De regering moet landelijke regels maken voor de kwaliteit van schoolexamens. Nu is de kwaliteit per school sterk verschillend. Een diploma moet op iedere school dezelfde waarde en betrouwbaarheid hebben.
Motie van het lid Raijer over landelijke minimale kwaliteitswaarborgen voor de totstandkoming, afname en beoordeling van schoolexamens
De kamer,
constaterende dat de kwaliteit van schoolexamens tussen scholen sterk
kan verschillen;
van mening dat een diploma op iedere school dezelfde waarde en
betrouwbaarheid moet hebben;
verzoekt de regering te komen met landelijke minimale kwaliteitswaarborgen voor de totstandkoming, afname en beoordeling van schoolexamens, met behoud van ruimte voor het eigen karakter van het
schoolexamen;
verzoekt de regering de Kamer hierover voor het einde van het schooljaar
te informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar eerlijke en gelijke kansen voor alle kinderen [3] en vindt dat de kwaliteit van onderwijs en de wetenschappelijke basis leidend moeten zijn [4].
Argumenten tegen: De partij wil dat de Onderwijsinspectie minder waarde hecht aan cijfers om afscheid te nemen van de huidige toetscultuur [1] en dat scholen de vrijheid krijgen om af te zien van standaardtoetsen indien zij op een andere manier aan de wettelijke eisen voldoen [2].
Bronnen:
"De Onderwijsinspectie gaat minder waarde hechten aan cijfers die leerlingen halen. Zo krijgen scholen de ruimte om afscheid te nemen van de toetscultuur. We moedigen het aan om breder te kijken naar de prestaties van scholen en de voortgang van leerlingen niet enkel in cijfers te vatten. De inspectie kijkt naar de ontwikkeling van leerlingen en gaat uit van vertrouwen in de onderwijsprofessional."
"Basisscholen krijgen de vrijheid af te zien van de doorstroomtoets als zij op een andere manier kunnen aantonen dat aan de wettelijke eisen is voldaan."
"Dagelijks zetten duizenden onderwijsprofessionals zich met hart en ziel in voor kinderen en jongeren. Deze kinderen en jongeren verdienen eerlijke en gelijke kansen om zich te kunnen ontplooien. Goed onderwijs speelt daarin een grote rol. Toch is dit nog steeds geen vanzelfsprekendheid. Door keuzes van vorige kabinetten is er een groot tekort aan leraren. De leraren die er nog wel zijn raken overbelast door de hoge werkdruk, de administratieve lasten én de emotionele belasting door het werk zelf. Hierdoor verlaten veel leraren het onderwijs. Commerciële bijlesbureaus springen in het gat en bieden leerlingen voor veel geld huiswerkbegeleiding en bijlessen aan. Dit is kansenongelijkheid ten top. Goed onderwijs moet voor iedereen toegankelijk zijn, rijke ouders of niet."
"Commerciële belangen zijn niet meer leidend in het ontwikkelen van leermethodes. De kwaliteit van onderwijs en de wetenschappelijke basis waarop de leermethode stoelt worden leidend. Daarnaast worden methodes op een zo duurzaam mogelijke manier ontwikkeld."