De regering moet zich blijven verzetten tegen het langer exporteren van WW-uitkeringen (geld voor werklozen) naar andere EU-landen. Een langere periode maakt het moeilijker om mensen naar werk te begeleiden en de uitkeringen te controleren. Daarnaast zorgt dit voor hogere kosten voor de sociale zekerheid.
Motie van het lid Schenk over zich verzetten tegen een verruiming van de exportduur van WW-uitkeringen
De kamer,
constaterende dat in Europees verband wordt voorgesteld de maximale
duur van de export van Nederlandse WW-uitkeringen naar andere
EU-lidstaten te verlengen van drie naar zes maanden;
overwegende dat een langere exportduur van WW-uitkeringen toezicht,
handhaving en begeleiding naar werk bemoeilijkt;
overwegende dat een verruiming van de exportduur tevens leidt tot
hogere uitgaven binnen de sociale zekerheid;
verzoekt de regering zich te blijven verzetten tegen verruiming van de
exportduur van WW-uitkeringen, en de Kamer voorafgaand aan belangrijke besluitvormingsmomenten te informeren over de Nederlandse inzet
en de stand van zaken van de onderhandelingen.
Argumenten voor: De partij maakt zich zorgen over de kosten en de ongelijke verdeling van de baten en lasten van arbeidsmigratie [2].
Argumenten tegen: De partij pleit voor een sociale vooruitgangsclausule in Europese verdragen om sociale rechten te beschermen [4] en stelt dat EU-burgers toegang moeten hebben tot sociale voorzieningen als zij daar recht op hebben [3]. Daarnaast wil de partij bepaalde WW-termijnen juist verlengen [1].
Bronnen:
"Verlies van werk. Wie zonder werk komt te zitten, heeft houvast nodig. De asociale verkorting van de WW draaien we terug. Wij staan voor een langdurige WW van twee jaar. We verlengen de kortdurende WW voor mensen die een half jaar hebben gewerkt, van drie naar zes maanden."
"Minder laagbetaalde arbeidsmigratie. Er worden jaarlijks steeds meer arbeidsmigranten naar Nederland gehaald. Twee derde van hen is afkomstig uit de EU. Zij hebben vaak laagbetaalde banen. De kosten en baten van arbeidsmigratie zijn niet eerlijk verdeeld. De voordelen liggen vooral bij werkgevers en de kosten bij de samenleving en de arbeidsmigrant. Zo worden te veel huizen verkamerd voor arbeidsmigranten, worden arbeidsmigranten uitgebuit met slecht werk, en ondervinden buurtbewoners overlast van overbewoning en dakloze migranten."
"Goed werkgeverschap vereist huisvesting en onderwijs van arbeidsmigranten. Goed werkgeverschap vereist huisvesting en onderwijs van arbeidsmigranten. EU-burgers die hier werken verdienen dezelfde bescherming, fatsoenlijke huisvesting, en toegang tot zorg als iedereen. De checklist gelijke behandeling EU-burgers moet in alle gemeenten bekend zijn en gebruikt worden, zodat EU-burgers toegang krijgen tot sociale voorzieningen als zij daar recht op hebben. Werkgevers zijn verantwoordelijk voor de mensen die ze van ver halen om in Nederland te werken. Dit gaat verder dan alleen de omstandigheden op de werkvloer. Daarom gaan werkgevers verplicht meebetalen aan huisvesting en onderwijs, zoals taalles, ook voor meekomende gezinsmigranten."
"Een sociaal Europa. Binnen de EU moet voldoende ruimte zijn voor publieke sturing waar dat nodig is, bijvoorbeeld op het gebied van werknemersrechten, volkshuisvesting, zorg en openbaar vervoer. We pleiten voor een sociale vooruitgangsclausule in Europese verdragen die sociale rechten beschermt. We maken regels tegen uitbuiting van arbeidsmigranten en gaan uit van hetzelfde loon in hetzelfde land. We hebben speciaal oog voor het mkb en versterken hun financieringsmogelijkheden."