De regering moet in de EU bevestigen dat het gemeenschappelijk visserijbeleid ook voor nieuwe EU-landen geldt. Uitzonderingen op deze regels zorgen namelijk voor oneerlijke concurrentie. Ook gaan de afspraken over duurzaamheid en toegang tot visgronden verloren.
Motie van de leden Hoogeveen en Boomsma over bevestigen dat het gemeenschappelijk visserijbeleid voor Nederland onderdeel blijft van toetredingsonderhandelingen
De kamer,
constaterende dat de Europese Commissie heeft gecommuniceerd open
te staan voor uitzonderingen op het gemeenschappelijk visserijbeleid bij
eventuele toetredingsonderhandelingen met kandidaat-lidstaten tot de
Europese Unie;
overwegende dat uitzonderingen op het gemeenschappelijk visserijbeleid
afbreuk doen aan een gelijk speelveld voor Europese vissers, aan de
gemeenschappelijke regels inzake toegang tot wateren en visgronden en
aan bestaande duurzaamheids- en kwaliteitswaarborgen;
verzoekt de regering in Europees verband te bevestigen dat voor
Nederland het gemeenschappelijk visserijbeleid, inclusief de regels inzake
toegang tot wateren en visgronden, integraal onderdeel blijft van het
EU-acquis bij toetredingsonderhandelingen met kandidaat-lidstaten.
Argumenten voor: De partij pleit voor een snelle uitbreiding van de EU [3], maar stelt expliciet dat dit proces moet gebeuren zonder de eisen te verlagen [3]. Daarnaast zet de partij sterk in op Europese samenwerking en het volgen van Europese regels en verplichtingen om de zeeën te beschermen en een duurzame visserij te waarborgen [1][2][4]. Het handhaven van het gemeenschappelijk visserijbeleid als integraal onderdeel van het EU-acquis sluit aan bij de wens om de Europese standaarden voor natuurherstel en duurzaamheid te behouden [1].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen directe argumenten om uitzonderingen op het visserijbeleid voor nieuwe lidstaten te willen. Hoewel de partij spreekt over een 'zachte landing' voor nieuwe lidstaten [5], wordt dit gecombineerd met de eis dat de standaarden en eisen niet verlaagd mogen worden tijdens het toetredingsproces [3].
Bronnen:
"Volt zet in op een natuurherstellende visserij die ecologische grenzen respecteert. We pleiten voor een Europees verbod op schadelijke visserijpraktijken zoals overbevissing. Wij ondersteunen vissers die kiezen voor duurzame methoden. In dat perspectief zetten we in op Europese samenwerking om zeegebieden effectief te beschermen en een toekomstbestendige, duurzame visserij te bereiken. Volt investeert in onderzoek naar marien herstel en eerlijke verdienmodellen voor vissers die bijdragen aan het behoud van biodiversiteit."
"Wij pleiten voor een wet die bodemtrawling en andere destructieve visserijmethoden stapsgewijs uitfaseert in alle maritiem beschermde gebieden overeenkomstig de Europese natuurbeschermingsverplichtingen. De overgang geven we vorm in samenspraak met vissers, wetenschappers en andere betrokkenen, met ruimte voor innovatie in duurzame visserij. Beheer volgens IUCN-categorie IV biedt hierbij een goede balans: bescherming van kwetsbare natuur met ruimte voor zorgvuldig gereguleerd gebruik."
"Volt wil dat Nederland zich inzet voor de hernieuwde toetreding van het Verenigd Koninkrijk. Ook dient Nederland zich actief in te zetten voor een snelle uitbreiding van de EU. Dit uit oogpunt van veiligheid en om strategische redenen. Het toetredingsproces moet sneller, maar zonder de eisen te verlagen. Daarom pleit Volt voor een stapsgewijs lidmaatschap: landen krijgen geleidelijk meer rechten naarmate ze meer voldoen aan de EU-regels. Alleen landen die de waarden van de EU steunen, kunnen kandidaat worden."
"Wij willen de zeeën beschermen door het Verdrag voor de Bescherming van de Biodiversiteit op Volle Zee (BBNJ-verdrag) snel te ratificeren. Dit baanbrekende verdrag vergroot de bescherming van mariene biodiversiteit, bevordert eerlijke toegang tot hulpbronnen op volle zee en onderstreept het belang van multilaterale samenwerking op basis van regels. Nu de EU en veel van onze Europese partners het verdrag hebben geratificeerd, kunnen wij onze milieudoelstellingen daarop afstemmen, het oceaanbeleid versterken en bijdragen aan een leefbare toekomst voor volgende generaties."
"De EU moet zich voorbereiden op een nieuwe uitbreidingsronde. Nederland en de EU moeten nú werk maken van de hervormingen die nodig zijn om vóór 2035 maximaal tien nieuwe lidstaten te kunnen verwelkomen. Dat vraagt om een toekomstbestendig budget, tijdige institutionele aanpassingen en een zachte landing voor zowel bestaande als nieuwe lidstaten. Op die manier kan uitbreiding juist zorgen voor een sterkere rechtsstaat, democratie en economie. Volt pleit daarom voor een heldere uitbreidingsstrategie inclusief duidelijke doelstellingen en tijdslijnen, met daarin in ieder geval: een Transitiefonds van 75 miljard euro, stapsgewijze toetreding, versterkte rechtsstaatswaarborgen en vroegtijdige betrokkenheid van kandidaat-lidstaten bij EU-instellingen."