Natuurbeheer centraal in het stikstofbeleid

De regering moet beheerplannen voor Natura 2000-gebieden (beschermde natuurgebieden) centraal stellen in het stikstofbeleid. Alleen stikstofuitstoot verminderen zorgt namelijk niet direct voor natuurherstel en lost de vergunningsproblemen niet op. De regering moet daarom met provincies afspraken maken over meer budget en beter toezicht op het natuurbeheer.

Motie van het lid Flach c.s. over afspraken met provincies over meer inzet op adequaat natuurbeheer in bestaande gebieden

De kamer, overwegende dat in het rapport Van verwarring naar verbinding wordt aangegeven dat aanpak van de ecologische problematiek in Natura 2000-gebieden primair gebaat is bij adequate beheerplannen, inclusief bijpassende stikstofparagraaf en monitoring, en uitvoering van noodzakelijke maatregelen voor instandhouding en herstel; van mening dat bij een eenzijdige focus op reductie van de stikstofuitstoot en het halen van kritische depositiewaarden de kans reƫel is dat op korte termijn geen sprake is van natuurherstel en dat de vergunningenproblematiek niet opgelost wordt; verzoekt de regering de beheerplannen voor Natura 2000-gebieden een meer centrale rol in het stikstof- en natuurbeleid te geven, met een bijpassende stikstofparagraaf; verzoekt de regering afspraken te maken met provincies over meer inzet op adequaat natuurbeheer in bestaande gebieden, inclusief voldoende budget daarvoor, en over versterking van het toezicht op de uitvoering van monitoring, beheer en herstelmaatregelen in Natura 2000-gebieden.
16 juni | SGP, BBB, CU, JA21, Keijzer |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil dat natuur wordt hersteld en met elkaar wordt verbonden [1][3]. Daarnaast wil de partij het natuurbeleid weer terugbrengen naar het Rijk en de decentralisatie naar de provincies terugdraaien [4], waarbij het Rijk de verantwoordelijkheid neemt voor de uitvoering en de besluiten niet langer bij de provincies neerlegt [6]. Dit sluit aan bij de motie die vraagt om een meer centrale rol voor beheerplannen en afspraken tussen het Rijk en de provincies.

Argumenten tegen: De motie waarschuwt voor een eenzijdige focus op de reductie van stikstofuitstoot en het halen van de kritische depositiewaarden. De partij zet echter zeer sterk in op het drastisch verminderen van de stikstofuitstoot in alle sectoren [2][7] en stelt als concreet doel dat in 2030 een groot deel van de stikstofgevoelige gebieden onder de kritische depositiewaarde moet zijn [5].

Bronnen:

  1. "Ondanks de verslechterende natuurtoestand en rechterlijke uitspraken die tot actie dwingen, kozen de vorige kabinetten voor bezuinigingen en uitstel, in plaats van structurele maatregelen. Alleen met een echte koerswijziging, gericht op het verbinden en herstellen van natuur en het aanpakken van de stikstofuitstoot bij de bron, kunnen we onze biodiversiteit behouden en versterken."
  2. "De natuur moet worden hersteld. Het vertrouwen dat de overheid rechtvaardig beleid maakt ook. Daarom is het noodzakelijk dat alle sectoren die stikstof uitstoten hun uitstoot verplicht verminderen, niet alleen de veehouderij. De maximumsnelheid moet naar beneden, de luchtvaart moet krimpen, biomassacentrales moeten dicht en de uitstoot van de industrie moet drastisch worden teruggedrongen."
  3. "Natuurgebieden die bijna onomkeerbaar zijn aangetast, worden met voorrang hersteld en zo veel mogelijk verbonden met andere natuurgebieden."
  4. "Natuurbeleid wordt weer een taak van het Rijk. De decentralisatie van het natuurbeleid naar de provincies wordt teruggedraaid."
  5. "In 2030 zijn 75% van de stikstofgevoelige gebieden onder de kritische depositiewaarde gebracht, met prioriteit voor de meest gevoelige gebieden."
  6. "Het Rijk gooit de ingrijpende besluiten die nodig zijn om uit de natuurcrisis te komen niet langer over de schutting bij de provincies. Het Rijk neemt de verantwoordelijkheid voor de reductie van het aantal dieren in de veehouderij en voert dit beleid uit."
  7. "De situatie vraagt dringend om maatregelen. Een forse krimp van het aantal dieren in de veehouderij is noodzakelijk. Maar ook andere sectoren zullen hun stikstofuitstoot fors moeten verminderen. Zo komt er een verbod op energie-opwek door het verbranden van dierlijke en houtige biomassa, worden de meest vervuilende onderdelen van Tata Steel gesloten, krimpt de Nederlandse luchtvaart, gaat Lelystad Airport niet open, stoppen we met het verbranden van buitenlands afval en gaat ook het verkeer een veel grotere bijdrage leveren."