Meer vaste opvanglocaties voor asielzoekers

De regering moet vaste opvanglocaties voor asielzoekers realiseren. Noodopvang is namelijk veel duurder dan gewone opvang. Door over te stappen op vaste locaties kan de overheid bijna 1 miljard euro per jaar besparen. Daarnaast is vaste opvang beter voor de gezondheid en de integratie van asielzoekers in de samenleving.

Motie van het lid Struijs over streven naar het realiseren van vaste reguliere opvanglocaties

De kamer, constaterende dat een reguliere opvangplek circa € 31.900 per jaar kost en een noodopvangplek circa € 64.300, een verschil van € 32.400 per plek per jaar; constaterende dat in 2024 41% van de opvanggerechtigden in noodopvang verbleef; constaterende dat het vervangen van nood- en crisissituatienoodopvang door vaste opvanglocaties naar schatting bijna 1 miljard euro per jaar kan besparen; overwegende dat vaste opvanglocaties goedkoper en stabieler zijn dan tijdelijke noodopvang; overwegende dat vaste opvanglocaties bijdragen aan meer veiligheid, betere fysieke en mentale gezondheid van asielzoekers en betere mogelijkheden voor participatie en integratie in de lokale gemeenschap; verzoekt de regering in de toekomst maximaal te streven naar het realiseren van vaste reguliere opvanglocaties; verzoekt de regering de Kamer hierover periodiek te informeren.
17 juni | 50PLUS | Aangenomen: 107–42 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil inzetten op kleinschalige en volwaardige opvang [1]. Daarnaast wil de partij financieringsafspraken voor de lange termijn maken, wat zorgt voor meer duidelijkheid en lagere kosten [1]. De partij stelt dat het huidige systeem waarin asielzoekers continu moeten verhuizen integratie onmogelijk maakt, en wil daarom asielzoekers alvast in een azc plaatsen in de gemeente waar zij later als statushouder zullen wonen [2]. Tevens wordt kleinschaligere opvang genoemd als een manier om overlast te verminderen [3].

Argumenten tegen: De verstrekte fragmenten bevatten geen argumenten tegen het realiseren van vaste, reguliere opvanglocaties.

Bronnen:

  1. "Efficiënte procedures en eerlijke opvang. We voeren de Spreidingswet uit en kiezen zo veel mogelijk voor kleinschalige en volwaardige opvang met een open uitstraling, waar anderen, zoals buurtbewoners de mogelijkheid krijgen om naar toe te kunnen om onder andere deel te nemen aan allerlei activiteiten. Ook Nederlanders, zoals studenten en spoedzoekers, krijgen de mogelijkheid om daar te kunnen wonen en te verblijven. We maken financieringsafspraken voor de lange termijn en vragen gemeenten een ijzeren voorraad aan opvangplekken te houden. Dat is duidelijker en goedkoper voor iedereen. De IND wordt langjarig versterkt. De minister moet gebruik maken van diens discretionaire bevoegdheid in schrijnende gevallen. We onderzoeken of betere inzet van de discretionaire bevoegdheid mogelijk is, bijvoorbeeld door een commissie van experts. We investeren in de communicatie met buurtbewoners en nemen hun zorgen serieus. We waarderen vrijwilligers die een onmisbaar steentje bijdragen aan de integratie van vluchtelingen in onze samenleving. Alle opvanglocaties moeten voldoen aan humane minimumvoorwaarden, waardoor mensen de ruimte hebben om te leven, en waarbij het recht op privacy en de toegang tot publieke voorzieningen wordt gewaarborgd. In opvanglocaties wordt extra bescherming gegarandeerd voor kwetsbare groepen zoals vrouwen, LHBTQIA+-personen, alleenstaande minderjarigen en mensen met een handicap. Indien nodig komen er aparte opvanglocaties om hun veiligheid te waarborgen. We staan voor een inclusieve samenleving waarin ieder kind zich veilig kan ontwikkelen. We willen onder voorwaarden een regeling maken om de kleine groep van mensen die al langdurig als ongedocumenteerde in Nederland verblijven en kinderen die zonder documenten in Nederland zijn opgegroeid, duurzaam perspectief te bieden in lijn met art. 3. 'Internationaal Verdrag van de Rechten van het Kind (IVRK)'."
  2. "Snelle integratie. Mensen moeten al tijdens hun asielprocedure kunnen deelnemen aan de Nederlandse samenleving. Het huidige asielstelsel maakt dit onmogelijk door asielzoekers continu te laten verhuizen. We plaatsen asielzoekers daarom alvast in een azc in de gemeente waar ze, na inwilliging van hun asielverzoek, als statushouders zullen wonen. Inburgering is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Cursussen en examens worden volledig door de overheid bekostigd: de lening bij DUO wordt afgeschaft. De Onderwijsinspectie controleert de kwaliteit. We investeren in zinvolle dagbesteding en zelfontplooiing door snellere toegang tot taalonderwijs. We stimuleren daarnaast dat nieuwkomers en lokale bewoners elkaars achtergrond en gewoonten leren kennen."
  3. "Overlast aanpakken. Overlastgevende asielzoekers, vaak mensen zonder perspectief op inwilliging, ondermijnen het draagvlak voor goede asielopvang. Ze moeten na afwijzing snel terugkeren naar het land van herkomst. We spreiden deze groep asielzoekers over het land om Ter Apel en Budel te ontlasten en openen procesbeschikbaarheidslocaties om hen van straat te halen. We verminderen overlast door kleinschaligere opvang, toegang tot werk en het openen van meer aanmeldcentra. We geven gemeenten met aanmeldcentra daarnaast een aparte status onder de Politiewet, om te zorgen voor voldoende politiecapaciteit."