Controle op kosten en voortgang waterstofnetwerk

De regering moet de Kamer elke zes maanden informeren over de kosten en de voortgang van het landelijke waterstofnetwerk. De Algemene Rekenkamer is kritisch op eerdere schattingen. De Kamer moet kunnen controleren of het geld goed wordt uitgegeven en of de doelen haalbaar zijn. Als de plannen niet meer kloppen, moet de regering met nieuwe voorstellen komen om bij te sturen.

Motie van de leden Boomsma en Van den Berg over de Kamer halfjaarlijks informeren over de kostenraming, voortgang en haalbaarheid van het landelijke waterstofnetwerk

De kamer, constaterende dat de Algemene Rekenkamer kritisch is over eerdere kostenramingen, haalbaarheid en de informatievoorziening aan de Kamer; overwegende dat de Kamer tijdig moet kunnen controleren of publieke middelen doelmatig worden besteed en of de gestelde doelen nog realistisch zijn; verzoekt de regering de Kamer halfjaarlijks te informeren over de actuele kostenraming, voortgang en haalbaarheid van het landelijke waterstofnetwerk; verzoekt de regering daarbij expliciet aan te geven in hoeverre de planning, kosten en doelen (nog) haalbaar en realistisch zijn, en, indien dat niet het geval is, voorstellen te doen voor bijsturing van die doelen.
3 juni | JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil dat de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om controle uit te oefenen en dat de informatievoorziening verbeterd wordt [1]. Daarnaast stelt de partij dat zaken met impact in Nederland tijdig besproken moeten worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven [1]. De motie, die vraagt om betere informatie over de kosten en haalbaarheid van het waterstofnetwerk om deze controle en sturing mogelijk te maken, sluit hierbij aan [1].

Argumenten tegen: Er is in de verstrekte fragmenten geen informatie te vinden die een argument tegen de motie ondersteunt.

Bronnen:

  1. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."