De regering moet zorgen dat geld voor Leven Lang Ontwikkelen voortaan vooral naar praktisch opgeleiden en mensen in kwetsbare posities gaat. Nu gaat dit geld nog te vaak naar hoogopgeleiden die hun weg naar scholing al makkelijk vinden. Door de ondersteuning meer te richten op groepen die dit het hardst nodig hebben, worden hun kansen op de arbeidsmarkt eerlijker verdeeld.
Motie van het lid Raijer over borgen dat middelen voor LLO primair terechtkomen bij de groepen die deze het meest nodig hebben
De kamer,
constaterende dat middelen voor Leven Lang Ontwikkelen in de praktijk
vooral terechtkomen bij hoogopgeleiden, die hun weg naar scholing al
weten te vinden;
overwegende dat juist praktisch opgeleiden, laaggeletterden en mensen
in kwetsbare posities deze ondersteuning het hardst nodig hebben;
van mening dat publiek geld gericht moet worden ingezet om kansen te
vergroten voor deze groepen;
verzoekt de regering om met concrete maatregelen te komen die borgen
dat middelen voor Leven Lang Ontwikkelen primair terechtkomen bij de
groepen die deze het meest nodig hebben, en de Kamer voor het
zomerreces te informeren.
Argumenten voor: De partij stelt dat zij het volledige arbeidspotentieel wil benutten door vol in te zetten op scholing en omscholing [1], en dat zij een specifieke opleidingsstructuur voor ogen heeft voor volwassenen die hun baan hebben verloren, met extra aandacht voor ambachtslieden [2]. Dit sluit aan bij de wens om de doelgroep van de motie beter te ondersteunen.
Argumenten tegen: De partij spreekt zich expliciet uit tegen betutteling en stelt: 'Geen betutteling, maar vertrouwen in mensen om zelf de juiste keuzes te maken' [3]. De motie vraagt om overheidssturing en maatregelen om de verdeling van publiek geld voor scholing te borgen, wat door de partij geïnterpreteerd kan worden als een vorm van betutteling die de eigen keuzevrijheid beperkt.
Bronnen:
"Ons volledige arbeidspotentieel te benutten door vol in te zetten op scholing, omscholing, en het activeren van mensen die aan de kant staan."
"Volwassenen die hun werk hebben zien verdwijnen en die moeten worden omgeschoold zijn niet op hun plek in het MBO. Een opleidingsstructuur die past bij hun achtergrond en levensfase, kan ervoor zorgen dat zij tot de pensioenge -rechtigde leeftijd op de arbeidsmarkt actief blijven. Hierbij is ook aandacht voor ambachtslieden nodig."
"Geen betutteling, maar vertrouwen in mensen om zelf de juiste keuzes te maken."