De regering moet bij aanvragen voor een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV: een tijdelijke vergunning om in Nederland te wonen) controleren of mensen Nederland ook echt weer willen verlaten. Nu wordt er niet gecheckt of mensen na hun verblijf echt weggaan. Dit voorkomt dat mensen, bijvoorbeeld via universiteiten, naar Nederland komen om hier te blijven terwijl dat niet de bedoeling is.
Motie van het lid Ellian over bij de beoordeling van mvv-aanvragen meenemen of er een reële verwachting is dat een vreemdeling Nederland wil of kan verlaten
De kamer,
van mening dat aanvragen voor machtigingen tot voorlopig verblijf
(mvv’s) nooit misbruikt dienen te worden om naar Nederland te kunnen
komen om vervolgens nooit meer te vertrekken, ongeacht de omvang van
het probleem;
constaterende dat er bij aanvragen voor mvv’s op dit moment niet
expliciet getoetst wordt of er een reële verwachting bestaat dat de
vreemdeling na het verstrijken van het verblijfsrecht Nederland wil of kan
verlaten;
overwegende dat het zonder zo’n toets mogelijk is voor instellingen, zoals
universiteiten, om mensen uit oorlogsgebieden naar Nederland te halen
om ideologische redenen;
overwegende dat er wel juridische ruimte bestaat om zo’n toets in te
voeren, omdat de IND bij de aanvraag voor een mvv mag toetsen aan de
geloofwaardigheid van het onderliggende verblijfsdoel;
verzoekt de Minister, de regering, om bij de beoordeling van
mvv-aanvragen, en specifiek bij de beoordeling van de geloofwaardigheid
van het onderliggende verblijfsdoel, expliciet mee te nemen of er een
reële verwachting is dat de vreemdeling Nederland wil of kan verlaten
zodra het verblijfsrecht om wat voor reden dan ook verstrijkt.
Argumenten voor: De partij stelt dat mensen die geen blijvende plek hebben in de Nederlandse samenleving en die ook terug kunnen, ook daadwerkelijk moeten terugkeren [1]. Daarnaast wordt gestreefd naar een efficiëntere asielprocedure waarbij mensen snel duidelijkheid krijgen of zij mogen blijven of moeten terugkeren [2], en wil de partij de vertrekprocedure verbeteren [2]. Het expliciet toetsen van de geloofwaardigheid van een verblijfsdoel sluit aan bij de wens om meer grip te krijgen op migratie [4].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen directe argumenten tegen het toetsen van de geloofwaardigheid van het verblijfsdoel, hoewel de partij wel benadrukt dat nieuwkomers open en gastvrij ontvangen moeten worden [3] en dat er aandacht moet zijn voor menswaardige opvang [2].
Bronnen:
"De bevolkingsgroei in Nederland wordt de laatste jaren uitsluitend veroorzaakt door migratie (studie-, arbeids-, en asielmigratie). De overheid heeft hier nauwelijks sturing aan gegeven. Waar er al beleid was, betrof dat vaak stimulerende maatregelen, zoals verengelsing van het onderwijs of het aantrekken van goedkope arbeidskrachten. Het politieke debat over migratie blijft ondertussen steken in patstellingen, oneliners en verkiezingsretoriek, zonder echte oplossingen. Migranten zijn in dat debat een economische factor, een bedreiging of een object van mededogen. De ChristenUnie ziet hen als een schepsel van God. Een mens op zoek naar een betere toekomst, werk of studie willen we recht doen. Dat kan betekenen dat iemand zich hier - al dan niet tijdelijk - mag vestigen. Maar wie geen blijvende plek heeft in de Nederlandse samenleving en ook terug kan, moet terugkeren."
"We zorgen voor voldoende, kwalitatieve opvangcapaciteit die kan meebewegen met pieken en dalen in aantallen asielzoekers. Dit voorkomt geldverspilling aan dure noodlocaties, zoals in hotels of op cruiseschepen. IND en COA worden voldoende en stabiel gefinancierd voor hun taak en ondersteund bij de inrichting van een efficiëntere asielprocedure. Asielzoekers krijgen snel duidelijkheid of zij mogen blijven, zodat mensen kunnen starten met hun leven in Nederland, of terugkeren. Dit voorkomt ook dat (potentieel) afgewezenen zich hier wortelen en het daarna onmenselijk is om hen, of hun kinderen, uit te zetten. In Nederland gewortelde kinderen zetten we niet uit en krijgen recht op verblijf in Nederland. De spreidingswet blijft van kracht om te kunnen voorzien in voldoende kleinschalige opvanglocaties, passend bij de omvang van de gemeente of buurt. Ook blijven alle gemeenten verplicht om statushouders te huisvesten. Voorrang van huisvesting van statushouders kan alleen vervallen als een realistisch alternatief wordt geboden, waardoor de asielketen niet vastloopt. Overlast bij AZC's wordt bestreden, samen met gemeenten en politie. Afgewezen asielzoekers vertrekken zo snel mogelijk naar het land van herkomst. We verbeteren daarom de vertrekprocedure en de communicatie daarover met afgewezen asielzoekers. Hierover maken we afspraken met landen van herkomst. Wanneer deze landen niet in redelijkheid meewerken aan het terugnemen van hun afgewezen onderdanen, worden sancties (nationaal of in Europees verband) overwogen. We staan in voor menswaardige opvang en begeleiding van afgewezen asielmigranten, waarbij gewerkt wordt aan terugkeer. Waar dat niet mogelijk is werken we aan een duurzaam perspectief: doormigratie of legalisering van verblijf. We zijn tegen strafbaarstelling van illegaliteit en hulp aan ongedocumenteerden wordt nooit strafbaar."
"om nieuwkomers open en gastvrij ontvangen, en zich niet af te sluiten. Tegelijk rust er op de nieuwkomers een morele plicht om in te burgeren. Dit geldt voor inburgeringsplichtigen, maar ook voor iedereen die Nederland als (tijdelijk) thuis kiest. Integratie draait niet alleen om economische bijdrage, maar vooral om het aanvaarden van de Nederlandse samenleving, inclusief onze taal, grondwettelijke bepalingen (o.a. vrijheid van meningsuiting, godsdienstvrijheid, respect voor minderheden), geschiedenis, en christelijke wortels van ons land. Het beheersen van de Nederlandse taal, ook door arbeidsmigranten, is daarbij essentieel."
"Het toezicht op de naleving van wetgeving (zoals de Wet goed verhuurderschap of de Arbowetgeving) wordt aangescherpt. Sommige sectoren bestaan in Nederland dankzij het grote aanbod van goedkope arbeidskrachten van andere EU-lidstaten of daarbuiten. In die sectoren is Nederland verslaafd aan goedkope arbeidsmigranten. Dit is niet houdbaar. De groei van laagbetaalde arbeid en het aanbod van arbeidsmigranten remt innovatie en robotisering en legt een te grote druk op voorzieningen die schaars zijn. Om meer grip te krijgen op arbeidsmigratie moet er allereerst een einde komen aan de slechte arbeidsvoorwaarden. Daarnaast zijn er aparte Schengen-afspraken en een arbeidsmigratiepact in de Europese Unie nodig. Binnen de Europese Unie pleiten we voor de invoering van tewerkstellingsvergunningen, in eerste instantie voor bepaalde sectoren zoals de bouw of uitzendsector. In Europees verband zetten we ons in om belastingvoordelen voor expats gezamenlijk af te schaffen. Werkgevers dragen bij aan integratie door te investeren in taallessen."