De regering moet de Kamer elke zes maanden informeren over de kosten en de voortgang van het landelijke waterstofnetwerk. De Algemene Rekenkamer is kritisch op eerdere schattingen. De Kamer moet kunnen controleren of het geld goed wordt uitgegeven en of de doelen haalbaar zijn. Als de plannen niet meer kloppen, moet de regering met nieuwe voorstellen komen om bij te sturen.
Motie van de leden Boomsma en Van den Berg over de Kamer halfjaarlijks informeren over de kostenraming, voortgang en haalbaarheid van het landelijke waterstofnetwerk
De kamer,
constaterende dat de Algemene Rekenkamer kritisch is over eerdere
kostenramingen, haalbaarheid en de informatievoorziening aan de Kamer;
overwegende dat de Kamer tijdig moet kunnen controleren of publieke
middelen doelmatig worden besteed en of de gestelde doelen nog
realistisch zijn;
verzoekt de regering de Kamer halfjaarlijks te informeren over de actuele
kostenraming, voortgang en haalbaarheid van het landelijke waterstofnetwerk;
verzoekt de regering daarbij expliciet aan te geven in hoeverre de
planning, kosten en doelen (nog) haalbaar en realistisch zijn, en, indien
dat niet het geval is, voorstellen te doen voor bijsturing van die doelen.
Argumenten voor: De partij vindt dat de financiële gevolgen van 'grote plannen' aan de kiezer moeten worden voorgelegd [1]. Daarnaast wil de partij kritisch heroverwegen of het huidige beleid, zoals het klimaatbeleid, wel verstandig is [2]. De motie biedt de Kamer de informatie die nodig is om de kosten en de haalbaarheid van een groot project zoals het waterstofnetwerk te controleren, wat aansluit bij de wens om te bepalen of de huidige koers nog wel de juiste is [2]. Ook geeft de partij aan dat zij bij grote projecten prudent te werk willen gaan [3].
Argumenten tegen: Er is weinig informatie in het programma die direct tegen de motie ingaat. De partij is wel kritisch op de huidige manier van doorrekenen door het CPB [5] en stelt dat dit meer gericht is op korte-termijn 'huishoudkunde' dan op een lange-termijn visie [4]. Echter, de motie vraagt om informatie over de voortgang en kosten van een specifiek project om de Kamer in staat te stellen de doelmatigheid te controleren, wat niet direct in strijd is met hun visie.
Bronnen:
"Want hoewel het op zichzelf natuurlijk klopt, dat je het gehele klimaatbeleid - dat in vele jaren is opgebouwd, dat ten uitvoer wordt gebracht door vele bestuurslagen en verdeeld wordt over vele instanties die daarbij gebruik maken van talloze (inter)nationale subsidies en publiek-private 'investeringsfondsen' - niet zomaar in één regeerperiode, met een enkele pennenstreek, kunt afschaffen (en je in onze parlementaire democratie überhaupt slechts langzaam grote veranderingen kunt doorvoeren), vinden wij dat de financiële implicaties van dergelijke 'grote plannen' juist wél aan de kiezer zouden moeten worden voorgelegd."
"Deze zelfbeperking van het CPB vinden wij problematisch. Want het gaat ons er nu juist om, een aantal hoofdlijnen van het huidige beleid - zoals het klimaatbeleid en het sluiten van het Groninger gasveld - te heroverwegen. Wij vinden dat we ons bij verkiezingen met zijn allen moeten afvragen: was datgene wat we tot nu toe hebben gedaan eigenlijk wel zo verstandig? Of moeten we ons beleid wellicht fundamenteel herzien? Als dat soort vragen buiten de reikwijdte van het CPB vallen - wat héb je dan aan een ' doorrekening'?"
"Wanneer je het Groninger gasveld weer openstelt, de overheidsbureaucratie terugdringt en niet langer meegaat in een wezenloze proxy-oorlog tegen Rusland;
Dan hou je jaarlijks ten minste tientallen miljarden over. Praktisch onze gehele welvaart gaat al jarenlang op aan deze Grote Projecten. Wij willen stoppen het geld dat Nederlanders verdienen daaraan uit te geven.
Wij kiezen ervoor, te investeren in gewone, ouderwetse publieke taken: veiligheid, woningbouw, infrastructuur, onderwijs, zorg en voorzieningen voor de oude dag. En ook dat met mate. Want we willen belastingverlaging
en verkleining van de overheid. Omdat we geloven dat mensen in veel gevallen beter zélf kunnen beslissen wat er met hun geld moet gebeuren.
Natuurlijk zullen we daarbij prudent te werk gaan, en daar soms een berekening voor moeten maken. Het CPB mag ons adviseren wanneer we de bouw van onze nieuwe luchthaven in de Noordzee gaan financieren of wanneer we de begroting opstellen voor de aanbouw van een kerncentrale. Dan zullen we goed opletten dat we in Q1 niet bepaalde kosten alloceren die beter in Q2 gemaakt kunnen worden.
Maar waar het om gaat op 29 oktober, is onze fundamentele koers. De richting die het land uit moet. De visie die we hebben voor het Nederland van de volgende generatie.
Precies dát hebben we hieronder zo helder en duidelijk mogelijk opgeschreven. Opdat we in de harten van kiezers een vuur ontsteken, een overtuiging dat ons land nog niet verloren is en dat er een ander pad bestaat waarvoor we kunnen kiezen. Een pad van durf, dynamiek en daadkracht. Een pad dat ons land weer vrij en trots en bruisend maakt. Voor u ligt een nieuwe kans, kortom, voor Nederland.
Thierry Baudet Frederik Jansen Joris van den Oetelaar"
"Je kunt hetzelfde ook anders zeggen: de doorrekeningssystematiek van het CPB is een ambtelijk rekenmodel dat geschikt is om op korte termijn te becijferen hoeveel overheidsgeld beschikbaar komt voor bepaalde acute maatregelen. Het laat (bij benadering) zien wat er morgen gebeurt met de zorgkosten als je vandaag de orthodontist in het basispakket opneemt. Het is een vorm van huishoudkunde die nuttig kan zijn wanneer je de kwartaalbegroting opstelt - maar die we niet moeten verwarren met de visie, de hoofdrichting die we als land op willen."
"Met de huidige doorrekeningssystematiek is echter iets grondig mis. Want het Centraal Planbureau wil enkel voorstellen in overweging nemen die binnen de huidige beleidskaders vallen. Voorstellen die daadwerkelijk binnen een regeerperiode gerealiseerd kunnen worden als je uitgaat van de huidige juridische beperkingen, de internationale afspraken en de bestaande vergunningen, licenties, enzovoorts."