De regering moet de Wet versterking regie volkshuisvesting aanpassen. De huisvesting van ex-gedetineerden moet in principe in de regio van herkomst worden geregeld. Nu is er geen afspraak over de verdeling van deze taak. Hierdoor lopen regio's met gevangenissen het risico dat zij alle verantwoordelijkheid krijgen voor de woningbouw voor ex-gedetineerden.
Motie van de leden Steen en Straatman over de regio van herkomst betrekken bij de huisvestingsbehoefte van ex-gedetineerden
De kamer,
constaterende dat woningbouwregio’s de huisvestingsbehoefte van
ex-gedetineerden in beeld moeten brengen, terwijl er geen expliciete
regeling is opgenomen voor de geografische toerekening, waardoor het
risico ontstaat dat de opgave impliciet terechtkomt bij regio’s waar
penitentiaire inrichtingen zijn gevestigd;
overwegende dat de Wet versterking regie volkshuisvesting uitgaat van
regionale samenwerking en een gezamenlijke woningbouwopgave, met
een interventieladder voor de provincie en het Rijk indien die samenwerking onvoldoende tot stand komt;
verzoekt de regering de regeling en de toelichting zo aan te passen dat
deze in overeenstemming is met de bestuurlijke afspraken over de
huisvesting van ex-gedetineerden, inhoudende dat de huisvestingsbehoefte van ex-gedetineerden in beginsel wordt betrokken bij de regio van
herkomst, tenzij daar gemotiveerd van wordt afgeweken.
Argumenten voor: De partij ziet resocialisatie van gedetineerden als een belangrijk middel om recidive te voorkomen en wil dat (ex-)gedetineerden goede begeleiding krijgen [3]. Daarnaast zet de partij zich in voor sterke regio's en wil zij dat de Rijksoverheid de belangen van de regio en haar inwoners centraal stelt, in plaats van deze te verwaarlozen [1][2]. De partij beschouwt een dak boven het hoofd als een eerste levensbehoefte [6] en hanteert het 'Housing first'-principe om dakloosheid te voorkomen en mensen te helpen bij hun herstel [4].
Argumenten tegen: Er is weinig informatie in het programma die direct gebruikt kan worden om tegen de motie te stemmen, behalve de wens van de partij voor een overheid die 'regie neemt in de volkshuisvesting' [5], wat zou kunnen wijzen op een voorkeur voor centrale sturing.
Bronnen:
"De Rijksoverheid heeft de verschillende regio's te lang aan hun lot overgelaten en soms zelfs bewust achterstanden gecreëerd. Door te weinig te investeren in werkgelegenheid, huisvesting, bereikbaarheid of het in stand houden van het voorzieningenniveau. Of door, zoals in Groningen, alleen maar te focussen op de (financiële) belangen van de Rijksoverheid, in plaats van de belangen van de regio en haar inwoners. De Rijksoverheid staat letterlijk en figuurlijk op grote afstand van de inwoners van de Veenkoloniën, Zeeuws-Vlaanderen of Twente. En dit geldt voor veel meer regio's."
"Investeringen van het Rijk moeten meer bijdragen aan sterke regio's. Het Rijk stelt met regiodeals geld beschikbaar om de kwaliteit van leven, wonen en werken in de regio te verhogen. Uitvoeringsorganisaties van het Rijk worden door heel het land gevestigd. Elke regio heeft genoeg OV, zorg- en onderwijsvoorzieningen en krijgt hiervoor geld van het Rijk. Zo houden we gebieden leefbaar. We behouden de toeslag voor kleine scholen. Hogescholen krijgen geld om kleine en kwetsbare opleidingen in de regio overeind te houden. We houden posten voor spoedeisende hulp en andere vormen van acute zorg open door het hele land."
"(Gevangenis)straffen hebben een vergeldend doel, maar zijn ook een vorm van resocialisatie. Dit vraagt een goede invulling van de straf. Vanwege de positieve effecten op gedrag en de beperking van de kans op recidive, krijgen gedetineerden waar mogelijk tijdens hun gevangenschap meer verantwoordelijkheid. We steunen reclassering op maat en vrijwilligersorganisaties zoals stichting Exodus en Gevangenenzorg Nederland die (ex-) gedetineerden begeleiden. Er komt meer ruimte voor vrijwilligerswerk in gevangenissen. We willen de negatieve impact van gevangenschap op de ouder-kind relatie zoveel mogelijk beperken. Om recidive te voorkomen wordt betere begeleiding geboden aan (ex)gedetineerden rond financiën en het oplossen of voorkomen van schulden."
"We voeren het nationaal actieplan dakloosheid uit, zodat in 2030 niemand meer op straat hoeft te slapen. Eerst een huis ('Housing first') is daarbij het uitgangspunt. Wanneer iemand een fatsoenlijk dak boven zijn hoofd heeft, kan hij of zij vanuit daar begeleid worden bij andere problemen. We voorkomen dakloosheid door te investeren in bestaanszekerheid, het bouwen van voldoende betaalbare woningen, het voorkomen van huisuitzettingen bij betalingsachterstanden en het afschaffen van de kostendelersnorm. We maken een einde aan slaapzalen in de maatschappelijke opvang omdat grootschalige opvang mensen onvoldoende rust, veiligheid en privacy biedt om tot herstel te komen. Gemeenten moeten zich inspannen om alle mensen die dakloos zijn te huisvesten, ook de niet-zichtbare daklozen omdat ze bijvoorbeeld bij vrienden op de bank slapen (EHTOS-light definitie)."
"Maar het kan anders. De ChristenUnie kiest voor een overheid die regie neemt in de volkshuisvesting om betaalbaar en toekomstbestendig te bouwen. We zorgen voor een rechtvaardiger woningmarkt die woningzoekenden en huurders niet langer benadeelt. We investeren in betaalbare woningen voor jong en oud, bouwen aan gemengde wijken en dorpen waar mensen elkaar kennen en omzien naar elkaar."
"Een eigen huis is meer dan een dak boven je hoofd. Het is de plek waar je thuiskomt na een lange dag, waar je herinneringen maakt, relaties opbouwt en je kinderen opgroeien. Een dak boven je hoofd is geen luxe, maar een eerste levensbehoefte. Toch is die basis voor steeds meer mensen onbereikbaar geworden. Jongeren blijven noodgedwongen thuis wonen, gezinnen stellen belangrijke levenskeuzes uit en senioren vinden nauwelijks een woning die past bij hun nieuwe levensfase. En het meest schrijnend: het aantal daken thuislozen stijgt alarmerend, ook onder kinderen."