en 37 leden verkozen en de zittingsduur wordt 6 jaar."