Aanpak van onveiligheid op school

De regering moet een gezamenlijke aanpak maken om onveiligheid op school te voorkomen. Scholen kunnen problemen zoals online pesten of problemen thuis niet alleen oplossen. Daarom is samenwerking tussen scholen, de politie, gemeenten en de jeugdzorg nodig. Dit zorgt voor meer rust en veiligheid in de klas.

Motie van de leden Ceder en Moorman over een aanpak gericht op het voorkomen van geweld, intimidatie en sociale onveiligheid op school

De kamer, constaterende dat onveiligheid op school vaak samenhangt met problemen buiten de school, zoals online-intimidatie of radicalisering, jeugdcriminaliteit en problematische thuissituaties; overwegende dat scholen deze problematiek niet alleen kunnen oplossen en een effectieve aanpak samenwerking vraagt tussen onderwijs, jeugdzorg, gemeenten, politie en andere betrokkenen; overwegende dat preventie en vroegsignalering in de leefomgeving van kinderen en jongeren kunnen bijdragen aan meer veiligheid en rust in de klas; verzoekt de regering om samen met de betrokken departementen en lokale partners te komen tot een integrale, preventieve aanpak gericht op het voorkomen van geweld, intimidatie en sociale onveiligheid op school, met aandacht voor de rol van sociale media, de thuissituatie en andere factoren in de leefomgeving van leerlingen.
17 juni | CU | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil de pedagogische basis van ouders, school en de buurt versterken om een veilige omgeving voor kinderen te creëren [4][5]. Zij pleiten voor nauwe samenwerking tussen verschillende partijen, waaronder scholen, ouders, lokale teams, buurtorganisaties en jongerenwerkers [2]. Ook de negatieve invloeden van de digitale wereld en sociale media worden gezien als een maatschappelijke taak waarvoor preventie en een wettelijke omkadering nodig zijn [3][2]. Daarnaast wordt benadrukt dat problemen in de leefomgeving en de thuissituatie moeten worden aangepakt om de noodzaak voor individuele zorgtrajecten buiten de school te verkleinen [1][4]. Ook het makkelijker maken voor instanties om gegevens uit te wisselen ter bevordering van de veiligheid wordt ondersteund [7].

Argumenten tegen: De partij stelt dat scholen rust en ruimte moeten krijgen en dat zij niet te veel politieke eisen en wensen van de overheid op zich moeten nemen [6].

Bronnen:

  1. "Op school ontwikkelen kinderen en jongeren zich en doen ze belangrijke vaardigheden op voor het leven. Maar niet elk maatschappelijk probleem wordt opgelost door het onderwijs. We stoppen met over-diagnostisering en geven het onderwijs ruimte voor brede persoonsontwikkeling. Gemeenten, scholen en samenwerkingsverbanden werken samen aan een goede pedagogische basis, waarin pedagogische relaties worden aangegaan en op elkaar afgestemd. De pedagogische ondersteuning is binnen de school beschikbaar en wordt op een collectieve manier aangeboden en gefinancierd. Zo halen we zorg erbij in de eigen omgeving van het kind, in plaats van dat we kinderen verwijzen naar individuele zorgtrajecten buiten de school."
  2. "We investeren in nabije zorg die pedagogische relaties rond jeugd versterkt. Geen losse programma's, maar samenwerking tussen ouders, scholen, kerken en buurtorganisaties. Denk aan gezamenlijke opvoedgesprekken over thema's als social media en prestatiedruk en ondersteuning bij kinderen met onbegrepen gedrag. Kerken, scholen, lokale teams, opbouwwerkers en jongerenwerkers spelen daarin een belangrijke rol."
  3. "Voor het eerst groeit een generatie grotendeels digitaal op. Naast de positieve kanten van de digitale wereld is dit een experiment met potentieel ontwrichtende gevolgen, voor kinderen én de samenleving als geheel. Kinderen hebben het recht veilig op te groeien, ook online. De overheid doet er veel aan om kinderen in de fysieke wereld tegen gevaar en ongezonde invloeden te beschermen. Dit terwijl kinderen in de digitale wereld aan grote techbedrijven worden overgeleverd. Het terugdringen van de negatieve invloed van smartphones en social media is een zaak van de hele samenleving. De verantwoordelijkheid hoe om te gaan met smartphones en sociale media ligt in eerste instantie bij ouders, maar met duidelijke wettelijke omkadering. Dat betekent dat sociale media niet toegankelijk mogen zijn voor kinderen jonger dan 14 jaar. Adequate leeftijdsverificatie is noodzakelijk voor sociale media, platformen met expliciete content (porno, geweld), goksites, kopen van alcohol, BNPL-diensten. Ook moet het mogelijk zijn voor 18-jarigen om op een toegankelijke manier hun gegevens permanent te kunnen wissen. Sociale mediabedrijven worden verplicht hun producten minder verslavend te maken. Smartphones worden geweerd uit scholen en ouder-initiatieven zoals 'Smartphonevrij opgroeien' gestimuleerd."
  4. "De ChristenUnie wil bouwen aan liefdevolle omgevingen waarin meer kinderen gezond en veilig opgroeien, zodat zorg van buitenaf minder vaak nodig is. Vragen en twijfels horen bij opgroeien en opvoeden. Jeugdhulp heeft niet voor alle vragen van het leven een oplossing. Bovendien spelen er vaak ook andere vragen in en rond een gezin, bijvoorbeeld bij relatieproblemen, schulden of gebrek aan een netwerk. Daarom versterken we de pedagogische basis van ouders, school en buurt en lossen we de daadwerkelijke problemen (armoede, schulden, relatieproblemen) op, in plaats van kinderen de boodschap te geven dat het aan hen ligt."
  5. "Jongeren gezond laten opgroeien gaat in eerste instantie over een stabiele en gezonde basis in het eigen gezin, op school, in de buurt. Zo'n stevige basis kan hulpvragen en problemen voorkomen. Daarom investeren we in gezinnen en relaties met bijvoorbeeld makkelijk toegankelijke opvoedondersteuning en relatietherapie. We versterken de buurt met voldoende ontmoetingsplekken in de wijk, zoals speeltuinen en ontmoetingsplekken. Ook maken we ruimte voor (sport)verenigingen en cultuurparticipatie en investeren in welzijns- en jongerenwerk."
  6. "Het onderwijs staat onder druk door lerarentekorten en doordat de politiek te veel van haar eigen wensen en eisen bij de scholen neerlegt. Scholen en hoger onderwijsinstellingen ervaren te veel controle, waar juist vertrouwen gevraagd wordt. Het is van belang dat scholen rust en ruimte krijgen om hun werk te doen. Daar wordt onderwijs beter van."
  7. "Teveel volwassenen en kinderen zijn jaarlijks slachtoffer van ernstig geweld in huiselijke kring, straatintimidatie, seksueel geweld, femicide of van eerwraak. Ook worden in Nederland veel vrouwen vermoord door vaak - hun (ex-)partner. Dit is onverteerbaar. Om het tij te keren, verlagen we drempels om geweld of stalking te melden, zorgen we voor gezinsgerichte ondersteuning en opvangplaatsen voor slachtoffers, maken het voor instanties eenvoudiger om gegevens uit te wisselen ter bevordering van de veiligheid en versterken we de Centra voor Seksueel Geweld. We leren van de aanpak uit andere landen om femicide te voorkomen. Daders van huiselijk geweld en eerwraak worden streng gestraft en met begeleiding en therapie willen we spiralen en patronen van geweld, die soms van generatie op generatie worden doorgegeven, doorbreken."