De regering moet onderzoeken hoe bestuursorganen de 'verwijtbaarheid' (de mate waarin iemand iets fout doet) toepassen bij maatregelen of waarschuwingen. Dit is nodig om te zien of persoonlijke omstandigheden en het doenvermogen (wat iemand kan) goed worden meegewogen. Dit beschermt mensen met een verstandelijke beperking of psychische kwetsbaarheid tegen ongelijkheid.
Motie van het lid Ceder over in de wetsevaluatie de toepassing van het begrip "verwijtbaarheid" onderzoeken
De kamer,
constaterende dat in de wet is bepaald dat bestuursorganen bij het
opleggen van een maatregel of waarschuwing onder meer de mate van
verwijtbaarheid van de overtreding moeten betrekken;
overwegende dat voor een zorgvuldige en gelijke toepassing van de wet
van belang is dat inzicht ontstaat in de wijze waarop bestuursorganen het
begrip «verwijtbaarheid» in de praktijk invullen en toepassen;
verzoekt de regering om in de monitoring en in de wettelijk voorziene
evaluatie van deze wet in ieder geval te onderzoeken:
– op welke wijze bestuursorganen het criterium «toerekenbaarheid»
toepassen bij het opleggen van maatregelen en waarschuwingen;
– in hoeverre persoonlijke omstandigheden en doenvermogen van
belanghebbenden daarbij daadwerkelijk worden betrokken;
– welke gevolgen de toepassing van deze criteria heeft voor personen
met een verstandelijke beperking, psychische kwetsbaarheid of
anderszins verminderd doenvermogen;
– of de toepassing van het criterium «verwijtbaarheid» in de uitvoeringspraktijk en rechtspraak leidt tot voldoende rechtsbescherming en een
evenredige besluitvorming;
en de Kamer over de uitkomsten van dit onderzoek te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat de menselijke maat verplicht wordt ingebouwd in wetgeving en dat harde regels die mensen benadelen worden afgeschaft [3]. Ook pleit de partij voor een grondige toetsing van de gevolgen die wetgeving heeft op mensen [3] en voor besluiten die beter worden uitgelegd en begrijpelijker worden gemaakt [2]. Daarnaast streeft de partij naar een volledige doorlichting van overheidsinstanties op hun beleid [4] en de overheid zelf op mogelijke discriminatie [1][5].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om onderzoek naar de toepassing van het criterium «verwijtbaarheid» of de bescherming van kwetsbare groepen tegen te houden.
Bronnen:
"Beroepsmatige discriminatie door ambtenaren moet zwaarder worden bestraft en risicomodellen met afkomstgerelateerde gegevens worden verboden. De overheid licht zichzelf periodiek door op mogelijke discriminatie."
"De overheid wordt wettelijk verplicht om besluiten over mensen beter uit te leggen en begrijpelijk te maken. Bij ieder besluit wordt het vermeld indien er een risicomodel is toegepast."
"De overheid moet opnieuw uitgaan van vertrouwen in mensen. Er moet een grondige toetsing komen op de gevolgen die nieuwe wetsvoorstellen op mensen hebben. De menselijke maat wordt verplicht ingebouwd in wetgeving en harde regels die mensen benadelen worden afgeschaft."
"Volledige doorlichting van de overheid. Alle overheidsinstanties worden grondig doorgelicht op discriminerend beleid en discriminerende algoritmes."
"De overheid wordt doorgelicht op moslimhaat. Het veiligheidsbeleid en de fraudebestrijding worden doorgelicht op moslimdiscriminatie. Het plaatsen van moslims op lijsten en het wantrouwen in het beleid gaan tot het verleden behoren. De discriminatie van moslims door banken als gevolg van de WWFT wordt gestopt. Bevooroordeelde inperkingen van vrijheden bij islamitische evenementen of islamitische sprekers vinden niet meer plaats."