Stimuleren van meer werkuren

De regering moet met sociale partners bespreken hoe mensen meer uren kunnen gaan werken. Het huidige systeem van toeslagen en uitkeringen zorgt er namelijk voor dat meer werken vaak niet genoeg loont. Het financiële verschil tussen niet werken en fulltime werken is nu te klein.

Motie van het lid Keijzer over met sociale partners bespreken hoe we meer werken ook meer laten lonen

De kamer, overwegende dat het huidige stelsel van toeslagen en uitkeringen in de praktijk onvoldoende prikkels bevat om meer uren te werken en in sommige gevallen zelfs ontmoedigt om (fulltime)werk te aanvaarden; overwegende dat Nederland internationaal bekendstaat als een parttimeeconomie, waarin het financiële verschil tussen niet werken, parttimewerken en fulltimewerken soms te klein is; verzoekt de regering om bij de toekomstige gesprekken met sociale partners in ieder geval te bespreken hoe mensen meer aan te moedigen om meer uren te werken en hoe werken aantoonbaar meer gaat lonen.
4 juni | Keijzer | Aangenomen: 124–26 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SP

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil dat werk weer echt loont [2][7] en stelt dat een plan voor de toekomst de mensen moet verbinden en zorgen dat werken loont [4]. Om de positie van de werkende klasse structureel te verbeteren [1], wil de partij de lonen verhogen en de belasting op arbeid verlagen [3]. Dit kan gefinancierd worden door vermogens van de allerrijksten zwaarder te belasten [8][3]. Daarnaast pleit de partij voor een forse verhoging van het minimumloon naar 18 euro per uur, waarbij ook de gekoppelde uitkeringen meestijgen [6]. Hierdoor worden uitkeringen mee laten stijgen met het minimumloon, wat de financiële kloof tussen werken en een uitkering kan beïnvloeden [5].

Argumenten tegen: De partij spreekt zich uit tegen dwangmaatregelen in de sociale zekerheid [2]. De motie vraagt echter enkel om gesprekken over hoe mensen meer uren kunnen werken en hoe werk meer gaat lonen, wat niet direct neerkomt op het inzetten van dwang. Er zijn in de tekst geen argumenten te vinden die de partij tegen het stimuleren van werk of het vergroten van het verschil tussen werken en niet werken zijn.

Bronnen:

  1. "De groei van de Nederlandse economie neemt al jaren af, terwijl we meer werken dan ooit. De werkloosheid is historisch laag en het aantal openstaande vacatures is groter dan de hoeveelheid mensen die een baan zoekt. Tegelijkertijd blijft de loonontwikkeling van werknemers achter bij de groei van vermogens en gaat een steeds groter deel van de winst naar kapitaal in plaats van arbeid. Het gevolg is toenemende ongelijkheid en een concentratie van economische en politieke macht. De afgelopen jaren verhoogden regeringen de pensioenleeftijd en maakten zij arbeid steeds onzekerder. Dit beleid is structureel onhoudbaar voor de werkende klasse. De economie van ons land vraagt volgens de SP om frisse, nieuwe en eerlijke politieke keuzes die de arbeidsproductiviteit van ons land en de positie van de werkende klasse structureel verbeteren."
  2. "5 Voor werk dat loont"
  3. "Dood geld werkt niet, werknemers wel. Zonder de werkende klasse, de grote meerderheid van Nederland die haar inkomen verdient uit arbeid, uitkering, of pensioen, zou er niets gedaan worden in Nederland. Toch wordt het voor steeds meer mensen moeilijker om rond te komen. We kiezen ervoor om de lonen te verhogen, belasting op arbeid te verlagen en dit te betalen door de vermogens van de allerrijksten te belasten. Ook winstdeling en het democratiseren van werkplekken zijn hierin belangrijke stappen. We vergroten hiermee het besteedbare inkomen van de werkende klasse en stimuleren private en overheidsinvesteringen in ons land. Dat is goed voor de economie en vermindert de ongelijkheid."
  4. "Nederland verdient een plan voor de toekomst. Een plan dat onze mensen verbindt, een einde maakt aan armoede en werken laat lonen. De afgelopen jaren zijn gekenmerkt door bedrijven die zich een steeds groter deel van de winst hebben toegeëigend en miljonairs die profiteerden van lagere belastingen. Daardoor hebben werkenden minder verdiend aan hun werk en betaalden zij bovendien een hogere belasting over hun loon. Deze spiraal van ongelijkheid gaan we breken. Waar anderen kiezen voor de enkeling, kiezen wij voor de velen. Wij kiezen voor de belangen van de werkende klasse: de grote meerderheid van Nederland die hun inkomen verdient uit arbeid, uitkering of pensioen. Wij kiezen voor een einde aan armoede, want iedereen zou in welvaart moeten leven. Hieronder lees je de belangrijkste voorstellen van ons plan voor solidariteit en tegen ongelijkheid op economisch gebied. In de rest van het verkiezingsprogramma zijn deze punten verder uitgewerkt en aangevuld."
  5. "Bestaanszekerheid is een recht. Als je niet of tijdelijk niet meer kunt werken, dan heb je recht op een goed inkomen. We garanderen een leefbaar inkomen door uitkeringen mee te laten stijgen met de verhoging van het minimumloon en de bijstand op een menswaardig niveau te brengen. Ook de AOW verhogen we hiermee, zodat iedereen een goede oude dag tegemoet kan zien. Iedereen die deels of volledig kan werken gaan we helpen een goede baan te vinden en garanderen we werk met een basisbaan met volwaardig loon."
  6. "Het wettelijk minimumloon moet omhoog. Een verhoging van het minimumloon leidt ook tot de verhoging van alle salarissen boven het minimumloon. Dit zal zorgen voor meer economische activiteit, meer innovatie, minder armoede en minder afhankelijkheid van export. We verhogen het minimumloon direct naar 18 euro per uur en er komt een wettelijke ondergrens van 60 procent van het mediane loon van voltijds werkenden. Alle gekoppelde uitkeringen stijgen mee."
  7. "Iedereen krijgt recht op een baan en begeleiding. We zorgen voor een sociaal ontwikkelbedrijf met een volwaardig loon en goede cao. We investeren in werkontwikkelbedrijven waarmee we zorgen voor minimaal 40 duizend extra banen binnen deze bedrijven. Ieder werk moet lonen, daarom komt er een nieuwe cao voor mensen op een beschutte werkplek."
  8. "Stop de subsidie voor miljardairs. In een rijk land als Nederland bestaan armoede en afbrokkelende publieke voorzieningen omdat enkelen zich te veel toe-eigenen. Op dit moment haalt de overheid 80 procent van de belastinginkomsten uit inkomstenbelasting en belasting op consumptie, zoals btw. Tegelijkertijd maken bedrijven historisch hoge winsten - van meer dan 400 miljard euro - en bezitten de miljonairs en miljardairs de helft van ons vermogen. Deze winsten en vermogens worden amper belast of zelfs gesubsidieerd. Daarom verhogen we de belasting voor het inkomen uit kapitaal naar het niveau van de inkomstenbelasting, voeren we een miljonairsbelasting in voor vermogens boven 5 miljoen euro en stoppen we met subsidies voor miljardairs. Hiermee vragen we meer van de allerrijksten en zo kunnen we de plannen voor vooruitgang betalen, publieke voorzieningen versterken, de lonen verhogen en de inkomstenbelasting verlagen."