Klimaatdoelen voor de luchtvaart na 2030

De regering moet concrete doelen stellen voor de luchtvaart na 2030. De Luchtvaartnota 2020–2050 bevat al CO2-plafonds, maar er zijn ook doelen nodig voor 2040 en 2050. Alleen zo kan de luchtvaart aan de klimaatdoelen voldoen en kunnen de regels juridisch worden afgedwongen.

Motie van de leden Köse en Kostić over ook toewerken naar concrete mijlpalen na 2030

De kamer, constaterende dat de Luchtvaartnota 2020–2050 als staand beleid CO2-plafonds voor de luchtvaart bevat voor de periode tot en met 2050; overwegende dat klimaatdoelen voor de luchtvaart niet stoppen in 2030 en dat ook voor 2040 en 2050 concrete en geborgde doelen nodig zijn om de luchtvaart in lijn te brengen met de klimaatopgave en juridisch afdwingbaar te maken; verzoekt de regering naast het uitwerken van borgingsinstrumenten voor het doel voor 2030 ook toe te werken naar concrete mijlpalen na 2030, rekening houdend met ontwikkelingen op Europees en mondiaal niveau.
30 juni | D66, PvdD |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil dat Schiphol krimpt en wil een normenkader voor de uitstoot van CO2 in de luchtvaart [1]. Zij zien de Europese doelstellingen en het Akkoord van Parijs als een goede basis en streven naar een hogere reductie van de uitstoot dan het minimale doel [2]. Daarnaast steunen zij het Europese plan om de uitstootrechten in het emissiehandelssysteem tegen 2040 naar nul af te bouwen [4] en willen zij de uitstoot in de luchtvaart sector aanpakken [3]. Ook erkennen zij dat het volhouden van klimaatdoelen lastiger is dan het afspreken ervan [5].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen het vaststellen van concrete klimaatdoelen voor de luchtvaart na 2030 te stemmen.

Bronnen:

  1. "Het aantal vluchten in Nederland wordt beperkt. Om te voldoen aan de rechtsbescherming van omwonenden en de stikstofuitstoot terug te brengen, zal Schiphol drastisch moeten krimpen. Er komt een nachtsluiting. Schiphol krijgt een normenkader voor uitstoot van CO2, NOx en zeer zorgwekkende stoffen. Lelystad Airport wordt niet geopend voor burgerluchtvaart. De gedane publieke en private investeringen worden ruimhartig gecompenseerd. Binnen Europa worden treinreizen aantrekkelijker gemaakt, door in Europees en internationaal verband ambitieuze afspraken te maken over een CO2-prijs voor de luchtvaart, invoering van een kerosineaccijns en afschaffen van de btw-vrijstelling op vliegtickets. Internationale treinverbindingen worden verbeterd en samen met andere Europese landen zorgen we voor één transparant systeem voor het boeken van internationale treinkaartjes. De vliegbelasting wordt enerzijds meer gebaseerd op de daadwerkelijke CO2-belasting, anderzijds komt er een opslag voor vluchten tot 1250 km om duurzamer vervoer per trein te stimuleren."
  2. "Wij zien het Akkoord van Parijs en de Europese doelstellingen die daarop zijn gebaseerd als een goede basis. Dat geldt ook voor de Nederlandse Klimaatwet waarin is vastgelegd dat we in 2030 55% CO2-reductie moeten hebben behaald ten opzichte van 1990. De ChristenUnie richt zich op een hogere reductie in 2030, zodat tegenvallers er niet direct toe leiden dat we het minimale doel niet halen. Vermindering van uitstoot in eigen land mag niet leiden tot hogere uitstoot elders. Daarom wordt bij klimaatbeleid zoveel mogelijk ingezet op een Europees gelijk speelveld, met zo min mogelijk weglek. We normeren verstandig, maken gerichte afspraken met (top)sectoren en subsidiëren innovatie, zoals via schoon- en emissieloos bouwen. In het Klimaatfonds trekken we extra geld uit voor energie-infrastructuur, zoals elektriciteits- en wartmenetten, isolatie van huizen en verduurzaming van de industrie, zodat Nederland een sterke en schone industriële sector behoudt."
  3. "De Nederlandse lucht is veel te vies. We pakken de uitstoot van schadelijke stoffen in de lucht van de industrie, mobiliteit en luchtvaart aan. Gemeenten moeten voortvarend aan de slag met het Schone Lucht Akkoord."
  4. "Om grote uitstoters te verduurzamen, steunen we het Europese plan om versneld de uitstootrechten voor broeikasgassen in het emissiehandelssysteem in 2040 naar nul af te bouwen. We blijven werk maken van maatwerkafspraken met grote, strategische bedrijven en sectoren. Bedrijven die een plan hebben om volledig te verduurzamen, krijgen steun. De nationale CO2-heffing blijft als instrument bestaan, maar zetten we voor bedrijven waar de overheid in gebreke blijft op nul. Het doel van de heffing is niet om geld op te halen. Mochten er opbrengsten zijn, dan komen die ten goede aan de industrie om de overstap van fossiele naar duurzame productiemethoden te realiseren. We maken in Europees verband werk van het normeren van de vraag, zodat er ook Europese markten zijn voor de duurzaam (en circulair) geproduceerde producten. We stimuleren waterstofinnovatie, om duurzaam opgewekte energie ook te kunnen gebruiken. Naast eigen productie en opslag in Nederland richten we ons op de import van groene waterstof uit landen waar meer ruimte is voor duurzame energieopwekking."
  5. "De klimaat- en energietransitie zit in een taaie fase. Klimaatdoelen afspreken bleek nog vrij eenvoudig, klimaatdaden stellen en volhouden blijkt een stuk ingewikkelder. Dat heeft deels te maken met de ingewikkelde internationale context, maar ook met het feit dat Nederland zijn randvoorwaarden voor vergroening van de economie niet op orde heeft: het elektriciteitsnet zit overvol, de vergunningverlening zit op slot en er is een gebrek aan goed opgeleide vakmensen. Die randvoorwaarden moeten met voorrang op orde worden gebracht, anders komen burgers en bedrijven in de knel, omdat er geen reëel handelingsperspectief is (zie ook hoofdstuk 2 'Nederland van het slot')."