De regering moet de Algemene Rekenkamer laten adviseren over nieuwe manieren om infrastructuur, zoals wegen en spoor, te betalen via het Mobiliteitsfonds. Dit is nodig om de gevolgen te begrijpen voor de financiering van projecten, de wetgeving en de MIRT (de langetermijnplanning voor verkeer en vervoer).
Motie van de leden Stoffer en Grinwis over de Algemene Rekenkamer voor het IenW-begrotingsdebat laten adviseren over alternatieve vormen van financiering voor infrastructuur
De kamer,
verzoekt de regering de Algemene Rekenkamer voor het
IenW-begrotingsdebat in het najaar te laten adviseren over alternatieve
vormen van financiering van investeringen in instandhouding en aanleg
van infrastructuur, via het Mobiliteitsfonds en in aanvulling op dit fonds,
inclusief de betekenis hiervan voor de wijze waarop projecten gefinancierd worden, de MIRT-systematiek en de wetgeving.
Argumenten voor: De partij wil extra geld vrijmaken voor het Mobiliteitsfonds voor zowel onderhoud als nieuwe infrastructuur [1]. Daarnaast zet de partij in op het verbeteren en versterken van de bestaande infrastructuur en het investeren in nieuwe infrastructuur, met name in het openbaar vervoer [3], evenals extra investeringen in infrastructuur voor Bonaire [4]. De partij pleit ook voor het verkennen van nieuwe financieringsvormen voor grote transities, zoals het oprichten van een Nationale Investeringsbank en het hervormen van het Nationaal Groeifonds [5]. Tot slot benadrukt de partij dat de overheid duidelijk moet maken hoe grote ambities betaald worden [6].
Argumenten tegen: De partij wijst op de grote budgettaire uitdagingen en de noodzaak om keuzes te maken om de staatsschuld te beperken en binnen de Europese begrotingsruimte te blijven [2].
Bronnen:
"We draaien de bezuinigingen op het (regionale) openbaar vervoer terug. Ook maken we extra geld vrij voor het Mobiliteitsfonds, zodat er voldoende geld is voor beheer en onderhoud én voor nieuwe infrastructuur."
"We staan in Nederland voor een grote budgettaire opgave. Als we niets doen, loopt de staatsschuld op. Onze kinderen en kleinkinderen moeten dat betalen. Daarnaast vraagt de NAVO ons om meer geld vrij te maken voor defensie. Voor onze veiligheid zetten we ons hier vol voor in. Om onze economie blijvend te laten bloeien moeten we dus keuzes maken. We beperken de stijging van de zorgkosten. We investeren in het klimaat, in het bouwen van huizen, in het onderwijs, en in het herstel van de natuur en daarmee het doorbreken van de stikstofimpasse. De plannen van D66 blijven binnen de door Europa gestelde begrotingsruimte, zodat Nederland verantwoord investeert in de toekomst."
"D66 kiest voor mobiliteit die werkt voor iedereen: groen, dichtbij en betaalbaar. In steden én op het platteland. Zodat niemand meer vastloopt. We verbeteren en versterken de bestaande infrastructuur. We investeren in infrastructuur die nog mist, met name in het openbaar vervoer en gaan volop verder met verduurzamen. Want hoe we ons verplaatsen, bepaalt hoe vrij we zijn. Én hoe verbonden we blijven met elkaar."
"Ook vraagt de groei van het aantal inwoners op met name Bonaire om extra investeringen in infrastructuur."
"Onze ambities voor het klimaat, voor energie, technologie, innovatie, water en voor bodem vragen om durf en langetermijndenken. D66 kiest voor slimme investeringen die ons sterker, schoner en onafhankelijker maken. We willen een Nationale Investeringsbank voor grote transities. Deze publieke instelling krijgt meer middelen en een breed mandaat. Het Nationaal Groeifonds, dat we hervormen, wordt onderdeel van de Nationale Investeringsbank. Ook mkb'ers krijgen toegang. En de middelen worden beschikbaar in het hele Koninkrijk, inclusief het Caribisch deel."
"Nederland verdient een overheid die niet alleen belooft, maar levert. Een overheid die die grote uitdagingen van onze tijd durft aan te pakken - van wonen en klimaat tot onderwijs en veiligheid. Én die de menselijke maat in het oog houdt. Dat betekent dat we eerlijk zijn over de kosten van onze ambities en duidelijk maken hoe we hiervoor betalen."