Gemeenten beslissen over asielopvang

Gemeenten moeten zelf mogen beslissen of zij asielopvang bieden. De keuze voor de komst van asielzoekers is een besluit voor de gemeente zelf.

Motie van de leden Ceulemans en Diederik van Dijk over uitspreken dat het aan de gemeenten zelf is of ze asielopvang willen

De kamer, spreekt uit dat het uiteindelijk aan gemeenten zelf is om te bepalen of ze wel of geen asielopvang willen.
17 juni | JA21, SGP | Verworpen: 48–101 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij vindt dat de Rijksoverheid gemeenten ruimte en vertrouwen moet geven om hun eigen beleid te voeren [1]. Daarnaast is subsidiariteit een uitgangspunt, waarbij besluiten op een zo laag mogelijk niveau genomen moeten worden [3].

Argumenten tegen: In het programma staat dat de spreidingswet van kracht blijft om te voorzien in voldoende kleinschalige opvanglocaties [2] en dat alle gemeenten verplicht blijven om statushouders te huisvesten [2].

Bronnen:

  1. "De Rijksoverheid moet recht doen aan gemeenten als eerste overheid. Van alle overheden krijgen burgers vaak het meest te maken met de eigen gemeente, van de wieg tot het graf. Het Rijk geeft gemeenten daarom ruimte, vertrouwen en voldoende geld om hun werk te kunnen doen. De Rijksoverheid stopt met het overhevelen van taken aan gemeenten zonder toereikend budget en herstelt waar dit de afgelopen jaren is misgegaan: geen taken zonder knaken. Gemeenten worden beter gefinancierd zodat ze ruimte hebben voor eigen beleid."
  2. "We zorgen voor voldoende, kwalitatieve opvangcapaciteit die kan meebewegen met pieken en dalen in aantallen asielzoekers. Dit voorkomt geldverspilling aan dure noodlocaties, zoals in hotels of op cruiseschepen. IND en COA worden voldoende en stabiel gefinancierd voor hun taak en ondersteund bij de inrichting van een efficiëntere asielprocedure. Asielzoekers krijgen snel duidelijkheid of zij mogen blijven, zodat mensen kunnen starten met hun leven in Nederland, of terugkeren. Dit voorkomt ook dat (potentieel) afgewezenen zich hier wortelen en het daarna onmenselijk is om hen, of hun kinderen, uit te zetten. In Nederland gewortelde kinderen zetten we niet uit en krijgen recht op verblijf in Nederland. De spreidingswet blijft van kracht om te kunnen voorzien in voldoende kleinschalige opvanglocaties, passend bij de omvang van de gemeente of buurt. Ook blijven alle gemeenten verplicht om statushouders te huisvesten. Voorrang van huisvesting van statushouders kan alleen vervallen als een realistisch alternatief wordt geboden, waardoor de asielketen niet vastloopt. Overlast bij AZC's wordt bestreden, samen met gemeenten en politie. Afgewezen asielzoekers vertrekken zo snel mogelijk naar het land van herkomst. We verbeteren daarom de vertrekprocedure en de communicatie daarover met afgewezen asielzoekers. Hierover maken we afspraken met landen van herkomst. Wanneer deze landen niet in redelijkheid meewerken aan het terugnemen van hun afgewezen onderdanen, worden sancties (nationaal of in Europees verband) overwogen. We staan in voor menswaardige opvang en begeleiding van afgewezen asielmigranten, waarbij gewerkt wordt aan terugkeer. Waar dat niet mogelijk is werken we aan een duurzaam perspectief: doormigratie of legalisering van verblijf. We zijn tegen strafbaarstelling van illegaliteit en hulp aan ongedocumenteerden wordt nooit strafbaar."
  3. "Europese samenwerking begint met duidelijkheid over bevoegdheden. Het moet helder zijn waar lidstaten zelf verantwoordelijk voor zijn en waar de Europese Unie wel of niet over gaat. Voor de ChristenUnie is subsidiariteit het uitgangspunt: besluiten worden genomen op het laagst mogelijke niveau, zo dicht mogelijk bij mensen. Wij verzetten ons tegen Europese bemoeizucht op terreinen waar de EU geen mandaat heeft, zoals gezondheidszorg, medische ethiek, onderwijs of woningbouw. Zelfs wanneer Europese besluitvorming wenselijk of noodzakelijk is, blijft ruimte voor eigenheid en verschillen tussen lidstaten en regio's essentieel. Bij wijzigingen in de EU-verdragen besluit de Tweede Kamer met tweederdemeerderheid."