De regering moet in Europa zorgen voor een beter plan voor de toelating van biocontrol-middelen (natuurlijke bestrijdingsmiddelen). Het huidige voorstel is onvoldoende en brengt de veiligheid en eerlijke concurrentie in gevaar. Dit advies komt van het Ctgb, de instantie die bepaalt welke bestrijdingsmiddelen in Nederland gebruikt mogen worden.
Motie van het lid Lohman over gericht inzetten op onderzoek en ontwikkeling voor teelten en plagen waar nu nog geen effectieve alternatieven voor beschikbaar zijn
De kamer,
overwegende dat de Europese Commissie op 16 december 2025 een
pakket maatregelen heeft gepresenteerd om de toelating en toepassing
van biocontrol- en laagrisicomiddelen te versnellen, maar dat zowel het
kabinet als het Ctgb hebben aangegeven dat het voorstel op wezenlijke
punten moet worden verbeterd;
overwegende dat het Ctgb adviseert de voorgestelde risicogestuurde
herbeoordeling aan te vullen met een Europees signaleringssysteem, een
verplicht en periodiek bij te stellen werkprogramma en een koppeling
tussen de herbeoordeling van werkzame stoffen en middelen;
overwegende dat ook de EU-wetenschapstoets aandacht vraagt voor de
risico’s van het voorstel voor het beschermingsniveau en het gelijke
speelveld;
verzoekt de regering zich in Europees verband in te zetten voor een
spoedige verbetering van het Omnibusvoorstel, in lijn met het BNC-fiche
en het advies van het Ctgb;
verzoekt de regering tevens in het aanstaande convenant gewasbescherming nadrukkelijk in te zetten op niet-chemische maatregelen voor
zowel de gangbare als de biologische sector;
verzoekt de regering tevens gericht in te zetten op onderzoek en ontwikkeling voor teelten en plagen waarvoor nu nog geen effectieve alternatieven beschikbaar zijn.
Argumenten voor: De partij wil het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen tot een minimum beperken [4] en pleit voor een verbod op chemische bestrijdingsmiddelen die schadelijk kunnen zijn om gezond voedsel te garanderen [3]. Daarnaast zet de partij stevig in op de uitbreiding van de biologische landbouw [1]. De motie, die vraagt om in te zetten op niet-chemische maatregelen en de toelating van biocontrol- en laagrisicomiddelen, sluit aan bij deze doelen. Daarnaast past de oproep tot onderzoek en ontwikkeling naar alternatieven bij de wens van de partij om meer ruimte te creëren voor investeringen in kennis en innovatie [5].
Argumenten tegen: Er is weinig informatie in het programma die tegen deze motie pleit. De partij is zeer strikt in het verbieden van schadelijke middelen [3], waardoor men kritisch zou kunnen kijken naar elke versnelling van toelatingsprocedures als dit de hoge milieunormen waar de partij in Europa voor strijdt [2] in gevaar brengt.
Bronnen:
"Biologische landbouw. Biologische boeren laten al jaren zien dat het produceren van gezond en hoogwaardig voedsel met een kleine voetafdruk mogelijk is. Wij zetten daarom stevig in op uitbreiding van de biologische landbouw. We helpen boeren bij het omschakelen en geven hen een eerlijke vergoeding voor het beheren van ons landschap. Ook stimuleren we het bijmengen van biologische producten en biologische inkoop."
"Ondernemen met natuur. De boer is behalve voedselproducent ook beheerder van ons landschap. Boeren krijgen een eerlijke vergoeding voor het landschapsbeheer, bijvoorbeeld als ze werken met teeltvrije zones, kruidenrijk grasland, natuurvriendelijke oevers, water- en CO₂-opslag, weidevogelbeheer of landschapselementen. Dat maakt het voor hen aantrekkelijker om meer nadruk te leggen op natuurbeheer in de bedrijfsvoering. Overheden gaan daarom langjarige contracten aan met boeren en in Europa strijden we voor hoge milieunormen en voor Europese landbouwsubsidies die goede omgang met de natuur belonen."
"Verbod op landbouwgif. Voedsel van het land moet gezond zijn. Daarom komt er een verbod op chemische bestrijdingsmiddelen die schadelijk kunnen zijn. We verbieden per direct glyfosaat, PFAS-houdende bestrijdingsmiddelen en het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen bij lelieteelt. Ook komt er een verbod op chemische bestrijdingsmiddelen in en rondom natuur- en waterwingebieden."
"Van industriële naar duurzame landbouw. De jarenlange focus op schaalvergroting en intensivering heeft de natuur en boeren uitgeput. Het aantal boeren neemt af terwijl het aantal megastallen stijgt. Industriële landbouw is slecht voor ons klimaat, onze natuur, ons landschap, dierenwelzijn en onze gezondheid. Een groot deel van het geproduceerde eten exporteren we naar het buitenland, terwijl wij met de vervuiling blijven zitten. We passen daarom onze productiecapaciteit aan naar wat onze natuur aankan. Daarbij kiezen wij voor een grondgebonden en natuurinclusieve landbouw, waarbij het aantal landbouwdieren wordt aangepast aan de hoeveelheid veevoer die in de directe omgeving kan worden geproduceerd, en de hoeveelheid mest die daar kan worden uitgereden. Dat leidt onvermijdelijk tot een krimp van de veestapel en een einde aan de bio-industrie. Sectoren die voor het overgrote deel produceren voor de export, moeten als eerste krimpen. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest wordt tot een minimum beperkt."
"Europese begroting. De onderhandelingen over een nieuwe zevenjarenbegroting zijn van start. Een sterkere en meer gefocuste EU-begroting is nodig de komende jaren. We zetten in op hervorming van de begroting zodat er meer ruimte komt voor investeringen in kennis, innovatie, defensie en infrastructuur. We hanteren daarbij geen taboes op nieuwe inkomstenbronnen of het aangaan van gemeenschappelijke schulden. We kiezen ervoor om structureel geld vrij te maken om te investeren in de energietransitie. Daarbij hanteren we altijd begrotingsregels die zorgen voor efficiënte besteding van geld, corruptie voorkomen en geld niet uitkeren aan onrechtstatelijke regeringen."