De regering moet inhoudelijke keuzes over de interpretatie van het Genocideverdrag eerst aan de Kamer voorleggen voordat zij die deelt aan het Internationaal Gerechtshof. Dit is nodig zodat de Kamer de regering kan controleren op juridische standpunten in zaken zoals de procedure tussen Zuid-Afrika en Israël.
Motie van het lid Boomsma over inbreng bij het Internationaal Gerechtshof over de interpretatie van het Genocideverdrag eerst voorleggen aan de Kamer
De kamer,
constaterende dat Nederland een verklaring tot interventie heeft
ingediend bij het Internationaal Gerechtshof in de zaak Zuid-Afrika tegen
Israël betreffende de toepassing van het Genocideverdrag;
constaterende dat Nederland daarmee een specifieke rechtsopvatting over
de interpretatie van het Genocideverdrag bij het Hof naar voren brengt,
waarbij duidelijke inhoudelijke keuzes zijn gemaakt;
overwegende dat een dergelijke keuze onderwerp dient te zijn van
parlementaire controle en debat;
overwegende dat eventuele verdere Nederlandse schriftelijke of mondelinge inbreng bij het Hof nieuwe of nadere standpunten over de interpretatie van het Genocideverdrag kan bevatten;
verzoekt de regering voortaan als Nederland voornemens is te interveniëren bij het Internationaal Gerechtshof met betrekking tot de interpretatie van het Genocideverdrag, de inhoudelijke strekking en keuzes
daarbinnen eerst voor te leggen aan de Kamer;
verzoekt de regering eventuele verdere Nederlandse inbreng in de
procedure van Zuid-Afrika tegen Israël, als de Nederlandse interventie
wordt toegelaten, voorafgaand aan indiening bij het Gerechtshof eerst
aan de Kamer voor te leggen en de Kamer voldoende gelegenheid te
bieden hierover met de regering van gedachten te wisselen.
Argumenten voor: De partij wil de bewegingsruimte van de regering en het parlement vergroten en de invloed van internationaal recht beperken, dat volgens hen de politieke beslissingsruimte van de democratie beperkt [1]. Zij willen dat verdragen niet langer automatisch boven nationale wetten staan [2] en dat internationale afspraken de nationale wetgever niet inperken [3]. Het vergroten van de parlementaire controle over internationale juridische stappen sluit aan bij hun wens om de democratische controle te versterken [4].
Argumenten tegen:
Bronnen:
"De afgelopen jaren is het evenwicht tussen democratie en rechterlijke macht scheef gegroeid. De politieke beslissingen van rechters, waaronder de Raad van State, reiken steeds verder; en steeds kleiner wordt daarmee de bewegingsruimte van regering en parlement. Dit komt onder meer door de wildgroei van 'internationaal recht' - een geheel aan 'afspraken' die via de artikelen 93 en 94 van onze Grondwet direct doorwerken in ons nationale rechtsstelsel en - daarmee - ruimte geven aan Nederlandse rechters om hun eigen politieke opvattingen - via 'rechtspraak' - aan de samenleving op te dringen."
"Schrappen van artikelen 93 en 94 van de Grondwet
We beëindigen de directe werking van internationaal recht in het Nederlandse stelsel, zodat verdragen niet langer automatisch boven onze nationale wetten staan en rechters onze nationale wetten daar ook niet langer aan kunnen 'toetsen'."
"Verdragen opzeggen
We zeggen internationale verdragen op die onze beleidsvrijheid inperken, zoals het VNvluchtelingenverdrag dat ons dwingt tot het opnemen van migranten."
"Parlementaire ondervragingscommissie voor rechters
We voeren een parlementaire ondervragingscommissie in, naar Amerikaans model, zodat de benoeming van leden van de Hoge Raad en de Raad van State democratisch gecontroleerd wordt."