Plannen voor regionale samenwerking

De regering moet duidelijk maken hoe plannen (strategische agenda's) met de regio's worden gemaakt. Er moet staan wie meewerkt, wanneer het start en welke regio's meedoen. Samenwerking met regio's is nodig om Nederland onafhankelijker te maken op het gebied van energie, schone industrie en voedselzekerheid.

Motie van het lid Boelsma-Hoekstra c.s. over inzichtelijk maken hoe strategische agenda's om samen met regio's grote opgaven te realiseren opgesteld worden

De kamer, constaterende dat in het coalitieakkoord is opgenomen dat de regering met strategische agenda’s zal werken om samen met de regio’s grote opgaven in een gebied integraal en gezamenlijk te realiseren; overwegende dat verschillende regio’s cruciale bijdragen kunnen leveren voor een strategisch autonomer Nederland op gebieden als energie, schone industrie, voedselzekerheid en veiligheid; overwegende dat met slimme strategische agenda’s die in gezamenlijkheid tussen verschillende ministeries, zoals BZK, Defensie, IenW, OCW en VRO, en in goed overleg met medeoverheden worden opgesteld grote stappen gezet kunnen worden; verzoekt de regering inzichtelijk te maken hoe deze strategische agenda’s opgesteld zullen worden en hoe interdepartementale betrokkenheid en regionale betrokkenheid hierbij geborgd worden, en daarbij aan te geven wanneer de eerste regio’s opgepakt zullen worden en welke regio’s zullen worden opgepakt.
13 mei | CDA, D66, GL-PvdA | Aangenomen: 124–26 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil de regionalisering van de economie bevorderen om deze veerkrachtiger te maken en minder afhankelijk van mondiale systemen [1]. Zij pleiten voor het stimuleren van lokale en regionale samenwerkingsverbanden om de afhankelijkheid van mondiale toeleveringsketens te verminderen [3]. Daarnaast zet de partij sterk in op regionale voedselvoorziening, regionale infrastructuur [5] en regionale voedselproductie [4]. De partij ondersteunt bovendien dat een ministerie gemeenten en regio's helpt bij het opstellen van regionaal beleid [6] en stelt dat een visie van de overheid op de toekomst van Nederland onmisbaar is [2].

Argumenten tegen: De partij stelt dat strategische autonomie weliswaar van belang is op Europees niveau, maar dat dit niet haalbaar is voor Nederland alleen [2].

Bronnen:

  1. "We bevorderen de regionalisering van de economie door lokale ketens, streekproducten en regionaal geldgebruik te stimuleren. Zo maken we economieen veerkrachtiger en minder afhankelijk van mondiale systemen."
  2. "We kiezen voor een economie die werkt vóór dier, mens en planeet, in plaats van ten koste van hen. Dat betekent: het maken en gebruiken van spullen binnen de draagkracht van de Aarde, met respect voor leven en toekomst. Het betekent ook dat we de economie democratiseren, en publieke voorzieningen niet langer overlaten aan de markt maar in handen van de samenleving brengen. Hiervoor zullen we ook heel duidelijke keuzes moeten maken over welke industrie wél een toekomst heeft in Nederland en welke industrie niet. Strategische autonomie is van belang op Europees niveau, maar niet haalbaar voor Nederland alleen. Er zijn sectoren, zoals staalproductie en andere energie-intensieve basisindustrie, die beter passen in landen waar meer ruimte is en goedkope groene energie. Nederland kan zich richten op hoogwaardige maakindustrie, waarvoor hier de juiste kennis, kunde en ruimte is. Een visie vanuit de overheid op hoe Nederland er in de toekomst uit zal zien is hiervoor onmisbaar."
  3. "Nederland wordt minder afhankelijk van mondiale toeleveringsketens door het stimuleren van kortere ketens en het ondersteunen van lokale en regionale samenwerkingsverbanden en gemeenschappen."
  4. "Initiatieven voor regionale voedselproductie en de verbinding tussen boer en burger worden volop gestimuleerd. Ruim baan voor stadslandbouw, voedselbossen en boerderijen waarbij burgers samen het eigenaarschap vormgeven en samenwerken met de boer."
  5. "Nederland stopt per direct met het stimuleren en exporteren van systemen en producten voor industriële landbouw zoals slachterijen, megastallen en landbouwgif. Ook het budget voor ontwikkelingssamenwerking wordt niet langer gebruikt voor het ondersteunen van de uitbreiding van activiteiten van Nederlandse landen tuinbouwbedrijven zoals rozenkwekers. In plaats daarvan wordt geïnvesteerd in regionale, agroecologische, diervriendelijke voedselvoorziening en in regionale infrastructuur."
  6. "Het nieuwe ministerie helpt gemeenten en regio's met het opstellen van (regionaal) voedselbeleid. Hiervoor komen mobiele teams. Gemeenten kunnen heel concrete maatregelen nemen, zoals ruimte maken voor voedseltuinen en stadsboerderijen, eetbaar groen aanplanten als notenbomen en bessenstruiken, en plantaardige opties bij de horeca vergroten. Door korte ketens van boer tot burger op te zetten, blijft er geen winst hangen bij tussenhandel."